Reportage

Commerciële bloedtests zijn schadelijk en bangmakerij

'Je bloed liegt niet', zeggen commerciële bloedtestbedrijven, dus laat je testen en je weet hoe het met je gezondheid is gesteld. Klopt dat? En kunnen al die ongerichte metingen echt geen kwaad? Drie wetenschapsredacteuren sturen hun bloed op.

Foto's van gevulde buisjes voor bloed en urineonderzoek. Beeld Julius Schrank

Op een bewolkte dinsdagmiddag gooi ik even voor 5 uur mijn bloed in de brievenbus. Drie buisjes, die ochtend afgetapt bij een huisartsenpraktijk in Den Haag en de hele dag meegesjouwd tussen notitieblok en lunchboterhammen omdat ze volgens de instructies vlak voor de buslichting moeten worden gepost.

Het is een experiment, een onderzoek met drie proefpersonen: ook collega's Tonie Mudde en Cor Speksnijder hebben hun bloed opgestuurd. In de webshop van het bedrijf Bloedwaardentest hebben we de 'nationale gezondheidscheck-up' besteld, een soort apk-keuring waarbij van alles wordt nagekeken, van cholesterol, glucose en natrium tot vitamines en leverenzymen. Een paar dagen later krijgen we de labuitslagen in onze mailbox en dan weten we, zo luidt de belofte, hoe onze ­gezondheid ervoor staat.

Het bedrijf in het Brabantse Best heeft de afgelopen twee jaar al van talloze klanten het bloed laten analyseren. Ze lieten uitzoeken of ze een vitaminetekort hebben of een verstoorde hormoonspiegel, bestelden de leverziekten-combi of de rusteloze-­benentest. Er zijn meer van die commerciële bloedbedrijven. Zo kunnen consumenten ook terecht op de website testje­gezondheid.nl, waar op aanvraag tal van bloedtesten worden geregeld. Kwestie van zelf aankruisen, zonder verwijzing van de huisarts. Want die is veel te terughoudend, lezen we: heb je geen klachten, dan gebeurt er niets.

Bloedonderzoek-op-verzoek voldoet aan een behoefte: steeds meer mensen willen weten hoe het met hun gezondheid is gesteld, schreef minister Schippers van Volksgezondheid in oktober aan de Tweede ­Kamer. Met een preventief medisch onderzoek houden ze daar zelf greep op. Jaarlijks worden bijna 1,5 miljoen health checks gedaan, variërend van een controle in een cardiologiecentrum, een vitaliteitsonderzoek op kosten van de werkgever tot een total body scan in een privékliniek.

Bloedtest kanker

Over vijf jaar gaan we niet alleen elk half jaar naar de tandarts, maar laten we ook ons bloed prikken op kanker. Dat bijzondere toekomstscenario schetste de Amsterdamse hoogleraar Tom Würdinger onlangs nadat hij met internationale collega's een betrouwbare bloedtest had ontwikkeld om in een zeer vroeg stadium kankercellen op te sporen. Wetenschappers zijn enthousiast over de test die de komende jaren bij een grote groep wordt beproefd. Vroege opsporing maakt de kans op een succesvolle behandeling veel groter.

Ongericht medisch onderzoek

De Gezondheidsraad waarschuwde de minister eerder voor de gevaren. Ongericht medisch onderzoek, zonder dat sprake is van klachten, kan grote ­risico's met zich meebrengen, aldus de Raad. Nutteloos en duur vervolgonderzoek bijvoorbeeld, en nodeloze ongerustheid. Maar Schippers is fan van zelfbeschikking. Wel moet van onderzoek met een medisch risico de kwaliteit gewaarborgd zijn. Het onderzoek moet deugen, de consument moet goede informatie krijgen en de privacy mag niet worden geschonden. Daarover gaat ze binnenkort gesprekken voeren.

Ongerustheid of zelfredzaamheid? Bodyscans, waarvoor Nederlanders nu nog naar Duitsland moeten, hebben een slechte naam: te vaak blijken ontdekte vlekjes loos alarm. Bloedonderzoek is goedkoper, populairder en lijkt minder verdacht. Bloed, aan- en afvoerroute van organen en weefsels, wordt beschouwd als de spiegel van onze ­gezondheid: honderden biomarkers zijn er, stoffen die vertellen wat er in ons lichaam gaande is en die worden ingezet bij diagnostische tests.

'Je bloed liegt niet', juichen commerciële bloedtestbedrijven in advertenties. Maar klopt dat wel? Wat zijn de gevolgen van zomaar onderzoek doen? Deugen de testresultaten? Wat zeggen ze over onze gezondheid? En wat voor effect hebben ze op ons gemoed?

We krijgen hulp van twee klinisch chemici van de Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde: André van Rossum en Lianne Boesten bieden aan ons bloed in een ziekenhuislab nogmaals te testen, de resultaten te vergelijken en te duiden. Ook klinisch chemicus Ron Kusters, hoogleraar economische effecten van laboratoriumdiagnostiek (Universiteit Twente), kijkt mee naar de uitslagen. Huisarts Joost Zaat, adjunct-hoofdredacteur van het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, levert commentaar, evenals Patrick Bossuyt, hoogleraar klinische epidemiologie in het AMC, die onderzoek doet naar medische testen.

'Je bloed liegt niet', juichen commerciële bloedtestbedrijven in advertenties. Maar klopt dat wel?

Privacy

Ik krijg mijn labuitslagen al binnen nog voordat ik bloed heb laten prikken. Een dag nadat ik mijn bestelling heb gedaan, vind ik in mijn mailbox een rapport en de code om dat te openen. De uitslagen zijn van een onbekende 27-jarige vrouw aan de andere kant van het land met bijna dezelfde achternaam die vier dagen eerder haar bloed heeft laten testen op schildklierhormonen en een schimmel­infectie. Met mevrouw Visser is alles in orde, lees ik. Maar belanden mijn cholesterol- en magnesiumwaarden straks misschien in de Achterhoek? Lianne Boesten en André van Rossum schudden verbijsterd het hoofd. Hier gaat meteen al iets flink mis met de privacy.

We bestellen en betalen en de postbode bezorgt ons ieder drie buisjes met een barcode in een beschermende hoes. Keus uit achthonderd prikpunten: voor de bloedafname kunnen we in het hele land terecht. We kiezen voor een huisartsenpraktijk in Den Haag, waar een vriendelijke assistent geroutineerd de buisjes vult. Binnen een uur zijn we in een naburig ziekenhuis, waar we elk nogmaals drie buisjes bloed afstaan.

Die tweede serie blijft achter in het ziekenhuislab waar het bloed nog diezelfde dag wordt geanalyseerd. Het eerste setje doen we zes uur later zelf thuis op de bus. Dat bloed maakt een flinke reis en komt, vanuit onze tas, via een verdeelpunt van PostNL en een postbus in Soest, op zijn vroegst een dag later aan in een laboratorium in Utrecht.

Twee dagen later stuurt Bloedwaardentest per mail de uitslag. Die stemt niet vrolijk: we zijn helemaal niet zo gezond als we dachten. De rode H's (te hoog) en de groene L's (te laag) in het labrapport wijzen dreigend in onze richting. Wel curieus dat ons bloed op dezelfde punten afwijkt van de normaalwaarden. Twee van ons hebben te weinig vitamine D (62 en 65 waar 75 kennelijk de ondergrens vormt). Alle drie hebben we te veel magnesium in ons bloed (van 1,04 tot 1,16 terwijl de bovengrens op 1,0 ligt) en de meegestuurde lijst met oorzaken, van nierfalen tot een overactieve bijschildklier, jaagt schrik aan. Nóg alarmerender is dat we alle drie te hoge cholesterolwaarden hebben. Collega Speksnijder suggereert om de bedrijfskantine aansprakelijk te stellen.

Een fragment uit het labrapport dat Bloedwaardentest opstuurt, met alarmerende rode H's bij drie van de vier cholesterolwaarden. Beeld x

Normale hoeveelheid magnesium

Dan komt er enige geruststelling uit het ziekenhuislab. De meting daar laat zien dat de hoeveelheid magnesium in ons bloed volstrekt normaal is. Klinisch chemicus Van Rossum legt uit dat het transport van de buisjes bloed het resultaat moet hebben beïnvloed, iets wat al jaren in de wetenschappelijke literatuur staat beschreven. 'Doordat het bloed een dag onderweg is geweest, niet is bewerkt en niet permanent is gekoeld, hebben de cellen de kans gekregen om te lekken naar het plasma waarin het magnesium wordt gemeten.' Conclusie: de testuitslag deugt niet, drie consumenten onterecht in de rats.

Verder lijken de uitslagen van Bloedwaardentest betrouwbaar, zegt Van Rossum, nadat hij de waarden heeft vergeleken met die uit het ziekenhuislab. Hij stuurt ons het overzicht: niet een cijfer is hetzelfde. Dat is niet vreemd, legt zijn collega Boesten uit. Metingen zijn elke keer anders. Uitslagen variëren met het moment van de dag en ook de meet­apparatuur zorgt voor kleine verschillen. Toch roept die variatie vragen op. Zo zijn sommige cholesterolwaarden bij de tweede meting ruim 10 procent lager. Het gevaar voor onze gezondheid is daardoor een stuk minder groot of zelfs verdwenen. Mijn ­vitamine-D-gehalte blijkt na analyse in het ziekenhuislab niet op 62 maar op 78 te liggen en dat is hoog genoeg.

Hoogleraar Bossuyt: 'Het idee achter dit soort testen is dat de getallen de waarheid spreken.' Maar zonder duiding, zegt hij, gaat de consument die wordt geconfronteerd met zijn digitale labrapport aan twijfel ten onder.

Bij drie van de vier cholesterolwaarden in mijn labrapport (het zogeheten lipidenprofiel) prijkt een rode H en met die uitslagen heb ik, volgens de toelichting van Bloedwaardentest, een verhoogd risico op hart- en vaatziekten. Ik vraag een schriftelijk consult aan. Voor 19,95 euro stuurt het bedrijf me een paar regels duiding.

De verhoogde magnesiumwaarde is 'zonder betekenis', lees ik. Fijn, waarom staat er dan een rode H bij en waarom dan een lijst met enge ziekten toevoegen? Zo'n lijst kan echt niet, zegt Van Rossum. 'De informatie klopt, maar dit soort teksten hoort richting de arts te gaan. De consument kan die vaak helemaal niet plaatsen.'

Zijn collega Boesten legt uit waarom een licht verhoogde bloedwaarde toch niet verontrustend hoeft te zijn. De onder- en bovengrenzen zijn altijd gebaseerd op de uitslagen van 95 procent van alle gezonde mensen. Zo'n 5 procent heeft een waarde die een paar procent hoger of lager ligt, maar dat maakt ze niet meteen ongezond; ze wijken alleen wat af.

Verspild bloed

100 miljoen buisjes bloed worden jaarlijks door ziekenhuizen, huisartsenlabs en trombosediensten ­afgenomen voor onderzoek bij patiënten. Dat becijferde AMC-bestuursvoorzitter en internist Marcel Levi twee jaar geleden in Medisch Contact. Een buisje bevat 5 milli­liter, maar door de ­inzet van nieuwe labtechnieken is 200 micro­liter voldoende om bloed­bepalingen te doen. Gevolg: ieder jaar wordt in Nederland een half miljoen liter bloed verspild.

Ongenuanceerd

Mijn vitamine D is verlaagd, aldus Bloedwaardentest, en kan omhoog worden gebracht met supplementen. Klopt niet, zegt hoogleraar Kusters, en hij pakt het rapport van de Gezondheidsraad erbij. Hoewel er discussie is over de juiste grenzen wordt voor vrouwen van mijn leeftijd een ondergrens van 50 aanbevolen. Ik zit op 62, en in het ziekenhuislab zelfs op 78. 'Prachtig, zeker in de herfst.' Boesten: 'Bij de meeste Nederlanders zit de hoeveelheid vitamine D in hun bloed op de grens, zeker als de zon niet meer schijnt. Daar moet je een veel genuanceerder verhaal over houden.'

En dan mijn cholesterol: Bloedwaardentest adviseert om meer mediterraan te gaan eten en meer te bewegen. Op de redactie word ik meteen goedmoedig overgeslagen bij verjaardagstraktaties. Maar hoe weten ze in Brabant nou hoe vaak ik sport (vaak) en hoe gezond ik eet (gezond)? Merkwaardig, zegt Bossuyt, dat het bloedtestbedrijf me niet adviseert om naar de huisarts te gaan. 'De huisarts kent je risicoprofiel en kan advies op maat geven. Stel nu dat jij al dertig jaar rookt, te dik bent en een torenhoge bloeddruk hebt? Dan moet er wel meer gebeuren dan elke avond een blokje om en wat meer olijfolie. Dan deugt dit advies echt niet.'

Vooruit, ik doe nog een test, een test die alle vrouwen vanaf de leeftijd van 45 à 50 jaar zouden moeten doen, lees ik, want als je weet hoe het zit met hormoonspiegels en vitamines kun je veroudering en depressie tegengaan. Voor 195 euro bestel ik het anti-ageingpakket en laat opnieuw bloed prikken. Daarvoor kan ik terecht in het ziekenhuis om de hoek, dat meedoet aan de commerciële testpraktijken. Ik doe ook een FSH-meting, want daarmee kan ik volgens de website achterhalen of ik in de overgang ben. Van Rossum fronst de wenkbrauwen: 'Alsof je met die paar bloedbepalingen kunt vaststellen hoe dat complexe proces van veroudering verloopt. De naam van dit pakket dekt de lading niet.'

De resultaten en de toelichting leiden opnieuw tot kritiek. Het testbedrijf schrijft me dat er nog geen sprake is van een te traag werkende schildklier, maar dat ik mijn schildklierhormonen wel in de gaten moet houden en het onderzoek over een paar maanden moet herhalen. Mijn vrije T4-waarde is immers iets aan de lage kant. Van Rossum en Boesten reageren verbaasd. Een wat lage T4-waarde zegt in zijn eentje erg weinig, verduidelijken ze. De waarde van een tweede hormoon, TSH, moet ook worden meegewogen en die is bij mij in orde.

Op het verkeerde been

Boesten leest de toelichting die met de anti-ageinguitslagen is meegestuurd en slaat de hand voor haar mond. 'Ik schrik hiervan. De oorzaken van een verhoogd en verlaagd cortisolgehalte kloppen niet, die horen bij testosteron. En hier lees ik dat we groeihormonen op natuurlijke wijze kunnen verhogen door aminozuren te slikken. Hiermee zet je mensen echt op het verkeerde been.'

En mijn overgang? Zaat stuurt de richtlijn van het Nederlands Huisartsen Genootschap: de hoeveelheid FSH, een hormoon dat in de hypofyse wordt gemaakt, kan niet worden gebruikt om vast te stellen of een vrouw in de overgang is. Bovendien slik ik de pil en dan heeft het geen zin om het FSH-hormoon te meten, zegt Kusters. 'Dat moet vooraf altijd worden gevraagd.' Hij zegt: 'Ze mogen bij die overgang-test wel een disclaimer zetten: geen garantie dat je onvruchtbaar bent. Anders zou je ze nog aansprakelijk kunnen stellen als je zwanger raakt.'

Van een tweede voortplantingshormoon, LH, raak ik na lezing van de toelichting nogal in de war. Met de waarde die in mijn bloed is vastgesteld, ben ik als 49-jarige opeens afgezakt tot een niveau van voor de puberteit.

Zelfmoordtest

Een psychiater die met een paar druppels bloed kan vaststellen of een patiënt risico loopt om zelfmoord te plegen: Amerikaanse wetenschappers werken aan een test die dat mogelijk zou moeten maken. In het bloed van mensen met sterke zelfmoordgedachten ontdekten zij een eiwit waarvan de concentratie is verhoogd. Ook elders wordt gezocht naar stoffen in het bloed die zekerheid kunnen geven over lastig te diagnosticeren hersenaandoeningen. Zo wordt gewerkt aan een bloedtest voor depressie, schizofrenie en posttraumatische oorlogsstress.

Pure commercie

Advertenties, acties via Groupon, 10 procent korting bij een volgende bloedtest en een verloting bij vierduizend Facebook-likes: het is pure commercie, concludeert Joost Zaat, adjunct-hoofdredacteur van het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, en toch doen huisartsenpraktijken en ziekenhuizen er volop aan mee. Een slechte zaak, vindt hij.

'We spannen ons de laatste jaren juist in om zinnig bloedonderzoek te doen, en niet meer lukraak van alles aan te vragen. Dan is dit een haakse bocht. Dit soort onderzoek is schadelijk, het is exploitatie van angst. Daar horen huisartsen en ziekenhuizen niet aan mee te doen. Het heeft met gezondheidsbevordering niks te maken.'

Rijk worden huisartsen en ziekenhuizen er niet van: de bloedafname levert iets meer dan 10 euro op, zo blijkt uit de rekening van het ziekenhuis die ik per ongeluk krijg toegestuurd. Het bloedtestbedrijf verdient er wel flink aan, rekent Van Rossum voor: de gezondheidscheck die we er hebben laten doen kost, inclusief bloedafname, 50 euro meer dan in het ziekenhuislab, de bloed­bepalingen van het anti-ageingpakket zijn zelfs 100 euro duurder dan de tarieven die door de Nederlandse Zorgautoriteit zijn vastgesteld.

Verboden is het allemaal niet: het lab dat het bloed onderzoekt, is gecertificeerd, zegt klinisch chemicus Boesten, voorzitter van de pr-commissie van de wetenschappelijke beroepsvereniging NVKC. 'Laboratoriumdiagnostiek is een onbeschermd gebied. Iedereen kan, zonder kennis van zaken, allerhande testen aanbieden.'

Artsenorganisatie KNMG heeft twee jaar geleden richtlijnen opgesteld voor bedrijven die aan preventief medisch onderzoek doen, regels waar ook Bloedwaardentest nog eens stevig naar zou moeten kijken. Volledig toezicht ontbreekt: de testen zelf worden gecontroleerd, maar de rapportage van de testuitslagen bijvoorbeeld niet.

Niet per se verkeerd

Laten we niet te bevoogdend zijn, zegt hoogleraar Kusters: mensen willen graag zelf de regie voeren over hun gezondheid en die trend gaat niet meer weg. 'Het is niet per se verkeerd, zo'n zelftest. Je kunt er ziektes mee monitoren, zoals diabetespatiënten dagelijks doen, en aandoeningen opsporen en soms erger voorkomen. Maar dan moet je de klant wel de juiste vragen stellen, de kwaliteit op orde hebben en niet ongenuanceerd wat getallen op de mail zetten.'

Het kan geen kwaad, zegt ook Bossuyt, als ouderen eens per jaar hun bloeddruk laten meten en glucose en cholesterol laten testen. Maar dan wel via de huisarts. Klachtenpatroon, leeftijd, leefstijl, familiegeschiedenis, al die gegevens zijn nodig om een bloedwaarde te kunnen duiden. 'Het is ons vak om mee te denken met de arts die bloedonderzoek aanvraagt en om de uitslagen te bespreken', zegt klinisch chemicus Van Rossum. 'Een getal kan veel zeggen, maar veel ook niet.'

Er bestaat zoiets als PTTS, een posttraumatisch testsyndroom, schreven Schotse artsen twee jaar geleden in vakblad JAMA: lukraak testen bij mensen zonder klachten en risico's levert enorm veel fout-positieve uitslagen op, wat leidt tot onnodige ongerustheid. Omgekeerd zegt een goede uitslag niet alles, weet Bossuyt. 'Het lijkt zo'n geruststellende uitspraak: je bloed is goed. Maar dat ­betekent niet dat je gezond bent. Er zijn heel veel aandoeningen die je niet terugvindt in je bloed.' De ­reclame­slogan van de commerciële testbedrijven blijkt onzin: bloed kan heel goed liegen.

Hoogleraar Bossuyt vertelt dat de denkbeelden over medische testen nog altijd achterlopen. 'De nadelen ervan zijn moeilijk uit te leggen, het wil er bij veel mensen niet in dat je met een uitslag slechter af kunt zijn. Maar een medische test kan, net als een geneesmiddel, ook bijwerkingen hebben.' Er is een enorme markt voor ongerustheid, zegt Bossuyt, een dunne scheidslijn tussen informeren en bang maken.

Bloedwaardentest past informatie aan

Ellen van Gijsel, de manager van Bloedwaardentest, schrijft in een reactie dat haar website zich richt op een specifieke doelgroep: 'Gezonde mensen die hun gezondheid willen verbeteren door het monitoren van hun bloedwaarden.' Het bedrijf heeft na vragen van de Volkskrant informatie op de site en in de toelichtende brieven aangepast. De verkeerde passages over testosteron zijn verwijderd, evenals het ondeugdelijke advies om groeihormoon aan te vullen via aminozuren. Het schriftelijk consult is uit het assortiment geschrapt. 'We bieden alleen nog een telefonisch consult aan. Dan kan de klinisch chemicus navraag doen naar persoonlijke omstandigheden.' Bij de magnesiumtest, die door het transport van bloed ten onrechte te hoge waarden aangeeft, komt een toelichting te staan: bij bloed dat is opgestuurd, mag van de uitslag 15 procent worden afgetrokken. 'Als bloed 24 uur onafgedraaid is, kan de magnesiumwaarde stijgen. Zolang de waarde niet boven de 1,15 uitkomt was hij oorspronkelijk net normaal.' Van Gijsel erkent dat een FSH-test beter niet kan worden gebruikt om de overgang vast te stellen. De wervende tekst 'Ben ik in de overgang?' wordt verwijderd. De lage LH-waarde, die mij voor de puberteit deed uitkomen, duidt niet op een ziekte, schrijft ze, maar kan worden veroorzaakt door pilgebruik. Het bedrijf zal duidelijk maken dat de pil invloed heeft op de bloedwaarden, 'zodat daar geen misverstanden meer over kunnen ontstaan.' De ondergrens van vitamine D, die bij haar ­bedrijf hoger ligt dan de ­Gezondheidsraad aangeeft, is 'een streefwaarde'. Het alarmerende advies over mijn schildklier heeft ze 'ingekocht' van een klinisch chemicus. 'Het zou best kunnen dat adviezen van verschillende deskundigen niet helemaal overeenkomen.' 'Wat vervelend', schrijft ze tenslotte over de privacykwestie. 'Onze nieuwe medewerker heeft abusievelijk de naam van mevrouw Visser verward met de uitslag van mevrouw De Visser. Bij het versturen van de uitslag moet worden gecontroleerd of naam en geboortedatum overeenkomen met die op het bestelformulier. Deze controle is in dit uitzonderlijke geval niet goed gedaan.'

Ongerustheid vs. gezondheidswinst

'Je moet mensen beschermen. Prima dat jij en ik een weegschaal kopen om ons gewicht binnen de perken te houden of een stappenteller die vertelt of we genoeg bewegen. Die uitslagen kunnen we goed interpreteren. Maar dat geldt niet voor cholesterol en magnesium. Ik vind het geen goede zaak dat consumenten zomaar toegang hebben tot labs zonder tussenkomst van de huisarts. Dat moeten we verbieden. De ongerustheid neemt meer toe dan de gezondheidswinst die ermee wordt geboekt.'

Klinisch chemicus Lianne Boesten zegt: 'We zijn een overgereguleerd land, maar als de diagnostiek in onjuiste handen komt, kan dat risico's met zich meebrengen. Consumenten moeten worden geholpen bij de interpretatie van uitslagen.'

'En, weet je nu hoe je eraan toe bent?', vraagt huisarts Joost Zaat nieuwsgierig. Collega's Mudde en Speksnijder zijn door het ziekenhuisonderzoek al gerustgesteld, maar mijn cholesterol was het hoogste van allemaal. Nu lijd ik aan ongerustheid. Ik maak een afspraak bij mijn huisarts. Dat gebeurt vaak, zo blijkt uit een rapport dat minister Schippers vorig jaar liet opstellen. Jaarlijks melden zich 700 duizend mensen bij de huisarts nadat ze een preventief zelfonderzoek hebben gedaan. Huisartsen schatten dat ze in ruim de helft van de gevallen opnieuw onderzoek doen of patiënten voor de zekerheid doorsturen naar het ziekenhuis.

Zo worden naar schatting ieder jaar 66 duizend glucosemetingen, 30 duizend cholesterolbepalingen en 23 duizend nieuwe bloedonderzoeken gedaan. Van alle mensen die na een gezondheidscheck een verontrustende uitslag krijgen, wordt uiteindelijk slechts 10 procent behandeld. Meestal voor aandoeningen als hoge bloeddruk of diabetes. Bij al die andere honderdduizenden mensen leiden gezondheidschecks tot een enorme hoeveelheid overbodige zorg, zo valt te lezen.

Niets aan de hand

Maar wat als ik nu bij die 10 procent zit? Die kans is gering, met mijn risico­profiel, zegt Zaat: 'Als je mijn patiënt was, zou ik zeggen: Gut, Ellen, waarom heb je dit onderzoek laten doen?' Dat zegt mijn eigen huisarts ook, maar ze stuurt me voor de zekerheid toch naar het ziekenhuis. Drie maanden na de eerste bloedtest zit ik op een dinsdagmorgen weer op de prikpoli. Twee dagen later bel ik voor de uitslag. Mijn cholesterol blijkt 2 punten lager dan bij de commer­ciële test, mijn slechte LDL-cholesterol 1,5 punt lager. Prachtige score, niets aan de hand, meldt de assistente opgewekt.

Wat er wel aan de hand was? Dat is onduidelijk, zegt klinisch chemicus Van Rossum. 'Het grote verschil maakt vooral duidelijk dat je voorzichtig moet zijn met heftige conclusies, zeker als je het verhaal erachter niet kent.' Zijn collega Boesten zegt: 'Als je twintig testen doet bij een gezond individu is er altijd wel een afwijkend.'

Ik denk aan de woorden van de Amerikaanse hoogleraar Gilbert Welch in The New York Times: 'If you feel o.k., maybe you are o.k.'

Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden