Aantal doden door hartstilstand afgelopen jaren flink afgenomen

Dankzij de inzet van veel vrijwilligers en de verspreiding van mobiele defibrillatoren zijn honderden mensen met een acute hartstilstand gered. Maar je moet niet de illusie hebben dat je iedereen kan redden, weet ook vrijwilliger Hekers.

Reanimatie bij volwassenen en kinderen met o.a. hartmassage, het gebruik van de AED (automatische externe defibrillator) tijdens de cursus EHBO Foto anp

Het aantal doden door hartstilstand buiten het ziekenhuis is de afgelopen jaren met vele honderden per jaar afgenomen. Dat is vooral te danken aan de toename van het aantal mobiele defibrillatoren (AED's) op openbare plaatsen en in woongebieden en burgers die kunnen reanimeren. Zo blijkt uit onderzoek dat vandaag naar buiten wordt gebracht door de Hartstichting.

Elk jaar krijgen ongeveer zestienduizend personen buiten het ziekenhuis een hartstilstand. Inmiddels overleeft bijna 25 procent van hen het; midden jaren negentig was dit nog geen 10 procent, volgens cijfers uit het onderzoek.

Bij lang niet iedereen die een hartstilstand krijgt, wordt een reanimatie uitgevoerd, zegt Ruud Koster. De cardioloog in het Amsterdamse AMC werkte mee aan het onderzoek in de regio Noord-Holland en Twente. Hij schat dat tussen de acht- en tienduizend mensen jaarlijks buiten het ziekenhuis worden gereanimeerd.

Vaak is een hartinfarct (een bloedprop in een slagader) de oorzaak van de hartstilstand, maar ook een long-embolie of andere hartproblemen kunnen het hart plotseling laten stoppen.

Of iemand overleeft is in grote mate afhankelijk van de snelheid waarmee hij of zij wordt geholpen. Die is de laatste jaren enorm toegenomen, constateerden onderzoekers van diverse academische medische centra. Zij analyseerden de gegevens van hartstilstanden en reanimaties buiten het ziekenhuis in de regio's Twente, Utrecht, Breda, Limburg, Noord-Holland en Zuid-Gelderland, in de periode van 2005 tot 2015. Daarbij gebruikten ze onder meer de gegevens van lokale oproepsystemen, meldkamers en de in defibrillatoren opgeslagen informatie. De studies zijn gebundeld in het boek Reanimatie in Nederland dat vandaag verschijnt.

Interview met burgerhulpverlener Antoine Hekers

Als een van de eerste burgerhulpverleners in Ospel snelde varkenshandelaar Antoine Hekers sinds 2008 naar zestien mensen met een hartstilstand. Acht van hen overleefden het. (+)

Omstanders

De ambulance is eigenlijk altijd te laat, zegt cardioloog Koster. 'Het duurt gemiddeld negen tot tien minuten voor die er is. De kans op overleving is het grootst als de persoon binnen een minuut of drie, vier wordt geholpen, na die tijd neemt de kans per minuut af.'

In driekwart van alle gevallen was een omstander de reanimatie (hartmassage en beademing) al gestart voor de aankomst van de ambulance, schrijven de onderzoekers.

Vaak was er ook al een vrijwillige burgerhulpverlener bezig met een automatische defibrillator, kortweg een AED, schokken toe te dienen. Bijna 60 procent van de patiƫnten werd al met een defibrillator behandeld op het moment dat de ambulance arriveerde, schrijven de onderzoekers. Tien jaar geleden was dat nog slechts 20 procent.

De onderzoekers becijferden dat er inmiddels zo'n honderdduizend van deze apparaten hangen in ons land, bij mensen thuis maar ook op openbare plekken zoals kantoren, scholen en stations en bij sportverenigingen.

De door de bij de TU Delft afgestudeerde Alec Momont ontworpen ambulance-drone met een defibrillator tijdens een demonstratie op de campus van de universiteit in 2014. Foto anp

Vrijwilligers

In vergelijking met andere landen lijkt Nederland het beter te doen op het gebied van openbare reanimaties. Het aantal succesvolle reanimaties in Denemarken, Zweden en de VS is lager.

Een deel van de AED's is geregistreerd bij lokale oproepsystemen waarmee de meldkamer van 112 werkt. Zodra er een melding binnenkomt, krijgen vrijwillige burgerhulpverleners (mensen die een recente reanimatiecursus hebben gevolgd en die zich hebben opgegeven voor dit netwerk) een bericht: er is iemand in nood bij jou in de buurt, kom naar dit adres of haal een AED op deze locatie op en kom dan.

Steeds vaker zijn het dergelijke vrijwilligers die als eerste ter plaatse zijn en de reanimatie starten, zegt Koster. In heel Nederland zijn er rond de 140 duizend vrijwilligers, die sinds 2007 bij meldkamers worden geregistreerd. Van alle aanschafte AED's (iedereen kan zo'n apparaat kopen) is echter slechts eentiende geregistreerd bij meldkamers. 'Dat moeten er veel meer worden.'

Om snel tot reanimatie over te kunnen gaan, moet er natuurlijk wel iemand aanwezig zijn. Koster: 'We hebben heus niet de illusie dat we elk overlijden door een hartstilstand kunnen voorkomen. Soms zijn mensen alleen thuis als ze door een hartstilstand worden getroffen, of het gebeurt tijdens de slaap en iemand blijkt de volgende dag niet meer te ontwaken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.