Brandgans neemt desnoods andere ouders

Brandganzen hebben er baat bij op te groeien in een groot gezin. Die veroveren de beste voedselplekken en de jongen vallen minder vaak ten prooi aan hongerige poolvossen....

ALS JONGE brandgans kun je het beste opgroeien in een groot gezin. Ouders van grote gezinnen winnen meer gevechten om de beste eetplaatsen dan ouders met weinig kuikens. Dus heb je als jong in een grote familie de meeste kans dat je gaat behoren tot de grote, sterke vogels die in de kolonie de dienst uitmaken. Er zijn zelfs kuikens die uit kleine gezinnen overstappen naar een groot.

Ziedaar enkele opmerkelijke conclusies van de Groningse bioloog M. Loonen. Tien jaar lang heeft hij in het noordelijkste dorp ter wereld, Ny Alesund op Spitsbergen, de brandgans (Branta leucopsis) onderzocht. In acht opeenvolgende jaren volgde hij de ganzen van begin juli, wanneer de jongen uit het ei kruipen, tot begin september wanneer ze beginnen te trekken naar hun overwinteringsplaatsen in Schotland en Engeland. Loonen promoveert op 3 november in Groningen op zijn studie. Hij spreekt volgende week tijdens de internationale ganzendagen in Zwolle.

In die acht jaar zag Loonen 'zijn' kolonie groeien van 196 volwassen vogels in 1990 tot 783 dit jaar. Hij heeft ze in die jaren intensief bestudeerd. Zo hield hij bij hoeveel jongen er uit het ei kwamen, hoeveel er de zomer overleefden en hoeveel er het jaar daarna weer op Spitsbergen terugkwamen. Elke gans in de kolonie kreeg hij in een zomer gemiddeld twaalf keer te zien.

Loonen weet kortom ongeveer alles wat een mens maar over brandganzen kan weten. Toch heeft deze soort ook voor hem nog geheimen. Waarom, bijvoorbeeld, is er geen gemiddelde brandgans? Je hebt sterke en zwakke dieren, grote en kleine, kanjers en kneuzen. 10 Procent van de volwassen vogels, de kanjers, brengt bijna de helft van alle jongen voort. 43 Procent van de volwassenen, de kneuzen, krijgt nooit jongen. Een vogel die zijn eerste zomer als zwak kuiken overleeft, haalt die achterstand nooit meer in.

Het moet iets met de broedgebieden te maken hebben, veronderstelde Loonen. Net als andere ganzensoorten is de brandgans de laatste decennia sterk toegenomen. Er zijn nu meer brandganzen dan er ooit zijn geweest. Dat komt vooral doordat in de overwinteringsgebieden de kwaliteit van gras is verbeterd door het gebruik van kunstmest. Ook is de jachtdruk verminderd en is voor sommige soorten zelfs bijna verdwenen. In de broedgebieden zijn er bovendien in de jaren zestig en zeventig veel warme jaren geweest.

Er zijn vier grote populaties brandganzen: 20 duizend op enkele eilanden in de Oostzee, 23 duizend op Spitsbergen, 40 duizend op Groenland en 210 duizend in Siberië. Ook in Nederland broeden enkele paren. De sterk gegroeide aantallen leidden in de broedgebieden tot toenemende voedselconcurrentie.

Als de kuikens niet meer onder de vleugels opgewarmd hoeven te worden, gaan de oude vogels in de rui. Ze kunnen dan 28 dagen niet vliegen en zijn dus aangewezen op de plek waar ze zitten. Ze kunnen niet weg, wanneer er gebrek aan voedsel ontstaat.

Dat heeft grote gevolgen, ontdekte Loonen. Want op Spitsbergen worden de plekjes met het meeste gras of mos ingenomen door de grote families. De mannetjes zorgen dat het na de broedtijd sterk verzwakte vrouwtje kan eten en jaagt rivalen weg. Kuikens uit grote gezinnen hebben de meeste kans om in precies drie maanden genoeg aan te komen om naar Schotland te kunnen vliegen.

Het proces doet zich ook voor in de jaren dat er poolvossen op Spitsbergen rondlopen. Dat is door onbekende oorzaak niet altijd het geval. Er zijn daar geen muizen of lemmingen, dus de vos is aangewezen op vogels en eieren. Eén vos maakt in de zomer zo'n 250 kuikens buit, zegt Loonen. De meeste eet hij op, maar een deel begraaft hij als wintervoorraad.

Als de vos verschijnt, vluchten de ganzen massaal naar het water: de ouders eerst, dan de oudste kuikens en de zwakste kuikens als laatste. Die worden dus het eerst door de vos gegrepen. Ook hier blijken kuikens uit grote gezinnen bevoorrecht. Ze worden minder door de vossen gepakt dan kuikens uit kleine gezinnen, waarschijnlijk omdat ze al groter zijn.

Als er vossen zijn, wordt het gebied waar brandganzen kunnen grazen, veel kleiner. Ze moeten dan dicht bij het water blijven om snel te kunnen vluchten. Dus is de voedselconcurrentie groter en dat blijkt uit de gewichtstoename. Als een kuiken uit het ei kruipt, weegt het 70 gram. Na 35 dagen wegen de jonge brandganzen in de jaren zonder vossen gemiddeld 1250 gram en slechts 1000 gram in de jaren met vossen. 'Dan zijn ze dus 20 procent minder zwaar, dat is echt een fors verschil.' En dat heeft grote gevolgen. Van jonge vrouwtjes die in jaren zonder vossen na de zomer naar Schotland vliegen, komt 85 procent het jaar daarop naar Spitsbergen terug. Maar van de vrouwtjes uit de jaren met vossen is dat slechts 45 procent.

0L OONEN HEEFT ook nog een truc toegepast. Twee jaar achter elkaar haalde hij uit 45 nesten twee kuikens weg en zette die in een ander nest. En wat bleek? Ganzen waarvan de familie werd vergroot, hadden meer succes in het veroveren van voedsel dan ganzen van wie het nest was verkleind.

De vogels kunnen hun gezinnen niet vergroten door extra eieren te leggen. Want een extra dag om een extra ei te leggen betekent ook een dag later uitkomen. En dan zijn de beste plekken al bezet. De allersterkste vogels, zegt Loonen, beginnen als eerste eieren te leggen en leggen ook de meeste eieren. Die komen dan op dezelfde dag uit als kleinere nesten.

Het nadeel van een groot nest - later uitkomen - doet zich niet voor wanneer kuikens overstappen naar een ander ouderpaar. Dat gebeurt op ruime schaal. 'Tussen de 9 en 25 procent van de kuikens loopt niet bij de eigen ouders. En dat is te begrijpen. Want de volwassen vogels blijken er baat bij te hebben wanneer ze op deze manier hun gezin kunnen uitbreiden.'

Piet van Seeters

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden