AMC vindt aanpak om risico op nieuwe depressie te verkleinen: combineer pillen met praten

Met zowel slikken als praten is de kans om binnen twee jaar terug te vallen het kleinst: 43 procent

Er is een nieuwe, verrassende manier gevonden om mensen met terugkerende depressies beter te beschermen tegen een terugval. Tot nu toe boden antidepressiva de beste bescherming. Maar nu blijkt dat het een stuk effectiever is om antidepressiva te combineren met een kortdurende preventieve cognitieve therapie. Mensen die beide dingen doen, lopen 41 procent minder kans op een nieuwe depressie dan mensen die alleen pillen slikken.

Met zowel slikken als praten is de kans om binnen twee jaar terug te vallen het kleinst: 43 procent Foto getty

Dit blijkt uit een studie van onder meer het AMC, Rijksuniversiteit Groningen, de VU en RadboudMC, die is gepubliceerd in Lancet Psychiatry. Het is het eerste onderzoek naar de effectiviteit van drie verschillende manieren om de kans op een derde, vierde of vijfde depressie te verkleinen. Die manieren zijn: alleen medicijnen slikken, medicijnen slikken in combinatie met preventieve gesprekstherapie of medicijnen begeleid afbouwen in combinatie met preventieve gesprekstherapie.

'Belangwekkend en hoopgevend onderzoek'

Met zowel slikken als praten is de kans om binnen twee jaar terug te vallen het kleinst: 43 procent. Nog altijd fors, maar zonder medicatie is de kans op een derde of vierde depressie nog veel groter. Een andere opvallende uitkomst is dat antidepressiva doorslikken ongeveer net zoveel bescherming biedt als het begeleid afbouwen van antidepressiva in combinatie met preventieve cognitieve gedragstherapie. Beide methoden leiden tot ongeveer 60 procent kans op terugval.

‘Belangwekkend en hoopgevend onderzoek’, vindt klinisch psycholoog Huub Buijssen, niet betrokken bij de studie. ‘In de wereld van terugkerende depressies is het een flinke stap voorwaarts als je de kans op terugval met 41 procent kunt verkleinen door naast de antidepressiva een speciale therapie van slechts acht sessies te volgen. Wat de studie ook laat zien, is dat mensen niet aangewezen zijn op het blijven slikken van antidepressiva. Gecontroleerd afbouwen in combinatie met preventieve cognitieve therapie is een volwaardig alternatief.’

Nieuwsgierig

Dat er een alternatief voor antidepressiva is, juicht hoofdonderzoeker Claudi Bockting (AMC) ook toe. ‘Omdat de praktijk laat zien dat de meeste mensen het niet volhouden om jaar in jaar uit antidepressiva te slikken. Binnen twee jaar is 74 procent van de patiënten helemaal gestopt, onregelmatig gaan slikken of overgestapt op een te lage dosis.’

Dat de combinatie van pillen en praten, eenmaal hersteld van een depressie, de beste preventie biedt, was voor Bockting zelf ook een verrassing. ‘Er was nooit onderzoek naar gedaan. We zijn deze variant gaan onderzoeken omdat patiënten uit eerdere studies daar nieuwsgierig naar waren. Wij, als onderzoekers, hadden er geen hoge verwachtingen van.’

Negatieve gedachten

Voor de studie werden twee jaar lang zo’n driehonderd mensen gevolgd die ten minste twee depressies hebben doorgemaakt en al geruime tijd antidepressiva slikten.

De korte, cognitieve training van acht sessies is gericht op het doorbreken van negatieve gedachtenpatronen, aandacht krijgen voor positieve ervaringen en het leren herkennen van situaties waarin je je slecht gaat voelen. Het afbouwen van de medicatie duurde, op verzoek van de patiënten, gemiddeld een half jaar. Bockting: ‘Officieel was de richtlijn die we gebruikten in de studie vier weken, maar voor de meeste patiënten is dat onhaalbaar. Het is voor veel mensen een lastig proces, zelfs als je er een half jaar of langer over doet.’

Een nadeel van het afbouwen van de medicatie is wel dat deze patiënten de eerste vier à vijf maanden tijdelijk een licht verhoogd risico lopen om terug te vallen. Daarom is begeleiding van een arts, liefst een psychiater, noodzakelijk, aldus de onderzoekers.