Allochtonen doen het overal ongeveer hetzelfde

De culturele integratie van immigranten verloopt in linkse landen slechter dan in rechtse. Het gelijk van Wilders? Nee, want in linkse landen vinden migranten sneller werk....

'Nieuwkomers worden niet in de watten gelegd, zoals in Nederland', sprak een tevreden Geert Wilders, net terug van studiereis in de Verenigde Staten. Het beste integratiebeleid is geen beleid, concludeerde hij. Als immigranten de keuze krijgen tussen zwemmen of verzuipen, gaan ze vanzelf zwemmen. Critici van het 'slappe' Nederlandse integratiebeleid kijken vaker naar het buitenland: in Duitsland zijn Turken minder vaak werkloos, in Frankrijk worden moslims in cultureel opzicht stevig aangepakt.

Frank van Tubergen, aio van de vakgroep sociologie aan de Universiteit Utrecht, promoveert volgende week op een internationale vergelijking van de integratie van immigranten. Het was een heidens karwei: hij verzamelde gegevens over immigranten uit 190 landen in 19 landen van bestemming.

Simpele statistieken bedriegen, zegt Van Tubergen. Landen als Canada en Australië lijken het beter te doen: de werkloosheid onder immigranten is er lager. Maar deze landen trekken veel migranten uit westerse landen, ook omdat zij een streng selectiesysteem hanteren. Turken, Marokkanen of Irakezen doen het in Canada en Australië niet beter dan in Nederland of Zweden.

Folders

De positie van de Verenigde Staten is weer iets anders. Door de grote inkomensongelijkheid is het land relatief aantrekkelijk voor kansrijke migranten. De minder getalenteerden trekken eerder naar de Europese verzorgingsstaten, veronderstelt Van Tubergen. Het verschil tussen de VS en Europa wordt dus eerder verklaard door een andere migrantenpopulatie dan door een ander integratiebeleid.

Herhaaldelijk benadrukt Van Tubergen hoe moeilijk het is om een categorische antwoord te geven op simpele vragen als: 'Hoe doet Nederland het?', of: 'Hoe succesvol zijn Marokkaanse migranten?'. Wel heeft hij uit zijn ingewikkelde statistische analyses een duidelijke conclusie getrokken: in landen met een overwegend linkse regering verloopt de culturele integratie slechter en de economische integratie beter. In 'rechtse' landen is het juist omgekeerd.

'Grofweg heb je twee soorten integratiebeleid', zegt Van Tubergen. 'Linkse regeringen gaan uit van cultureel pluralisme en economische integratie, rechtse van culturele assimilatie en economische laissez-faire. In landen waar linkse partijen vaak aan de macht zijn, spreken immigranten de taal slechter. Ze krijgen van de overheid meer ruimte om hun eigen taal te spreken. Denk aan overheidsfolders die vertaald worden. Wel hebben immigranten relatief vaker werk, omdat de overheid banen creëert aan de onderkant van de arbeidsmarkt.'

In landen met een overwegend rechtse regering worden immigranten eerder gedwongen de taal te spreken. Dat leidt echter niet tot een betere positie op de arbeidsmarkt, zegt Van Tubergen. Omdat de overheid geen banen subsidieert, is de werkloosheid juist hoger.

Herkomstlanden

Het sociologisch onderzoek naar immigratie wordt gedomineerd door de assimilatietheorie, die geformuleerd werd na de grote immigratiegolven in de Verenigde Staten (1880-1920). Kortweg komt de theorie erop neer dat immigranten langzaam ingroeien in hun land van bestemming. Elke volgende generatie spreekt de taal beter, is beter opgeleid en krijgt betere banen. Deze theorie is heel vaak bevestigd en nooit echt weerlegd.

Er zijn - althans, tot nu toe - geen gevallen bekend waarin die geleidelijke assimilatie weer ongedaan werd gemaakt.

'De assimilatietheorie vertelt echter niet het hele verhaal', zegt Van Tubergen. 'Met alle migrantengroepen gaat het op termijn beter. Maar er zijn verschillen tussen die groepen, en er zijn verschillen tussen de landen van bestemming.'

Het land van herkomst blijkt belangrijker dan het land van bestemming. Migranten nemen bijvoorbeeld hun religie mee uit eigen land. Of zij zich vestigen in een religieus of seculier land, heeft weinig invloed op de ontwikkeling van hun geloof.

De omvang van een migrantengroep bleek ook van belang. Hoe groter de groep, hoe slechter immigranten de taal spreken. Wel is hun positie op de arbeidsmarkt iets beter, omdat de etnische gemeenschap banen genereert. Maar al met al belemmert een grote groep de integratie, concludeert Van Tubergen.

En hoe scoort Nederland uiteindelijk? 'Dat is een heel moeilijke vraag. Je kunt wel naar specifieke groepen kijken. Turken in Duitsland doen het beter dan Turken in Nederland. Maar het verschil is gering: toen de cijfers werden vastgesteld, was de werkloosheid in Duitsland lager. Marokkanen in Nederland zijn minder vaak werkloos dan in België en Frankrijk. Wel is de inactiviteit hoger.

Opvallend is de slechte score van België: immigranten spreken de taal slecht en zijn ook vaak werkloos. Dat heeft waarschijnlijk te maken met de vijandige houding ten opzichte van migranten.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden