'Amsterdam bekijkt dakloze te veel met medische blik'

Door te leren van buitenlandse aanpak kunnen veel meer Nederlandse daklozen weer zelfstandig leven, zegt Nienke Boesveldt (1976). Vandaag promoveert ze aan de Vrije Universiteit op verschillen tussen opvang in Europese steden.

Nienke BoesveldtBeeld Nienke Simonsma

U onderzocht de daklozenopgang in Glasgow, Kopenhagen en Amsterdam. Hoe goed doet Amsterdam het in vergelijking met die andere steden?

'We zitten qua succes tussen Glasgow en Kopenhagen in. Zeventien procent van de daklozen uit de Amsterdamse opvang heeft na een jaar weer een permanente woning. Dat is net zo veel als in Kopenhagen, maar twee keer zo weinig als in Glasgow. Toch doen wij het op veel punten weer beter dan Kopenhagen, waar ze nog veel zware gevallen met psychische problemen rond hebben lopen. Ze slagen er daar niet om de regionale psychiatrische diensten erbij te betrekken.'

Die zware gevallen worden bij ons dus wel opgevangen?

'Ja, het lukt ons goed om zwaardere types van de straat te krijgen. Daar focussen we ons dan ook op. Het is hier dus stukken beter dan in Kopenhagen. Van de situatie daar ben ik echt geschrokken. Maar dat is niet het enige waar de gemeente zich mee bezig moet houden. Veel meer kan er gedaan worden aan preventie van dakloosheid. Dat is in ieder geval wat Glasgow zo succesvol maakt.'

Worden 'daklozen' in Glasgow dan al behandeld voor ze dakloos zijn?

'In feite wel. Daklozen zijn heel normale mensen. Vaak zijn ze op straat gekomen doordat hun partner hen de deur uit deed, bijvoorbeeld. In Schotland wordt je dan bemiddeling aangeboden, om te kijken of niet gewoon terug naar huis kunt. Dat heeft effect: in heel veel gevallen leidt dat ertoe dat mensen zich niet als dakloos melden. Ook krijgt de gemeente in Glasgow een melding wanneer iemand huurschulden heeft. Een advocatenbureau gaat dan onderhandelen met de huiseigenaar, om tot een regeling te komen. De huurder krijgt dan bijvoorbeeld een dagbesteding, en de huur wordt door de gemeente een tijdje vooruit betaald.'

Amsterdam had in 2014 een campagne met als doel daklozen weer een gezicht te geven.Beeld anp

Waarom gebeurt dat in Nederland niet genoeg?

'Er is bij ons veel financiële ruimte om daklozen te verzorgen met opvang. We hier zijn gewend om ze als ziek en hulpeloos te bestempelen. Daarbij speelt hier al snel de vraag: 'Goh, wat kan u eigenlijk nog?' Terwijl ook langdurig daklozen ooit weer klaar kunnen zijn voor een eigen woonruimte. We verzorgen daklozen, in plaats van het fenomeen te voorkomen.'

Wij gaan hier dus pas aan de slag als het te laat is.

'Daardoor kunnen mensen onnodig gewend raken aan de opvang die ze ontvangen. Stel je kunt lekker koken. Dat leer je wel af als er jaren lang eten voor je klaargemaakt wordt. Daklozen kunnen zo uiteindelijk minder goed zelfstandig wonen of alleen zijn. Ineffectief dus.

'Je zou kunnen zeggen dat daklozen Jan, Piet en Klaas uit de drie steden allemaal ongeveer hetzelfde profiel hebben. Maar alleen in Amsterdam plaatst de gemeente ze in een kader van overlast en psychische ziekten. We bekijken ze te veel met een medische blik.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden