Column: Hoezo omstreden?

Columnist Jelle Reumer opende maandag het Volkskrant Kennis-Café met de vraag wat er eigenlijk zo omstreden is aan stamcellen...

Het Kenniscafé heeft vanavond Christine Mummery uitgenodigd om ons te komen vertellen (ik citeer nu de website van de Volkskrant) “over stamcellen, wat het stamcelonderzoek allemaal inhoudt, waar morele en ethische grenzen liggen en hoe je je als onderzoeker in dit omstreden onderzoeksveld beweegt.”

U begrijpt al meteen dat het vanavond wel goed komt. We worden uitgenodigd om kennis te nemen van ‘een omstreden onderzoeksveld’. Dan denk je in eerste instantie, wow! het zal wel gaan over de fabricage van atoombommen in Iran, of over een Colombiaans onderzoek om cocaïne nog sneller uit de cocabladeren te extraheren. Dergelijke dingen zou ik persoonlijk graag rangschikken onder de noemer omstreden onderzoek. Maar daar gaat het vanavond helemaal niet over. Het gaat over zoiets ogenschijnlijk saais als stamcellen en wat je er mee kunt doen. En hoe je er aan komt.

Stamcelonderzoek is doodgewoon onderzoek. En stamcelonderzoekers zijn volstrekt gewone onderzoekers, dat kunt u straks zelf ook waarnemen. Stamcelonderzoek is a priori net zo spannend of net zo saai als onderzoek naar fossiele ammonieten, naar de 3D-structuur van een enzym, of naar het gebruik van het onbepaald voornaamwoord in de poëzie van Goethe. Allemaal niet omstreden.

Het is ook niet omstreden wat een stamcel is. Stamcellen zijn cellen die zich onder invloed van specifieke groeifactoren kunnen ontwikkelen tot elk willekeurig type cel of weefsel (deze definitie komt van de concurrent, de NRC Handelsblad scholierenkrant).

Een stamcel is dus zoiets als een maagdelijke klont boetseerklei zoals je die kunt kopen bij de winkel in handenarbeidartikelen. Onder invloed van de scheppende vermogens van een beeldhouwer of pottenbakker kan er een asbak, een bloemenvaas, een herdenkingstegel of een model van de denker van Auguste Rodin van worden gemaakt, of zelfs een heel nieuw beeldhouwwerk dat je vervolgens in brons laat afgieten. Het bronzen beeld en de asbak doen helemaal niet meer denken aan de klont boetseerklei maar komen er uiteindelijk wel uit voort.

Zo gaat het ook met stamcellen. Je kunt er een hartcel van maken, een bloedcel of een spiercel en je kunt ze gebruiken om Alzheimer te genezen, of suikerziekte, of Parkinson of om dat althans in de toekomst wellicht te kunnen doen. Het gebruiken van cellen om Alzheimer of andere ernstige of levensbedreigende ziekten te genezen is ook niet omstreden, althans, niet meer dan het krijgen van een polioprik, wat alleen in Hardinxveld-Giessendam en Staphorst enige weerstand kan oproepen.

Waar liggen dan wel de morele en ethische grenzen? Niet bij de definitie en nauwelijks bij het gebruik, dan moeten ze dus wel bij het fabricageproces liggen. Hoe kom je aan een goeie stamcel? Een stamcel - nogmaals - is een cel die in theorie nog alles kan gaan worden. De ultieme stamcel is dus de bevruchte eicel: dat is één cel die binnen de kortste keren en onder invloed van groeifactoren en HOX-genes zal gaan uitgroeien tot spier, bot, bloed, zenuw, huid, lever, darm en trommelvlies. Een bevruchte eicel heb je niet zomaar te pakken, maar losse eicellen gaat nog wel, en de zaadcellen die nodig zijn om de eicellen te bevruchten zijn uiteraard ruimschoots leverbaar.

Maar dan begint ook meteen de heisa. Want een bevruchte eicel, of een zich delende eicel, of een embryo in het 32-cellig blastula stadium of nog verder gedeeld, van de diersoort Homo sapiens, is wellicht te beschouwen als een mens, weliswaar hééééél klein en nog onontwikkeld, maar toch is het een mens in wording. Mogen we zomaar een mens in wording benutten om er stamcellen uit te oogsten? Ook al is dat embryo niet meer dan de collateral damage van het IVF circus? Gelukkig, tegenwoordig kunnen er ook stamcellen worden gehaald uit dode embryo’s, dat wil zeggen uit embryo’s die geen celdeling meer vertonen, want zoiets als hersendood - een criterium bij orgaandonatie - is bij een embryo natuurlijk nog niet aan de orde. En informed consent dus al evenmin. Mag dat wel?

Je komt zo dus in de glijdende schalen van de definities terecht. Een glibberige wereld. Wanneer is een embryo een mens en wanneer nog niet? Mag je een levend embryo opofferen? Ook al is het feitelijk afval van de IVF kliniek? Is een dood embryo dan beter? Mag je wel stamcellen kweken uit huidcellen, of ben je dan aan het kloneren? Stamcelonderzoek wordt in sommige kringen gelijk gesteld aan het vernietigen van menselijk leven. Of aan het klooien ermee. Maar als je er uiteindelijk ander leven mee redt - per definitie is dat tijdelijk -, is het dan wel goed? Wat is het verschil tussen een ingespoten soepje met stamcellen aan de ene kant, en aan de andere kant een geïmplanteerd donorhart of donornier (wat intussen iedereen wel zo’n beetje goed vindt zolang het maar geen varkensorgaan is in een islamitische patiënt)?

Kortom, we zijn aan het glijden en glibberen op de achtbaan van de ethiek, en voor je het weet hebben we het domein van de wetenschap verlaten en zijn we beland in de domeinen van het geloof.

Al zoekende op het internet - want ik ben geen stamceldeskundige - kwam ik op de website stamcel.org, die na enig speuren een vaag-zwevende christelijk-spirituele webstek blijkt te zijn, maar verpakt als wetenschapsvoorlichting. En daar kwam ik er eindelijk achter wat er mis is in de wereld. Heren, als wij zouden ophouden met ejaculeren zijn de problemen voorbij. Ik citeer:

Aan de basis van een goed functionerend immuunsysteem staat een populatie universele stamcellen die zich in het beenmerg bevinden.

Aan de basis van de spermatogenese, dit is het proces van zaadvorming in de testes (ballen) van de man, staat een stamcelpopulatie van A-spermatogonia die zichzelf door deling in stand houden en zich uiteindelijk ontwikkelen tot spermiën (zaadcellen). De testes dankt z'n stamcelpopulatie eveneens aan het beenmerg.

Dus door te ejaculeren spuit je je stamcellen er uit !

Alle energie gaat naar de geslachtsklieren in plaats dat het wordt verdeeld onder het immuunsysteem en andere regelsystemen van het lichaam, en gaat zo verloren. Kort en bondig samengevat: seks heeft een negatief effect op het immuunsysteem en dus op je gezondheid.

(einde citaat)

Genoeg onzin. Laten we ons hier in deze nieuwe stamkroeg maar storten op de stamcel. En gaan kijken naar de realiteit van het onderzoek hier in het Utrechtse Hubrechtlab. Omstreden kennelijk. Het feit dat president George W. Bush er falikant op tegen is, kan slechts als een aanbeveling gelden om er aan deze kant van de oceaan, met een minister van Onderwijs en Wetenschap die deze keer wél weet waar het over gaat, met veel ijver aan verder te werken.

Jelle Reumer is directeur van het Natuur Museum Rotterdam en hoogleraar zoogdierpaleontologie aan de Universiteit Utrecht

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.