Als dit datacentrum uitvalt, komt Nederland tot stilstand

Bunker van 166 miljoen beheert data van honderden bedrijven en overheden

Het heeft wat van het geldpakhuis van oom Dagobert: het nieuwe datacentrum AM4 van Equinix. Dat beheert de data van honderden bedrijven en overheden. En als dit uitvalt? 'Dan komt het grootste deel van Nederland plat te liggen.'

Servers in AM3. Nu AM4 is geopend, wordt dit 'het oude gebouw' genoemd. Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

Kijk naar de skyline van een stad en je weet wie er belangrijk is. In Amsterdam torenden lange tijd de kerktorens boven de huizen en het stadhuis op de Dam uit. En de afgelopen decennia verrezen aan de Zuidas wolkenkrabbers voor bankiers en advocaten.

Sinds enkele maanden zien de tienduizenden automobilisten die dagelijks over de A1 de stad binnenrijden al van verre een nieuw icoon: het datacentrum AM4 van Equinix. Een massief, aluminiumkleurig gebouw van 72 meter hoog; ramen zitten er amper in.

Het lijkt een moderne versie van oom Dagoberts geldpakhuis. De vergelijking met een enorme kluis dringt zich alleen maar sterker op aan wie het gebouw via de loopbrug bereikt. Een slotgracht maakt het haast onmogelijk op een andere manier het terrein te betreden. Binnen moeten bezoekers zich legitimeren. Alleen de ganzen gaan ongestraft heen en weer.

Ja, dit is een soort kluis, bevestigt ook Michiel Eielts, directeur van Equinix Benelux. In het gebouw beheert het bedrijf voor honderden firma's en overheden een van de meest waardevolle grondstoffen van deze tijd: data. En dat mag wat kosten. 166 miljoen euro betaalde Equinix voor de bouw van AM4. Eielts: 'En als het de komende jaren wordt volgebouwd met servers zal het geheel meer dan een half miljard waard zijn'.

AM4, vorige maand geopend, is het achtste datacentrum van Equinix in Amsterdam. Een van de 177 die het bedrijf uit Silicon Valley er wereldwijd heeft. Amsterdam is voor Equinix een ideale vestigingsplaats. Vooral omdat de Amsterdam Internet Exchange er is gevestigd, een van de grootste glasvezelknooppunten ter wereld. De stad ligt strategisch: goed verbonden met de VS en centraal in Europa.

Zo bezien is het gebouw dus een treffend icoon voor de bloeiende datahaven die Amsterdam de afgelopen twintig jaar is geworden. Al jaren groeit het vloeroppervlak van datacenters in de hoofdstad met dubbele cijfers. In 2016 zelfs met 30 procent, becijferde branchevereniging DDA.

Directeur Michiel Eielts van Equinix Benelux: 'Alle grote internetbedrijven hebben hier servers staan.' Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

Serverkasten

Om een indruk te geven van een datacenter op volle toeren stapt directeur Eielts over een loopbrug naar AM3, direct naast de nieuwbouw. Dat staat er pas sinds 2012, maar heet nu al 'het oude gebouw'. Om binnen te komen moet Eielts zijn toegangspasje laten lezen en zijn hand in de scanner doen. 'Ken je die film The Matrix?', zal hij later vragen. 'Veel van wat toen sciencefiction leek is uitgekomen.'

Binnen opent hij een zware deur naar een enorme ruimte. Er klinkt een overweldigend geluid. Continu loeit het ventilatiesysteem dat de servers koelt, alsof er twee stofzuigers naast je oren op volle toeren staan te blazen. Overal op de immense vloer staan zwarte kooitjes met daarin serverkasten. Soms een paar, soms tientallen. Elk kooitje behoort aan één bedrijf toe.

Wie denkt dat de datacenters slechts digitale archiefkasten zijn, waar de dagelijks groeiende berg van biljoenen vakantiefoto's, e-mails en poezenfilmpjes voor de eeuwigheid worden opgeslagen, denkt te simpel. 'Zulk soort centra bestaan, dat van Google in Delfzijl is er een', zegt Eielts. 'Maar de datacentra van Equinix zijn beter te vergelijken met zeer compacte bedrijventerreinen voor ondernemingen die ervan profiteren dat ze dicht bij elkaar zijn.'

Boven de hoofden lopen drie goten met verschillende typen kabel: koper, glasvezel en carrier, waarmee de serverkooien onderling zijn verbonden. In de digitale economie zijn bedrijven voor hun onlinedienstverlening sterk van elkaar afhankelijk. Dan zijn zulke korte lijntjes essentieel. Een website die boeken verkoopt moet bijvoorbeeld in direct contact staan met de ict-afdeling van het pakhuis waar boeken zijn opgeslagen; en met een onlinebetalingsservice; en met de postbezorger. Als die bedrijven hun servers in één gebouw met kabels aan elkaar koppelen, werkt dat veel sneller dan wanneer ze ver uit elkaar staan. En snelle service is precies waar de gemiddelde dataverbruiker om vraagt.

Namen mag Eielts 'helaas' niet noemen. 'Maar je kunt ervan uitgaan dat alle grote internetbedrijven hier servers hebben staan.' Bekend is ook dat Rijkswaterstaat, de Dienst Justitiële Inrichtingen en 'enkele andere datacenters van de Rijksoverheid' bij Equinix zijn ondergebracht.

Alleen de ganzen kunnen ongestraft oversteken bij het met een slotgracht beveiligde datacentrum. Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

Sabotage

Wat zou er gebeuren als dit uitvalt?

'Dat gebeurt niet', roept de directeur boven het geloei van de servers uit. En dan: 'Je moet er ook niet aan denken wat de gevolgen zijn als dat wel zou gebeuren... Ik denk dat het grootste gedeelte van Nederland dan plat ligt.'

Alles doet Equinix eraan om zo'n situatie te voorkomen. Tegen moedwillige sabotage zijn er dus de slotgracht en de handscanners. Ook is een team van programmeurs constant bezig om te verhinderen dat hackers via minder overzichtelijke toegangswegen in het systeem weten in te breken.

Tegen minder gerichte bedreigingen heeft het bedrijf zich eveneens gewapend. Zo staat alle belangrijke apparatuur op de eerste verdieping, boven zeeniveau. Bij een dijkdoorbraak blijven de servers droog. En zodra de elektriciteit uitvalt, nemen acht scheepsmotoren ter grootte van bestelbusjes de stroomvoorziening over. Duizenden liters diesel zijn op voorraad. Eielts: 'Dat zingen we wel even uit.'

De groei van hun business zet nog wel even door, verwachten ze bij Equinix. 'Zo krijgen we de laatste tijd veel nieuwe klanten die gezondheid en datagebruik slim combineren', zegt Eielts. 'De komende jaren zul je zien dat die diensten gaan aanbieden, waarbij ze op afstand bijhouden of mensen gezond zijn.' Ook de zelfrijdende auto belooft inkomsten. 'Je hebt er geen idee van hoeveel informatie er uit verschillende bronnen nodig is om zo'n wagen goed door het verkeer te loodsen.'

Vandaar dat Equinix in Amsterdam al bezig is met een volgende megadatakluis. Naast AM4 ligt nog land braak. Zijn de vergunningen al aangevraagd? Eielts glimlacht veelbetekenend. 'Daar kan ik nog niets over zeggen. Behalve dan dat we ervan uitgaan dat AM4 over zo'n vijf jaar vol zal zijn.'

Mocht de elektriciteit uitvallen, dan nemen enorme dieselgeneratoren de stroomvoorziening over. Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

Warme business

Datagebruik produceert veel warmte, dus moeten servers gekoeld worden. Een belangrijke dagelijkse bezigheid in een datacenter is dan ook het managen van het energiegebruik. Lucht wordt met water gekoeld en door roosters in de vloer langs de servers geblazen. Om het energieverbruik zo laag mogelijk te houden proberen de medewerkers van Equinix te anticiperen. Ze volgen het weer en weten welke klanten op welke tijdstippen veel data gebruiken. Bedrijven die online games aanbieden gaan vaak 'aan' als de werkdag ten einde is. Dus moeten ze de koeling bij die servers iets voor zessen opvoeren.

De energie die vrijkomt bij koeling wordt deels hergebruikt. Er loopt een warmwaterleiding naar de Universiteit van Amsterdam, verderop in het Science Park. Toch staan er ook nog koeltorens op het dak van het nieuwe AM4-gebouw. 'We produceren vaak meer warmte dan de UvA kan afnemen', zegt directeur Eielts. 'Die energie gaat dus nog steeds de lucht in.' In de toekomst hoopt Equinix alle warmte te kunnen leveren aan het warmtenet dat de gemeente Amsterdam de komende decennia wil aanleggen.

Meer over