interviewjames suzman

‘De jager-verzamelaar herinnert ons eraan dat we niet geboren zijn om constant te werken’

James Suzman Beeld New York Times
James SuzmanBeeld New York Times

Onze werkcultuur is ongezond, stelt de Zuid-Afrikaanse antropoloog James Suzman, auteur van het boek Werk. Een geschiedenis van de bezige mens. Volgens hem kunnen we iets leren van de jager-verzamelaars van vroeger.

‘De Ju/’hoansi, die in Namibië tot ver in de 20ste eeuw leefden als jager-verzamelaars, waren zo’n 15 uur per week druk met het vinden van voedsel’, vertelt de Zuid-Afrikaanse antropoloog James Suzman vanuit zijn werkkamer in Cambridge, Groot-Brittannië. ‘Nog eens 15 uren werden besteed aan taken rondom het huis en het zorgen voor de kinderen.’ Bij elkaar opgeteld hielden ze veel meer vrije tijd over dan de meeste mensen tegenwoordig.

In Nederland telt de gemiddelde werkweek 31 uur en besteden we zo’n 21 uur aan zorgtaken en huishoudelijke klussen. Wat de Ju/’hoansi met hun vrije uurtjes deden? ‘Ontspannen, discussiëren, haren invlechten, sieraden maken en met de kinderen spelen.’

Uit de mond van Suzman klinkt het leven van deze jager-verzamelaars best aantrekkelijk. Ruim vijftien jaar lang deed Suzman veldonderzoek naar de Ju/’hoansi, die momenteel in nederzettingen wonen waar ze met moeite hun traditionele cultuur proberen te bewaken. ‘Ze hadden nooit werkstress, zoals wij nu. Werk was iets wat ze deden om in hun primaire behoeftes te voorzien. Als ze honger hadden, gingen ze jagen. Ze vertrouwden erop dat de natuur hun genoeg eten zou geven.’

We kunnen moeilijk terug naar de tijd dat we jager-verzamelaars waren...

‘Nee, dat kan niet. Maar we kunnen wel iets leren van hoe zij hun werk benaderden. Zij werkten om te leven, niet andersom. Ze herinneren ons eraan dat we niet geboren zijn om constant te werken.’

Het is volgens Suzman een hardnekkig misverstand dat onze drang naar productief zijn en hard werken nou eenmaal de menselijke natuur is - en dus onveranderlijk. ‘Het is niet onze natuur, het is cultuur.’ Want als je teruggaat in de geschiedenis van de werkende mens kom je andere inspirerende voorbeelden tegen. ‘Bij de Ju/’hoansi zag ik hoe het leven kan zijn als niet alles draait om economische groei: ook zonder een volle werkweek kun je een zinvol bestaan hebben.’

Volgens u zijn we anders over werk gaan denken op het moment dat de landbouw werd uitgevonden. Wat gebeurde er?

‘Er moesten opeens voorraden worden aangelegd en alles werd vooruit gepland. Dat bracht stress met zich mee. Dat zit nog steeds diep verankerd in onze cultuur. Voor wie vroeger in de veeteelt of landbouw werkte was er een duidelijk verband tussen de hoeveelheid werk die werd verzet en de beloning. Dat zag ik terug bij de buren van de Ju/’hoansi, die op het land werkten. De boer die alle apen en olifanten wegjoeg om de gewassen te beschermen en zijn land het ijverigst bewerkte, kreeg het beste resultaat. Toen had het een functie. We gedragen ons nog steeds zo terwijl er nu in veel beroepen geen duidelijk verband meer bestaat tussen werk en beloning. De mensen die het hardst werken zijn de mensen met twee banen, en die krijgen vaak het minimumloon.’

Relaxen na de gedane arbeid zijn we in de Westerse wereld een beetje verleerd, stelt u in uw boek. Hoe komt dat?

‘De Amerikanen hebben er een naam voor: de Sunday scaries. Dat is het onvermogen om te ontspannen aan de vooravond van een nieuwe werkweek. We ervaren veel druk op ons werk. Jager-verzamelaars haalden juist veel voldoening uit hun werk. Het was fysiek, intellectueel en emotioneel uitdagend. Je deed er jaren over om de juiste vaardigheden op te doen. Ze kregen een onmiddellijke beloning voor hun werk en leefden enkel in het hier en nu. Tegenwoordig zijn er veel zogenoemde bullshitbanen en zijn we in ons werk altijd op de toekomst gericht: ‘Als ik mijn hypotheek heb afbetaald, dan kan ik genieten van mijn pensioen’. Of: ‘Als ik hard werk, dan kom ik een stap verder op de carrièreladder’. Dat is onbevredigend.’

De econoom John Maynard Keynes voorspelde in 1930 dat we door de automatisering een werkweek van 15 uur zouden krijgen. Waarom lukt het ons niet om minder te werken?

‘Werk geeft ons een identiteit en sociale status. Dat is ontstaan op het moment dat mensen in steden gingen wonen, duizenden jaren terug. Zonder de klassieke familiestructuren uit de dorpen zochten vakgenoten elkaar op. De bakkers bij de bakkers. Sommige beroepen kregen hun eigen buurt, mensen trouwden in eigen kring.’

Gelooft u dat de coronacrisis bijdraagt aan een cultuurverandering op werkgebied?

‘We zijn ons door deze pandemie meer bewust dat de manier waarop we werken niet langer houdbaar is. We vinden het raar is dat de verpleegster in het ziekenhuis honderd keer minder verdient dan een derivatenhandelaar. Ik geloof dat de kortere werkweek een momentum beleeft, alleen duurt het veel langer dan Keynes voorspelde. Je ziet dat in steeds meer landen wordt geëxperimenteerd met de vierdaagse werkweek en er is een levendige discussie over het basisinkomen. Het is niet gek dat we altijd maar meer willen als je opgroeit in een schoolsysteem waarin je wordt aangemoedigd harder te werken en betere cijfers te halen. Het is belangrijk om te beseffen dat onze ongezonde werkcultuur aangeleerd gedrag is. Maar we kunnen het ook weer afleren.’

Keynes en de 15-urige werkweek

Dat de voorspelling van Keynes wat betreft de 15-urige werkweek niet is uitgekomen heeft volgens James Suzman te maken met het feit dat we ons nog steeds gedragen alsof er sprake is van schaarste, ook in deze tijd van overvloed. ‘We geloven dat de mens oneindige verlangens heeft, maar dat de middelen beperkt zijn. Dus blijven we in competitie met elkaar’, aldus Suzman. In zijn boek schrijft hij: ‘Als Keynes vandaag de dag nog had geleefd [...] zou hij misschien vaststellen dat onze basisbehoeften zijn bevredigd, maar dat we toch zinloze constructies blijven scheppen die ons leven structureren en doelgerichte geldmakers de gelegenheid bieden hun buren de ogen uit te steken.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden