Slimmer werken

Steeds sneller en beter werken, moeten we dat wel willen eigenlijk?

null Beeld Sophia Twigt
Beeld Sophia Twigt

Meer doen in minder tijd, dat willen we allemaal wel. Harder werken dan maar, alles net wat sneller doen. Of de tijd slimmer indelen. Productiviteitstrucs kúnnen werken. Maar pas op: ze kunnen ook meer onrust veroorzaken.

Zoals zoveel mensen maakte ik eind december de balans op. Wat had ik gepresteerd? Wat wilde ik in het nieuwe jaar? Ik bedacht verhalen die ik als freelance journalist zou kunnen pitchen bij verschillende media en droomde over passieve verdienmodellen.

Krap twee maanden later bleek van mijn voornemens nog weinig terechtgekomen. Ik zei nog steeds tegen bijna alles ‘ja’ en maakte geen tijd voor plannen die ik zelf had bedacht. Om alles te doen wat ik wilde, besloot ik een uur eerder op te staan. Ook kocht ik een structuurplanner. Dat lijkt op een papieren agenda, maar je noteert niet alleen afspraken, ook alle andere taken – groot en klein. Toch had ik nog steeds een aldoor knagend gevoel dat ik niet al mijn to-do’s had afgevinkt.

Ik ben niet de enige met te weinig tijd. Tegenwoordig heeft ruim de helft van de Nederlandse bevolking het gevoel wel eens te druk te zijn, schrijft Tanja van der Lippe, hoogleraar sociologie aan de Universiteit Utrecht, in haar boek Waar blijft mijn tijd (2021). Vier op de tien mensen voelen zich opgejaagd en vinden dat ze thuis of op het werk door tijdsdruk tekortschieten. De druk is het grootst bij werkenden met jonge kinderen en bij mensen die naast hun baan aan mantelzorg doen, zo blijkt uit haar onderzoek.

Meer gejaagdheid

Dat velen van ons graag meer willen doen in minder tijd valt ook af te lezen uit de verkoopcijfers van zelfhulpboeken over productiever werken. Zo’n 50 duizend Nederlanders hebben de bestseller Grip. Het geheim van slim werken van Rick Pastoor in de kast staan. Van Getting things done van David Allen werden wereldwijd miljoenen exemplaren verkocht. Verder is er een wildgroei aan (online) cursussen en trainingen over timemanagement, en er is een hele rits aan productiviteitsapps beschikbaar.

Ook Van der Lippe ziet dat we allerlei manieren verzinnen om efficiënter te werken. ‘We gaan intensiever met onze tijd om, proberen bijvoorbeeld te multitasken of dingen sneller te doen’, zegt ze. ‘Maar dit geeft ons niet per se rust. Je denkt meer voor elkaar te krijgen, maar als alle activiteiten heel kort duren, moet je constant je aandacht erbij hebben en gefocust zijn. Hierdoor is je leven intensiever en kan het juist leiden tot meer gejaagdheid.’

Druk zijn als statussymbool

Productiviteitsmethodes kunnen de druk dus ook verhógen. Omdat je nog meer activiteiten in je dag propt in plaats van tijd over te houden.

Het echte probleem is volgens Van der Lippe dat ‘druk zijn’ een statussymbool is geworden. Ze haalt een Amerikaans onderzoek uit 2016 aan, gepubliceerd in het Journal of Consumer Research. In dat onderzoek kreeg de helft van een groep deelnemers Facebook-berichten te zien van een zekere Sally, die vertelde heel druk te zijn, zo druk dat ze niet kon lunchen en op vrijdagavond moest doorwerken. De andere helft van de deelnemers zag berichten van Sally waarin zij vertelde dat ze lekker van haar vrije tijd genoot. De drukke Sally werd gezien als een vrouw met een betere baan en meer status.

Van der Lippe laat in haar boek zien dat dit kan doorslaan naar ‘een cultuur van ideale werkers’. Mensen baseren hun identiteit op hun drukke werk en organiseren de rest van hun leven om hun baan heen.

Iets soortgelijks beschrijft Robert van Putten, filosoof en bestuurskundige, in zijn boek en promotie-onderzoek De ban van beheersing (2020). Hij noemt het ‘neoliberaal maakbaarheidsdenken’. In onze prestatiemaatschappij zien werknemers slagen of falen als een eigen verantwoordelijkheid. Hun identiteit hangt af van geleverde prestaties. Bovendien moet alles ‘nuttig’ zijn. Het gevolg: een ratrace waarin mensen niet door een externe autoriteit tot arbeid worden gedwongen, maar zichzelf uitbuiten.

Ministerie van tijdsdruk

Ook Van der Lippe beschrijft in Waar blijft mijn tijd dat we niet alleen sociale druk ervaren om veel te doen, maar ook onszelf op de vingers tikken indien we niet alles uit de tijd halen wat erin zit. Volwassenen willen én-én, zonder na te denken waarom eigenlijk. Ze weten niet beter. ‘We denken dat het bij het leven hoort om alles te doen en geen keuzes te maken’, schrijft ze. Is de enige oplossing dan: accepteren dat niet alles kan wat we willen?

Zelfhulpboeken lezen om het gevoel van tijdsdruk te verminderen, helpt in ieder geval maar een kleine beetje, denkt ze. Tijdsdruk is namelijk geen individueel, maar een maatschappelijk probleem. ‘We denken dat we het zelf moeten oplossen, maar dat kun je niet zelf, dat moet je als samenleving doen of als bedrijf met elkaar regelen. In Frankrijk bestaat bijvoorbeeld het recht om onbereikbaar te zijn voor je werkgever. Doordat er een wet is om tijdsdruk aan banden te leggen, hoeven werknemers dat minder zelf te doen.’

Het liefst ziet ze in het nieuwe kabinet een ministerie voor Tijdsdruk ontstaan, met als doel dat de drukte beter verdeeld wordt. Er zijn namelijk ook een heleboel mensen met zeeën van tijd; werklozen en gepensioneerden bijvoorbeeld.

Vakantiedagen

In de tussentijd krijgen we misschien wat rust door eindelijk onze vakantiedagen op te maken. Jaarlijks worden er zo’n 100 miljoen vakantiedagen niet opgenomen. Van der Lippe: ‘Terwijl je die dagen nodig hebt om te ontspannen. En neem dan meteen een paar dagen achter elkaar vrij, want het duurt even om los te komen van het werk.’

Productiviteitsmethodes kunnen de druk verhogen, omdat je nog meer in je dag propt in plaats van tijd over houdt. Beeld Sophia Twigt
Productiviteitsmethodes kunnen de druk verhogen, omdat je nog meer in je dag propt in plaats van tijd over houdt.Beeld Sophia Twigt
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden