Een meisje speelt met een voetballende robot tijdens een elektronicabeurs in Qingdao in China in juni 2013.
Een meisje speelt met een voetballende robot tijdens een elektronicabeurs in Qingdao in China in juni 2013. © EPA

Waarom jongens geen meisjes zijn en meisjes geen jongens

Jongens lijden onder het vooroordeel dat ze lastig en druk zijn, schreef Asha ten Broeke zaterdag in Vonk. Mark van Vugt reageert en stelt dat er weinig wetenschappelijk bewijs bestaat voor dit effect.

Zijn jongens en meisjes verschillend van elkaar? Ouders die in de gelukkige omstandigheid verkeren dat zij zowel een zoon als een dochter hebben, hoeven geen moment na te denken over het antwoord op deze vraag. Natuurlijk verschillen jongens en meisjes van elkaar! En, voegen ze er onmiddellijk aan toe, daar heb je echt geen wetenschappelijk onderzoek voor nodig.

Onlangs lieten Amerikaanse neurowetenschappers in het gezaghebbende wetenschappelijke tijdschrift PNAS zien dat de hersenen van mannen en vrouwen anders in elkaar zitten, en ook anders functioneren. In het licht hiervan is het tamelijk verontrustend dat journalisten in kranten en opiniebladen met regelmaat ontkennen dat sekseverschillen bestaan. En als ze al zouden bestaan, dan zijn ze het product van sekse-stereotypering, zo wordt beweerd. Zo stond er in het Vonk-katern van 3 januari een verhaal van Asha ten Broeke over jongens-meisjesverschillen met als boodschap dat jongens drukker en lastiger zijn, omdat leerkrachten en ouders hun stereotype verwachtingen botvieren op de kinderen: 'Omdat ik het idee heb dat jongens drukker zijn, zie ik ze ook als drukker.'

 
Het is verkeerd om - misschien uit politieke correctheid - sekseverschillen te ontkennen.
Mark van Vugt

Verschillen zijn reëel
Nog los van het feit dat dit geen verklaring is - want waarop is dit stereotypebeeld gebaseerd behalve ervaringen? - heb ik in een eerdere blog "Waar blijven de wiskundemeisjes" al opgemerkt dat er weinig wetenschappelijke steun bestaat voor dit sekse-stereotyperings-effect.  Jongens presteren gemiddeld niet beter in de moeilijkere technische vakken omdat de leerkracht dit graag zo wil, en meisjes gedragen zich gemiddeld niet empathischer omdat hun ouders of de maatschappij dit van hen verwachten.  Natuurlijk: de verschillen tussen mannen en vrouwen (jongens en meisjes) zijn reëel. Het zou verkeerd zijn om ze - misschien omwille van een in bepaalde kringen heersend idee van politieke correctheid - te ontkennen. Een rechtvaardige behandeling van jongens en meisjes op school en mannen en vrouwen op de werkvloer begint bij de acceptatie van de wetenschappelijke kennis over seksverschillen én de oorzaken van deze verschillen.  Laten we gelijkheid en rechtvaardigheid niet met elkaar verwarren!

De vier T's
De verschillen tussen mannen en vrouwen kunnen aan de hand van 4 kenmerken worden samengevat. Ik laat me hierbij inspireren door het werk van mijn Britse collega Helena Cronin, evolutionair biologe van de London School of Economics. Mannen en vrouwen verschillen in tenminste vier T's: Talents, Tastes, Temperaments en Tails.  Laten we met de eerste T beginnen. Mannen scoren gemiddeld beter op taken waarin ruimtelijk inzicht wordt getest, bijvoorbeeld hoe een object wordt gedraaid in een driedimensionale ruimte, navigatietaken of zo u wilt:  hoe een auto moet worden ingeparkeerd. Vrouwen scoren gemiddeld beter op verbale taken ('Verzin zoveel mogelijk woorden die beginnen met de letter G').  Deze verschillen zijn overal op de wereld aanwezig, maar de mate waarin ze zich manifesteren varieert wel per land. Dit heeft waarschijnlijk te maken met de inrichting van het onderwijs. Ook gaat het hier om gemiddelde verschillen, wat  betekent dat er gewoon heel veel vrouwen zijn die hoog scoren op ruimtelijk-inzichttaken.

Dan de tweede T: Tastes. Vrouwen zijn in het algemeen meer gericht op mensen en mannen meer op voorwerpen en abstracte zaken. Met de stelling 'Ik ben gelukkig als ik erin slaag om dingen te doen die andere mensen gelukkig maken' zijn veel meer vrouwen dan mannen het eens. De mannelijke fascinatie voor niet-levende objecten is ook al zichtbaar bij een ver familielid van de mens. Als je vervet-aapjes laat kiezen tussen verschillende typen speelgoed, dan gaan de mannetjes vaker voor het autootje en verkiezen de vrouwtjes vaker de pop. Een goede journalist die dit verschil kan verklaren met door middel van seksestereotypering!

Dan zijn er verschillen in Temperament. Mannen zijn gemiddeld competitiever ingesteld en meer geneigd om risico's te nemen. Ze bedenken de gekste dingen om elkaar mee te beconcurreren, en als ze verliezen dan verzinnen ze iets anders waarin ze elkaar de baas kunnen zijn. De lijst is lang: van cook-offs tot het wereldkampioenschap snor groeien of de nieuwste sport, extreem strijken, waarbij mannen op gevaarlijke plekken - een hoge klif, een zeilboot op open zee - uitmaken wie het mooist een overhemd kan strijken.

Ten slotte, en deze is zeer belangrijk, zijn er sekseverschillen in de Tails, de uiteinden van de scores. Ook al overlappen de scores van mannen en vrouwen op de drie voorgaande T's sterk, wat met name opvalt zijn verschillen in de spreiding in scores. Die spreiding is onder mannen groter dan onder vrouwen. Neem intelligentie. Hoewel mannen en vrouwen gemiddeld niet verschillen, tref je onder  mannen relatief veel heel intelligente mensen aan, bijvoorbeeld Nobelprijswinnaars, maar ook relatief veel hele domme.

Jagers en verzamelaars
De man-vrouwverschillen in de vier T's zijn diepgeworteld in onze evolutionaire geschiedenis. Allereerst zijn wij zoogdieren, en bij alle zoogdieren bestaat er tussen mannetjes en vrouwtjes een verschil in hoe ze omgaan met nageslacht. Aangezien de vrouwtjes meer investeren in het nageslacht dan de mannetjes (die hoeven bij wijze van spreken alleen maar hun zaad te doneren) zijn de vrouwtjes meer gespecialiseerd in het verzorgen, terwijl de mannetjes meer gericht zijn op competitie. De variatie in aantallen kinderen bij mannetjes is veel groter is dan bij vrouwtjes. De mannetjes zijn dus gebaat bij competitie en status en de sterkere seksuele competitie onder mannen verklaart weer waarom de extreme variaties in allerlei eigenschappen als intelligentie,  persoonlijkheid of seksualiteit meer een mannending is.

Daarnaast stamt de moderne mens af van jager-verzamelaarculturen waar de rollen tussen de seksen duidelijk verdeeld zijn en die verdeling is waarschijnlijk al miljoenen jaren oud. In traditionele culturen zijn mannen de jagers en vrouwen de verzamelaars. Dit biedt een mogelijke verklaring voor de verschillen in ruimtelijke en verbale kwaliteiten. Het eten van de jager verplaatst zich en de jager moet zijn weg terug zien te vinden naar het kamp. Het eten van de verzamelaar is op dezelfde plek dichtbij het kamp te vinden. Men moet het goed met elkaar zien te kunnen vinden in het kamp terwijl de jagers op pad zijn. Uiteraard kan cultuur een belangrijke rol spelen, en kunnen we als samenleving besluiten om iets te doen aan de aangeboren verschillen tussen mannen en vrouwen. Dat initiatief ondersteun ik van harte. (Overigens:  ook al zijn de verschillen aangeboren, dat betekent niet dat ze bij de geboorte altijd meteen tot uiting komen. Denk maar aan vrouwenborsten of de baardgroei van jongens).

Blind
Laten we eens kijken hoe we jongens minder druk en competitief, en meer empathisch kunnen maken, en hoe we ons technisch onderwijs zo kunnen inrichten - bijvoorbeeld meer toegepast maken - dat meisjes het (nog) beter doen en leuker vinden. Maar het is onverantwoord - zowel vanuit wetenschappelijk als maatschappelijk oogpunt - om de verschillen die er bestaan onder tafel te vegen. Als we iets willen doen aan prostaatkanker of borstkanker, vindt iedereen het logisch dat we ons concentreren op één geslacht. Maar als het gaat om aantoonbare, aangeboren sekseverschillen in 'talents, tastes, temperaments, and tails', dan zijn we daar vaak blind voor. Misschien is dat de reden dat jongens en meisjes het niet altijd makkelijk hebben in onze samenleving.

Mark van Vugt (1967) is evolutionair psycholoog en hoogleraar aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Voor Vonk, het zaterdagse achtergrond- en opiniekatern van de Volkskrant, blogt hij geregeld over de 'vreemde, buitenissige en saillante aspecten van menselijk gedrag'. Hij is op Twitter te volgen via @ProfMarkvugt.