Beïnvloeden donateurs onderzoeksagenda van universiteiten?

Nederlandse universiteiten maken serieus werk van fondsenwerving. Zo halen ze miljoenen op bij donateurs voor lastig te financieren projecten, zoals de zorgdrone Blue Jay. Beïnvloedt dat de onderzoeksagenda?

Een prototype van de zorgdrone bezorgt drankjes in het 'dronecafé' dat de TU Eindhoven ter gelegenheid van zijn 60-jarig bestaan vorig jaar opende. Beeld HH

Een betere wereld begint bij onszelf', schrijft iemand die zichzelf Johan noemt. Hij is een van de 45 donateurs die staan vermeld op het onlinecrowdfundingplatform van de Technische Universiteit Eindhoven. Het nieuwe platform is bedoeld om bescheiden bedragen los te peuteren voor projecten met maatschappelijke relevantie. Zo schenkt Johan zijn geld aan het project TU/automotive, dat is gericht op een methode om een auto grotendeels te produceren uit milieuvriendelijke biocomposieten. Het tweede project betreft BlueJay, een autonome drone die klusjes uitvoert voor zorgbehoevenden.

Het platform is niet alleen bedoeld om geld in te zamelen. Het gaat vooral om het creëren van 'een community van gevers, van mensen die de TU/e een warm hart toedragen, die we via dit platform op de hoogte en betrokken willen houden', zegt communicatieadviseur Edith Snelders in de universiteitskrant Cursor.

Negen andere universiteiten lanceerden eerder al een crowdfundingplatform met vergelijkbare argumenten. Zo'n platform is een van de instrumenten voor professionele fondsenwerving, dat tegenwoordig ook wel 'friendraising' heet. Vermogende alumni, liefdadigheidsinstellingen en andere potentiële gevers, zo is het idee, trekken makkelijker hun beurs als universiteiten ze op persoonlijke wijze betrekken bij hun onderzoek.

Die aanpak lijkt te werken. Centrale cijfers ontbreken, maar volgens de jaarverslagen van Nederlandse universiteitsfondsen stijgen de bedragen aan binnengekomen donaties al jaren - in de vorm van losse schenkingen, fondsen op naam, legaten en erfstellingen. Haalde de Universiteit Utrecht tien jaar geleden ruim twee ton binnen, in 2015 was dat ruim een miljoen euro. In Wageningen en Amsterdam (UvA) schoot het bedrag omhoog naar ongeveer 3 miljoen euro en het Leidse universiteitsfonds noteerde ruim 4 miljoen euro, meer dan vier keer zoveel als in 2007. Dat zijn leuke extraatjes, ook al vormen de bedragen slechts een fractie van de totale budgetten.

Voor andere universiteiten vormen deze succesverhalen lichtende voorbeelden. Naast de TU Eindhoven maakten de Radboud Universiteit en de Erasmus Universiteit het afgelopen jaar bekend ambitieuze plannen te smeden om hun fondsenwervingsactiviteiten op een hoger plan te tillen.

Competitie

Het enthousiasme voor de fondsenwerving heeft volgens Melanie Peters, directeur van het Rathenau Instituut, deels te maken met het kleiner wordende bedrag dat universiteiten per student ontvangen van de overheid. In 2015 was dat 14.300 euro, 27 procent minder dan in 2000. 'Universiteiten hebben minder zekerheid van inkomsten, omdat steeds meer overheidsgeld voor onderzoek competitief is. Competitie om beurzen wordt door velen als positief en nuttig gezien, maar wetenschappers zijn veel tijd kwijt aan het schrijven van aanvragen en vangen meestal bot. Minder dan een op de vijf voorstellen wordt gehonoreerd met een beurs.' Ook de derde bron van inkomsten, het doen van onderzoek ten behoeve van het bedrijfsleven, is niet stabiel en voor sommige vakgebieden erg lastig. Universiteiten zoeken dus naar aanvullende inkomstenbronnen.

Simon Vink, bestuurswoordvoerder van de universiteit van Wageningen, bevestigt dit beeld. 'De belangrijkste Nederlandse onderzoeksfinancier NWO en ook de onderzoeksfinanciering van de EU verlenen subsidies onder strikte voorwaarden. Sommige projecten vallen niet binnen die kaders en maken daardoor geen kans. Een voorbeeld is een malariaproject dat in Kenia is uitgevoerd. Fondsenwerving levert aanvullende financiering voor projecten met maatschappelijke impact, die anders lastig te bekostigen zijn. Het is geen panacee, op onze begroting van 320 miljoen vormt filantropie maar een klein aandeel. Maar voor individuele onderzoekers zijn het grote bedragen.'

Maatschappelijke impact

Veranderingen in de samenleving spelen ook een rol. Woordvoerders van de universiteitsfondsen zeggen dat doneren aan onderzoek en onderwijs de afgelopen jaren populairder is geworden. Peters herkent die trend. 'Mensen hebben minder kinderen en geven minder vaak aan de kerk. Er is een grotere groep vermogende mensen op leeftijd die een goed doel zoeken voor een erfenis.' Voor hen brengen universiteiten hun onderzoeksprojecten met maatschappelijke impact graag voor het voetlicht.

Ook Peter Koeze, ooit in Utrecht gepromoveerd in de natuurkunde, zocht al een tijdje naar een doel om geld te schenken. Hij dacht aan het hoger onderwijs. 'Het onderwijs is de beste investering die een mens kan doen, het is een investering in de lange termijn', vertelt hij. 'Je kunt natuurlijk afwachten tot je overlijdt en de schenking in je testament opnemen, maar het is veel aardiger om al tijdens het leven te schenken. Dan weet je dat het goed terechtkomt en belastingtechnisch is het gunstiger.' Hij schonk het Utrechts Universiteitsfonds een half miljoen euro. Promovendi doen daarmee nu onderzoek naar de toepassing van natuur- en wiskundige modellen op complexe maatschappelijke vraagstukken, zoals de oorzaken en gevolgen van armoede in een samenleving.

Wat de donateurs terugkrijgen voor hun schenking, varieert per universiteit en is afhankelijk van het bedrag. Meestal gaat het om nieuwsbrieven, informatiedagen, presentaties van hoogleraren en, wanneer het grote schenkingen betreft, etentjes met de onderzoekers. Soms krijgen gulle gevers krijgen een zetel in een adviesraad.

Onafhankelijkheid

'Een goed gevoel en een betere wereld', zo vat Vink die baten samen. 'Donateurs krijgen alle hoffelijkheid, egards en dankbaarheid, maar het is geen contractonderzoek.' Dat wil zeggen: de geldschieters zijn geen opdrachtgevers die wetenschappers inhuren voor onderzoek waar ze een bepaald belang bij hebben.

Meer betrokkenheid van de samenleving en meer geld voor onderzoek: fondsenwerving lijkt louter voordelen te hebben. Toch zijn er kanttekeningen bij te plaatsen. Veel donateurs hebben een voorkeur voor aansprekende projecten waarvan de maatschappelijke relevantie overduidelijk is. Dat klinkt logisch, maar kan gevolgen hebben voor minder sexy onderzoek. Als de schenkingen het benodigde bedrag bijvoorbeeld maar deels dekken, kan een universiteit beslissen geld bij te leggen uit de rijksbijdrage. Dat geld kan dan niet meer gaan naar, pak hem beet, onderzoek naar een obscure Griekse dichter of naar een vernieuwend onderwijsproject. De donateurs krijgen zo waar voor hun geld, maar onbedoeld sturen ze ook de onderzoeksagenda. 'Als de universiteit geld moet bijleggen, is er sprake van kruisfinanciering', zegt Peters hierover. 'Universiteiten moeten dan inzichtelijk kunnen maken welke keuzen ze maken. Hierover wordt nog niet uitvoerig gerapporteerd, dus we kennen de precieze omvang niet.'

Ook zou Peters graag meer inzicht krijgen in de invloed die schenkers wel of niet krijgen op de inhoud en opzet van de projecten die ze sponsoren. 'Als universiteiten samenwerken met bedrijven, moeten ze duidelijk maken hoe ze ervoor zorgen dat hun onderzoek onafhankelijk blijft. Dat geldt ook voor private giften. Wie stuurt het onderzoek, hoe maakt de universiteit keuzes? Hoewel we geen indicatie hebben dat private giften een grote sturende rol spelen, wordt er nog weinig gerapporteerd over de besteding van deze vierde geldstroom. Het zou interessant zijn dit terug te zien in de jaarverslagen van de universiteiten.'

Johan weet wat hij krijgt voor zijn geld. Op de crowdfundingsite van TU/automotive staat een duidelijk rijtje beloningen: voor 5 euro krijgt hij alleen een bedankje, voor 30 euro verschijnt zijn naam op de website en voor 100 euro ontvangt hij een mooie brochure. Wie weet, gaat hij voor de hoofdprijs van 500 euro: een ritje in 's werelds eerste auto van duurzame biocomposieten.


Sponsor stelt vragen, wetenschap beslist

Een Wagenings malariaproject was niet mogelijk geweest zonder sponsor. De onderzoeker over de samenwerking.

Malaria bestrijden zonder milieu-onvriendelijke insecticiden waar muggen toch maar resistent tegen worden, dat was het doel van een Wagenings onderzoek dat in 2012 begon. Onderzoekers hingen vierduizend muggenvallen op bij huizen op het Keniaanse eiland Rusinga. De val lokte muggen met een geurmengsel, waarna de insecten vanzelf stierven van de droogte en de warmte. De resultaten waren veelbelovend: de muggenpopulatie in de gebieden met de vallen nam af met 70 procent, het aantal malariagevallen met 30 procent. In 2015 volgde een publicatie in het gerenommeerde medische tijdschrift The Lancet.

Het was, kortom, een onderzoek waarmee een universiteitsfonds graag naar buiten komt: maatschappelijk relevant en onmogelijk zonder de hulp van sponsoren. 'Het Keniaanse ministerie van Gezondheid heeft maar weinig geld', bevestigt onderzoeker Alexandra Hiscox. 'En niemand had ooit uitgeprobeerd of deze methode werkt in de praktijk.'

Via het Wageningse Universiteitsfonds was de COmON Foundation aan het project gekoppeld: een privéstichting die projecten financiert ter bevordering van natuur, educatie en werkgelegenheid in arme landen. Die financiering was bepaald niet vrijblijvend, zegt Hiscox. 'We moesten regelmatig verslag doen. Elk kwartaal schreef ik een rapport over hoe we het geld besteed hadden, hoe we de val ontwierpen, welke data we verzamelden. Er was een jaarlijkse bijeenkomst met een adviescomité dat ons feedback gaf.'

Het comité hield elke stap in het project kritisch tegen het licht. 'Het is best een uitdaging om elke beslissing te rechtvaardigen', vertelt Hiscox. 'Toch helpt die feedback je om het project beter te maken. Gebruikten we wel de meest geschikte manier om malaria te diagnosticeren in deze regio van Kenia? Moesten we, voor de ontwikkeling van een kosteneffectieve muggenval, direct werken met de leveranciers van de onderdelen, of met een derde partij? Het perspectief van een buitenstaander vermindert je vooringenomenheid.'

Voor Hiscox was die inmenging van buitenaf niets nieuws: haar Londense promotieonderzoek werd gesponsord door het Institut Pasteur du Laos. 'Het belangrijkste is dat de sponsor niet betrokken is bij de wetenschappelijke besluitvorming. Zij stellen vragen, wij nemen de beslissingen.'

De succesvolle Wageningse muggenval.

Vijf crowdfunding projecten

Dode Zeerollen
Aan Rijksuniversiteit Groningen
Doel 70.000 euro
Opgehaald 59.556 euro

De Dode Zeerollen behoren tot de oudst bekende religieuze teksten met betrekking tot het jodendom, het christendom en de Bijbel. Het Groningse Qumran Instituut is het enige onderzoekscentrum in Nederland waar de studie van het oude jodendom en de Dode Zeerollen centraal staat. Met het geld creëert het instituut nieuwe onderzoeksposities voor jonge onderzoekers.

Tuintje op Mars
Aan Universiteit Leiden
Doel 8.600 euro
Opgehaald 8.480 euro

Als de mensheid eenmaal voet zet op Mars, hoe gaat zij zichzelf dan voeden? De Marsgrond bevat de giftige stof pechloraat, waardoor verbouwde gewassen oneetbaar zullen zijn. Leidse studenten werken aan een manier om de stof met bacteriën om te zetten in niet-giftige stoffen, waarbij zuurstof vrijkomt. Met het geld bekostigen ze nagemaakte Marsgrond en andere labmaterialen.

Anti-napoleonliederen
Aan Radboud Universiteit Nijmegen
Doel 3.500 euro
Opgehaald 3.922 euro

Verzetsliederen tegen de napoleontische overheersing hebben bijgedragen aan een vroeg-Nederlandse identiteit. Veel van de melodieën vormen de basis van hedendaagse volksliederen, zoals het Wilhelmus. De historicus Bart Verheijen heeft ze in kaart gebracht en de betekenis achterhaald. Met het geld wil hij de liederen laten uitvoeren door professionele muzikanten en de opnamen op een website plaatsen.

Zorgdrone Blue Jay
Aan Technische Universiteit Eindhoven
Doel 5.000 euro
Opgehaald 1.485 euro

Blue Jay is een autonome drone die verzorgers in gezondheidsinstellingen een handje moet gaan helpen. De drone kan kleine voorwerpen aangeven en is een speelmaatje voor kinderen, die bijvoorbeeld een spelletje boter-kaas-en-eieren met hem kunnen spelen. Met het geld kunnen studenten een pilot uitvoeren in een nog te bepalen Eindhovens kinderziekenhuis.

Parkinsonpatiënten
Aan Universiteit Twente
Doel 10.000 euro
Opgehaald 2.715 euro

Parkinson is een ongeneeslijke ziekte, waarbij zenuwcellen in de middenhersenen langzaam afsterven. Ciska Heida zoekt naar technologieën die de levenskwaliteit van parkinsonpatiënten verhogen. Zo onderzoekt ze of diepe hersenstimulatie de hersenfuncties kan verbeteren. Ook werkt ze aan een manier om met een slimme bril feedback te geven op hun lichaamshouding, zodat ze beter kunnen lopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden