Onderzoekers tonen aan: mens is altijd even gewelddadig gebleven. Maar niet iedereen is overtuigd

'We zijn niet beter af dan vroeger, we kunnen onszelf niet op de schouder slaan'

Volgens recent Amerikaans onderzoek raken oorlogen tegenwoordig net zoveel mensen als vroeger. Maar er is veel kritiek op de studie. Zo zou het rekenmodel niet deugen en is er geen verklaring voor waarom mensen vechten.

Burgers vluchten voor het oorlogsgeweld in Mosul, Irak, in de zomer van 2017. Foto AP

De mens is in de loop der eeuwen niet vredelievender of oorlogszuchtiger geworden. Hij is altijd even gewelddadig gebleven, zeggen Amerikaanse onderzoekers na het bestuderen van honderden historische conflicten. Collegawetenschappers reageren sceptisch.

Het zijn vragen die de wetenschap al lange tijd verdelen: is de mensheid in de loop van de tijd vreedzamer geworden door economische vooruitgang en de daarmee samenhangende sociale ontwikkelingen? Of zijn conflicten juist grootschaliger en bloediger geworden onder invloed van technologische ontwikkeling en ideologieën?

Louter afgaand op cijfers lijkt veel te zeggen voor de opvatting dat de natiestaten die we tegenwoordig kennen minder gewelddadig zijn dan de kleine, tribale gemeenschappen van vroeger. Als een kleine samenleving oorlog voert, wordt een relatief groot gedeelte van de bevolking daarbij betrokken en vallen naar verhouding veel doden. Naarmate samenlevingen groeien, krijgt een kleiner percentage van de bevolking direct met de gewapende strijd te maken en vallen in verhouding tot de bevolkingsomvang minder doden.

Antropoloog Rahul Oka van de Universiteit van Notre Dame (Indiana, VS) komt samen met enkele collega's in PNAS (Proceedings of the National Academy of Sciences) tot een andere conclusie. Na het bestuderen van 430 gewapende conflicten over de hele wereld - van een conflict in China van 2.500 voor Christus tot de Irakoorlog - stelt Oka dat samenlevingen nu even gewelddadig zijn als vroeger. 'We zijn niet beter af dan vroeger. We kunnen onszelf niet op de schouder slaan', zegt Oka.

De onderzoekers keken naar de relatie tussen de omvang van de bevolking, de omvang van de groep die direct betrokken is bij strijd en naar het dodental als gevolg van de oorlog. Daarbij hanteerden ze een bijzondere rekenmethode. Om de verhouding tussen bevolking, strijders en dodental te beschrijven gebruikten ze de zogeheten schaalwetten.

Schaalwetten zijn wiskundige verbanden die aangeven hoe de eigenschappen van een systeem veranderen als het systeem groter of kleiner wordt. Ze worden onder meer toegepast in de biologie, de sociologie en de bouwkunde. Als een complexe structuur groeit, hoeft dat niet te gebeuren langs de weg van evenredigheid.

Aan de hand van de schaalwetten becijferen Oka en zijn collega's dat kleine samenlevingen relatief evenveel 'investeren' in een conflict als grote staten. Staten met een grote bevolking hebben naar verhouding minder omvangrijke strijdkrachten, maar bij conflicten tussen deze staten vallen meer slachtoffers.

Slag bij Waterloo, door J.W. Pieneman. Oorlog zou vroeger minder mensen raken. Foto Collectie Rijksmuseum

Oka: 'We hebben kleine samenlevingen bestudeerd en landen met grote legers als de VS, Israël en Noord-Korea. De schaalwetten beschrijven de verhoudingen, ongeacht de instituties en de organisatiegraad van een land.'

De Canadees-Amerikaanse hoogleraar psychologie Steven Pinker, die het standpunt huldigt dat de wereld in de loop der geschiedenis een veiliger plek is geworden, moet van Oka's rekenwerk niet veel hebben. Hij laat weten weinig waarde te hechten aan de wetmatigheden die de onderzoekers hebben ontdekt. 'Het universum wordt niet geregeerd door een mysterieuze wet die een verband aanbrengt tussen groepsomvang en aantallen slachtoffers.' Volgens Pinker bieden Oka en zijn collega's geen antwoord op de vraag waarom mensen vechten en wat de invloed is van ecologie, sociale normen, technologie en andere factoren.

Sinisa Malesevic, hoogleraar in Dublin, gaat ervan uit dat ideologisch-geïnspireerd collectief politiek geweld in de wereld toeneemt. Ook hij is kritisch. Hij vindt dat Oka de 'historische dynamiek van geweld' niet verklaart.

Organisatorische kracht

Malesevic: 'Premoderne gemeenschappen hadden onvoldoende organisatievermogen en waren onvoldoende van ideologie doordrongen om hele samenlevingen te mobiliseren voor oorlog. Moderne natiestaten daarentegen hebben veel sterkere organisatorische en ideologische krachten en hebben ook een veel groter vermogen om geweld te organiseren.'

Ook Johan van der Dennen, senioronderzoeker aan de Rijksuniversiteit Groningen, is niet overtuigd door de conclusies uit de studie. Toch spreekt hij van een belangrijke bijdrage aan het wetenschappelijk debat, omdat Oka het midden houdt tussen 'extreme posities'.

Meer over