Alleen voor het allerengste

Nederland krijgt een lab van de zwaarste beveiligingscategorie, voor onderzoek aan gevaarlijke micro-organismen. Een erfenis van de angst na 9/11 voor bioterrorisme.Is zo’n lab nog nodig?Door Ben van Raaij..

Nederland werd recent opgeschrikt door algehele onpasselijkheid na de dood van twee kaaimannen in een dierenwinkel in Hoogeveen, gevallen van papegaaienziekte op een vogelshow in Weurt, en een volmaakt onschuldig pakketje in het Westland. Maar we kunnen, als we virologen en de terrorisme-experts van de AIVD moeten geloven, ook zomaar met de uitbraak van een grieppandemie of met een biologische aanslag te kampen krijgen.

Bij vreemde, mogelijk ernstige ziektegevallen of pakketjes met verdacht materiaal komt het RIVM in actie. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu in Bilthoven is het landelijk onderzoeksinstituut bij biologische calamiteiten. Hier diagnosticeren deskundigen suspecte bloedmonsters en worden (sinds begin dit jaar) ook poederbrieven geanalyseerd, om snel te achterhalen waarmee de autoriteiten te maken hebben.

Over enkele jaren kan het RIVM die taak nog beter verrichten. Dan beschikt het over een ‘extra-geïsoleerd lab’, uniek voor Nederland en de Benelux, voor de diagnostiek van zeldzame en onbekende ernstige ziektes. In dat zogeheten BSL4-lab (zie kader), waarvan er wereldwijd hooguit twintig zijn, kan worden gewerkt aan pathogenen van de hoogste risicoklasse, zoals het beruchte ebolavirus.

Het lab wordt een hermetisch afgesloten ruimte. Een soort dichtgelaste metalen doos met onderdruk, zodat er geen lucht naar buiten kan lekken. Speciaal getraind personeel werkt er in geïsoleerde ruimtepakken en communiceert draadloos. Er komen luchtsluizen, chemische ontsmettingsdouches, dubbel uitgevoerde luchtfilters en een hittezuiveringsinstallatie voor het afval en afvalwater. Geen virus kan er straks zomaar in of uit.

De komst van dit diagnostisch lab, zegt prof. dr. Roel Coutinho, directeur van het Centrum Infectieziektebestrijding van het RIVM, hebben we in zekere zin te danken aan Bin Laden. In oktober 2001, een maand na de aanslagen van 11 september, toen miltvuurbrieven de angst voor bioterreur wereldwijd lieten oplopen, zegde toenmalig minister Borst van Volksgezondheid de Tweede Kamer de bouw van een ‘beveiligd lab’ toe.

Het was al een oude wens van het RIVM, zegt Coutinho, ‘maar zonder de politieke context na 9/11 was het er nooit van gekomen.’ Niet dat het een weloverwogen politiek besluit was. Er is geen doortimmerde haalbaarheidstudie aan te pas gekomen, erkent een woordvoerder van VWS. ‘Het was meer een proces. Maar de juistheid van het besluit is bevestigd door de uitbraak van sars eind 2002 en de dreiging van een grieppandemie.’

Resistente stammen

Het RIVM ging in opdracht van VWS, tevens financier, aan de slag. Buitenlandse labs werden bezocht, risico-analyses gemaakt. In 2004 lag er een ontwerp voor een nieuw gecombineerd BSL3/4-lab in Bilthoven. ‘Omdat we ook extra BSL3-capaciteit nodig hebben’, aldus Coutinho. ‘De veiligheidseisen gaan omhoog. Vroeger kon bijvoorbeeld elk gewoon lab aan tbc-kweken doen, maar dat is door de opkomst van extreem resistente stammen te gevaarlijk geworden.’

De milieu- en bouwvergunning waren nog niet geregeld of de zaak liep begin 2005 vast op pogingen om een diagnostisch BSL4-lab voor noodgevallen te combineren met een BSL4-onderzoekslab met een proefdierenfaciliteit. Op verzoek van virologen van de Erasmus Universiteit Rotterdam, die hun onderzoek aan (genetisch gemanipuleerde) sars en vogelgriep graag wilden onderbrengen in zo’n gezamenlijk lab. Maar dat betekende extra eisen, een ander en groter ontwerp en hogere kosten. En de vraag was wie die moest betalen.

Er moest eind 2005 een consultatie van universiteiten, bedrijfsleven en buitenlandse experts aan te pas komen om de impasse te doorbreken. Uitkomst: terug naar het eerste ontwerp – een voornamelijk diagnostisch lab, driekwart BSL3, een kwart BSL4. Bouwkosten: 19 miljoen euro. Exploitatiekosten: 2,5 miljoen per jaar. ‘Met de proefdierenfaciliteit zou het allemaal tweemaal zo duur worden. Uiteindelijk was het een financiële afweging van VWS’, zegt Coutinho.

Voor een diagnostisch lab was proefdieronderzoek gewoon niet nodig, laat het ministerie weten. ‘We hebben andere wensen van universiteiten en bedrijven wel geïnventariseerd. Maar die waren te weinig concreet en de bereidheid tot financiële toezeggingen was te gering om de ethische en budgettaire bezwaren van een door ons te betalen proefdierfaciliteit te rechtvaardigen.’ Overigens kan een proefdierfaciliteit later eventueel worden bijgebouwd.

Viroloog prof. dr. Ab Osterhaus (Erasmus Universiteit) vindt het een verkeerde afweging. ‘Zonde dat we het in Nederland niet voor elkaar krijgen één grote BSL4-faciliteit te bouwen. Je moet zo’n lab permanent gebruiken, dus niet alleen voor diagnostiek, ook voor onderzoek. Dat moet het RIVM nu nog helemaal opstarten, terwijl wij het klaar hebben. Wij gaan nu in Rotterdam ons eigen BSL3+-lab bouwen. Maar een gecombineerd lab was goedkoper geweest.’

Van de omwonenden hebben de plannenmakers curieus genoeg geen last gehad. Sinds de bewoners van de lommerrijke wijken rond de RIVM-campus in 2002 werden ingelicht, heeft niemand bezwaar gemaakt tegen een lab voor gevaarlijke ziektekiemen in hun achtertuin. Dat verbaast Coutinho niet. ‘We zitten hier honderd jaar en werken altijd al aan virussen.’

Dat het ook anders kan blijkt in het Amerikaanse Boston, waar de bouw van een BSL4-lab in de stad tot felle demonstraties leidt. De angst voor uitbraken is groot. In Azië is het sarsvirus sinds 2002 driemaal uit beveiligde labs ontsnapt en in Boston raakte in 2005 labpersoneel besmet met de tularemiebacil waarmee het werkte.

Ik verwacht niet dat dit in Bilthoven gaat gebeuren, zegt Coutinho. ‘Er kan altijd iets mis gaan in een lab, zoals een labinfectie, maar dat is een probleem voor de mensen die in het lab werken, niet voor de buren. Voor een terreuraanslag ben ik niet bang, we hebben veel voorzorgen genomen. Nee, het personeel vormt het grootste veiligheidsrisico. De miltvuurbrieven in de VS kwamen niet van Bin Laden, maar uit een Amerikaans defensielab.’ Vandaar het belang van screening van nieuw personeel.

Het lab waar het allemaal om draait, blijkt een simpel blokvormig gebouw. Een doos in een doos, zegt dr. Michèl Klein, teamleider van het BSL4-lab. Zo oogt het al ietwat versleten schaalmodel ook dat hij onder zijn arm binnendraagt.

Het gebouw telt drie verdiepingen: op de begane grond administratie en techniek, op de tweede verdieping de fysiek gescheiden BSL3 en BSL4 labs, en op de bovenste verdieping technische ruimtes. Kijk, wijst Klein aan, hier in het BSL3-lab zijn uitpakruimtes voor pakketjes en monsters. En daar is het BSL4-deel, met de entreesluis, de nooduitgang, de destructie-autoclaaf en de afgeschermde supervisorruimte. De details zijn vanwege de ‘veiligheid staat’ geheim.

Fundering

Begin 2008 gaat de schop de grond in voor de fundering, zegt Klein, nazomer 2009 moet het hele gebouw klaar zijn. Dan volgen drie tot zes maanden proefbedrijf en dan is na een ‘onafhankelijke validatie’ het lab eind 2009, begin 2010 operationeel. Net als heel wat andere nieuwe labs trouwens, onder meer in Duitsland en in de VS.

De grote vraag blijft intussen: hebben we zo’n lab in Nederland nodig? We hebben geen bioterroristische aanslagen gehad en gevaarlijke pathogenen komen hier (nog) niet voor – ja, één geval van lassakoorts in Leiden, in 2000. Zeker hebben we het nodig, zegt VWS. Vanwege de risico’s van een grieppandemie, de uitbraak van een nieuwe infectieziekte (à la sars) of een aanslag met onbekende ziektekiemen. De woordvoerder wijst erop dat de AIVD de bioterreurdreiging anno 2007 onveranderd ‘klein maar voorstelbaar’ acht.

In zo’n crisissituatie, zegt ook Coutinho, wil Nederland niet afhankelijk zijn van Duitse of Britse labs. Bij een pandemie is de diagnostische capaciteit in Europa onvoldoende, en als Nederlandse monsters dan eerst nog moeten worden opgestuurd zullen ze niet tijdig kunnen worden onderzocht. ‘Nu hebben we straks direct eigen capaciteit beschikbaar. Je hoopt dat het nooit nodig is, maar als het nodig is, hebben we het in huis.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden