Amsterdamse bekerzwam groeit in luxe hotel en zwerversbed

Damestasjes, dikke pakken buurtkranten, een betonschaar, een splinternieuw fietsframe, condooms, een enkele damesslip. Het is typische zooi die mycologen tegenkomen als ze tussen Amsterdamse bosjes wroeten, op zoek naar paddestoelen....

Maar wie in de stad naar paddestoelen zoekt, leert al snel rotzooi te negeren, schrijven de auteurs van Champignons in de Jordaan (¿ 39,50, uitgeverij Schuyt & Co). Want wat troffen ze aan in zo'n zwerversbed? Bruine kommetjes van nog geen 2 centimeter hoog. Bekerzwammen! Dezelfde zwam die ook hardnekkig in de kast van een kamer van vijfsterren-hotel Krasnapolsky groeide. De muur was met allerlei middelen behandeld, toch bleven er bekerzwammen tevoorschijn komen. Tot wanhoop van de technische staf. Arm of rijk: de bekerzwam trekt zich niks aan van zijn omgeving, mits er maar genoeg voedsel is.

Fanatieke vogelaars piepen elkaar op als ze een zeldzame dwaalgast signaleren: giervalk, Schiermonnikoog. Binnen een etmaal overstroomt het eiland dan met vogelliefhebbers. De mycologie is een minder dynamische discipline. Paddestoelenzoekers laten zich niet opzwepen - het zal ermee te maken hebben dat hun bijzondere ontdekkingen niet kunnen wegvliegen.

De auteurs van Champignons in de Jordaan tippen elkaar telefonisch ('Cedergrondbekerzwam, Amstelveen'). 'Een echtpaar was druk bezig een nieuw tegelpad aan te leggen', beschrijft mycoloog Rob Chrispijn zijn expeditie naar deze paddestoel, een paar dagen later. 'Ik keek ongerust naar de omgewoelde grond, maar de vrouw verzekerde mij dat de bekerzwammen geen gevaar zouden lopen.'

Het kan ook héél anders gaan. 'Half geleund over de heg hoor ik achter mij de afgemeten stem van een vrouw, die me vraagt hoe ik het in mijn hoofd haal om andermans eigendommen te vernielen.' De net geplukte lila satijnvezelkop maakt weinig indruk op de kwaaie vrouw. 'Volkstuinen herbergen soms mensen met een territoriumdrift die de grootte van hun lapje grond ver overtreft', concludeert Chrispijn.

Je moet er wat voor over hebben, voor zo'n prachtboek over de Amsterdamse paddestoel, de vijfde uitgave in een serie over alles wat groeit en bloeit in Amsterdam. Grachtentuinen, begraafplaatsen, wegbermen, rommelbosjes en vuilstorten struinden de auteurs af. Ze ontdekten 1106 soorten, waarvan er 200 met uitsterven worden bedreigd. Vijf typen paddestoelen zijn nog nooit eerder Nederland gevonden. In Artis stond zowaar een stekelkorstzwam, die in paddestoelkringen allang was opgegeven - officieel uitgestorven verklaard in Nederland. Op Schiphol groeide een geheel onbekend breeksteeltje.

Zo bevat het boek nog honderden andere fijne feitjes en feiten. - De Bijlmermeer is de wijk die van heel Amsterdam het rijkst is aan paddestoelen - De roze dwergchampignon komt waarschijnlijk niet meer terug op de Oosterbegraafplaats. - Vanaf de apenrots in Artis, op weg naar de pinguïns, is het de moeite waard in september even naar rechts te kijken (een groepje klassieke vliegenzwammen!).

De auteurs beschrijven hun vondsten met liefde. Paddestoelen kunnen saai zijn, maar ook opwindend, leren we. Niets menselijks is de paddestoel vreemd. 'Ik heb het hier over de witte en de zwarte kluifzwam, twee paddestoelen waar ik een zwak voor heb', schrijft Chrispijn. 'Ze hebben iets onaangepasts, alsof ze alle conventies aan hun laars lappen.' Amsterdam kan trots op ze zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden