Bomen voor tickets

Milieubewuste reizigers kunnen hun geweten ontlasten met het aankopen van extra bomen . Alleen: betekent dat dan ook dat het milieu wordt ontlast...

Michael Persson

Het gaat zoals dat gaat, met idealen. Het lijkt zo simpel.Maar dan is er altijd die praktijk.

‘Als mensen echt bedrog willen plegen, dan kan dat’, zegt Irma Lubrecht, bosbouwdeskundige bij het internationale controlebedrijf SGS. ‘We kunnen alleen proberen de boel zodanig dicht te timmeren dat het heel moeilijk wordt de zaak te belazeren.’

Lubrecht is gespecialiseerd in klimaatcompensatie. Ze reist de wereld af om te kijken of de bomen die consumenten ‘kopen’ om hun persoonlijke kooldioxide-uitstoot te vereffenen, ook daadwerkelijk bestaan. Ze controleert, verifieert, rekent en corrigeert. In een zware brandwerende jas trekt ze naar Ecuador, naar Oeganda, naar Maleisië, om stammen te tellen, hun dikte te meten, het bladerdak te vergelijken met satellietfoto’s. Hoeveel is er omgewaaid? Hoeveel is er illegaal weggehakt? Waar zijn die beschermde soorten gebleven?

De vraag naar bomen is booming, de laatste maanden. Sinds afgelopen herfst is er echt sprake van een Al Gore-effect, zegt Sjaak de Ligt van Trees for Travel. Bij zijn stichting, en bij de concurrerende Klimaatneutraal Groep, kunnen particulieren en bedrijven laten uitrekenen hoeveel broeikasgassen ze hebben uitgestoten. Dat kunnen ze vervolgens compenseren door een aantal bomen te laten planten. De aanwas van nieuwe klanten was in januari drie maal zo groot als een jaar geleden, zegt De Ligt. Ook bedrijven melden zich massaal: van Daihatsu dat zijn auto’s afkoopt tot vliegveld Eindhoven dat toeristen bij het inchecken de mogelijkheid geeft hun bezwaard geweten te ontlasten.

Alleen: betekent dat dan ook dat het milieu wordt ontlast?

Volg het geld, zegt Lubrecht. Dan weet je wat er gebeurt.

Het begint allemaal met de 13 of 16 euro die een consument aan de compensatie-bedrijven betaalt voor elke ton (1000 kilo) uitgestoten broeikasgassen. Het kan gaan om een vliegreis, een jaar autorijden, of het huishoudelijke elektriciteitsverbruik. Rekenvoorbeeld: een retourtje New York brengt ongeveer 2,5 ton broeikasgas in de lucht. Grofweg de helft daarvan is kooldioxide, de andere helft bestaat uit andere broeikasgassen, die samen nog eenzelfde opwarmend effect hebben. Die gassen kunnen uit de lucht worden gehaald door ongeveer 125 bomen die een jaar lang groeien.

Het compenseren van een reis naar New York kost bij Trees for Travel 34 euro, bij Klimaatneutraal (alias Greenseat) ruim 41 euro. Het verschil is dat de eerste een stichting is, en de tweede een bedrijf. ‘We zijn formeel een BV, maar streven niet naar winst’, verweert directeur Denis Slieker van Klimaatneutraal zich. ‘We hebben bijvoorbeeld nog nooit dividend uitgekeerd aan onze aandeelhouders.’

Wel, zegt hij, streeft hij naar groei. Om zoveel mogelijk mensen klimaatneutraal te kunnen laten vliegen. ‘Dat ons bedrijf uiteindelijk meer waard wordt, is evident.’ De aandeelhouders zijn onder meer de Stichting Doen, bekend van de Postcodeloterij, de Triodos bank, reisorganisatie Multatuli en ‘enkele privé-aandeelhouders’.

De stichting Trees for Travel streeft naar een kleinere marge. Een veelgebruikt criterium voor goede doelen is dat van het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF), dat bepaalt dat hooguit een kwart van de omzet mag worden uitgegeven aan het fondsenwerven zelf, dus de reclame. Stichtingen die aan deze eis voldoen mogen een CBF-keurmerk voeren. Volgens directeur De Ligt van Trees for Travel bedroeg het percentage in het afgelopen jaar 22 procent, en is de aanvraag voor een ‘Verklaring van geen bezwaar’ nu ‘in procedure’.

Maar dat zeggen ze al lang, reageert woordvoerster Map van der Wilden van het CBF. ‘Dat voornemen staat al twee jaar op hun website.’ De Ligt: ‘We hebben nu echt een afspraak gemaakt.’ Van der Wilden kijkt in de agenda: ‘Ze hebben net een afspraak gemaakt.’

Trees for Travel en Klimaatneutraal hebben zelf geen bomen . Daarvoor stappen ze bijvoorbeeld naar de Stichting Face (Forests Absorbing Carbon dioxide Emission) die in nieuwe bossen investeert, en waarvan Klimaatneutraal-directeur Denis Slieker ook directeur is.

De mensen van Face struinen de wereld af om grond te kopen, om daar bos op te zetten. Als de bossen eenmaal voldoende gegroeid zijn, mag de stichting er CO2 -certificaten aan ontlenen. Die worden doorverkocht aan Trees for Travel en Klimaatneutraal en komen zo bij de consument terecht.

Zo makkelijk is dat niet. Om te garanderen dat elke ton opgenomen CO2 maar één keer verkocht wordt, lopen de certificaten via een soort bankrekening bij een clearing house. Dat is een bank die de aan- en verkoopadministratie bijhoudt. En dat is niet gratis.

De bank in kwestie, Triodos, brengt forse provisie in rekening voor de transacties (aankoop- en verkoop) op de CO2-rekening, plus een bewaarloon. Gemiddeld komt het neer op bijna 10 procent van de waarde. ‘Dat is best veel, voor een organisatie die zich laat voorstaan op zijn groene imago’, zegt De Ligt. Voor effectenrekeningen hanteren de meeste banken transactiekosten van ongeveer een procent.

Ook lastig is om überhaupt te achterhalen of een boom wel extra CO2 uit de lucht haalt. De vraag is of de boom dat niet sowieso zou hebben gedaan – zonder bemoeienis van buitenaf. Daarvoor huurt Face tegen een uurtarief de controleurs van SGS in, van wie Irma Lubrecht er een is. Voordat Face in een bosproject investeert, kijkt Lubrecht of het aan de richtlijnen voldoet. Als de bomen zijn gegroeid en Face de CO2-opname wil claimen, kijkt ze of het project inderdaad zoveel CO2-certificaten vertegenwoordigt als Face claimt.

‘De crux zit hem in additionaliteit’, zegt Lubrecht. Dat wil zeggen: het bos telt alleen als klimaatcompenserend bos mee als het er zonder ingrijpen, dus zonder het project, niet had gestaan. ‘Dat is het belangrijkste criterium. En het is het lastigst te controleren.’

Een duidelijk bewijs voor ‘extra bos’ is dat een stuk grond veel meer zou opleveren als het voor landbouw zou worden gebruikt. Wie er dan toch bos gaat neerzetten, doet overduidelijk iets wat niet in de economische lijn der verwachting ligt. Ook het bos in de zeer vervuilde zwarte driehoek tussen Tsjechië, Polen en Slowakije is duidelijk extra. Zonder investeringen zou er niets zijn gebeurd.

Of althans: veel minder. De natuur doet altijd ook wat. Die mogelijke natuurlijke bomen moeten dus van het klimaatbos worden afgetrokken. Daartoe worden altijd enkele permanent sample plots van ongeveer tien bij tien meter aangelegd naast het bos. Op die lapjes mag de natuur gewoon gang moet gaan. Die lapjes grond fungeren als vergelijkingsmateriaal.

‘Goed, als ze willen sjoemelen gebeurt dat – dat gebeurt overal. Maar ik probeer het zoveel mogelijk dicht te timmeren. En ja, als ik ze daarop aanspreek dan is dat niet prettig. Er zijn projecten waar mensen toch wel heel onaangenaam worden als ik ze

Dit soort zaken koop je er wel allemaal bij, als je aan klimaatcompensatie doet, zegt Slieker. Hij kiest daarom liever voor een andere benadering, om de relatief hoge prijs voor een CO2-certificaat te verklaren. ‘Wij verkopen geen bomen , wij verkopen klimaatcompensatie’, zegt Slieker. ‘Die garantie, en al die andere extra kosten, die horen er allemaal bij.’

Uiteindelijk denkt Lubrecht dat bos niet de ultieme oplossing is. Het vermijden van uitstoot, bijvoorbeeld door een fabriek zuiniger te maken, is een efficiëntere oplossing. Een oplossing die ook wordt aangeboden door Klimaatneutraal. ‘Maar bossen hebben een hoge knuffelfactor’, zegt Slieker. ‘In een boom kan een aapje zitten, in een fabriek niet.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden