'Voor sportende leerlingen is niets te dol; help jonge ondernemers dan ook'
© UNKNOWN

'Voor sportende leerlingen is niets te dol; help jonge ondernemers dan ook'

Veel jonge ondernemers krijgen van hun school geen enkele steun, schrijft docent Ferry Haan.

Onderwijs bereidt jongeren voor op de toekomst, de arbeidsmarkt. Er zijn vele subdoelstellingen, maar de arbeidsmarkt staat bovenaan. Zonder opleiding geen goede baan. Maar wat doet het onderwijs met leerlingen die hun lot heel snel in eigen hand nemen? Wat doet het onderwijs met leerlingen die eigen bedrijfjes oprichten?

Daar doet het onderwijs niets mee. De scholen liggen vooral in de weg. Veel jonge ondernemers krijgen van hun school geen enkele steun. Jonge topsporters worden in de watten gelegd, maar het zakenkabinet van Mark Rutte heeft geen regeling voor jonge ondernemers in de schoolbanken.

Merkwaardig.

De verpersoonlijking van ons bizarre beleid heet Robert van Hoesel. Deze 18-jarige Zwolse ondernemer heeft een bedrijf waarin hij soms met 15 freelancers werkt. Hij richtte samen met een vriend de website KVK18.nl voor jonge ondernemers. Robert denkt mee met het project WeStudy.nl, waarin een leeromgeving voor de middelbare school zou moeten worden opgezet. Voor de organisatie Kennisnet neemt hij deel aan het project #21learners over de 'skills in het onderwijs' voor de komende eeuw. De meeste tijd stopt hij in advertising op sociale media via embassyofbrands.com.

Deze jongen van 18, die al volop bijdraagt aan onderwijsdiscussie - ik zat samen met hem in een sociale mediapanel voor de UVA-docentenopleiding - moet zijn vwo-diploma nog halen. Dit gaat hem niet lukken op zijn huidige school, zo liet hij doorschemeren. Zijn school is niet in staat mee te werken aan een persoonlijk rooster waarmee hij zijn werk en schoolloopbaan kan combineren. Was Robert van Hoesel een topsporter, dan was er niets aan de hand. Robert is echter een ondernemer en komt er nu niet uit met zijn school. Hij stapt nu noodgedwongen over naar het volwassenonderwijs, de Vavo.

Robert is niet de enige. Er zijn er meer leerlingen. Op internetfora klagen meer ouders van ondernemende kinderen. Wilma van Raamsdonk blogt haar frustraties van zich af. Haar zoon heeft een videoproductie bedrijf en loopt ook tegen de schoolmuren op. Op elke school loopt wel een jonge ondernemer, of onderneemster, rond. Dit zijn de jongeren waar Nederland het van moet hebben. Deze kinderen halen hun diploma niet dankzij hun middelbare school, maar eerder ondanks. De school begrijpt de ondernemer niet en ziet ondernemen vooral als een creatieve vorm van spijbelen.

Sporters
Bij sporters is het anders. Zelfs voor sporters die de top nooit zullen halen, zijn allerlei regelingen opgetuigd. Zo bestaan er de LOOT-scholen, scholen die sporters ondersteunen om hun diploma te halen en toch tegelijkertijd een sportcarrière najagen. De scholen faciliteren de sporters met een bijna persoonlijk schoolrooster en andere ondersteuning. Veel profvoetbalclubs hebben afspraken met scholen, zodat de leerlingen op tijd naar de trainingen komen. Bij sporters is niet te dol. Door het hele land zijn zogenoemde Talentscholen gevestigd. De sporters krijgen volop de ruimte.

Voor de zakenmensen van de toekomst hebben we niets geregeld. Althans niet op de middelbare school. In het beroepsonderwijs, hoger en middelbaar, zijn er meer mogelijkheden. In Zwolle loopt een test van drie onderwijsinstellingen, waaronder hogeschool Windesheim met een TopOndernemerRegeling. Bij MKB Nederland bestaat het 'jonge ondernemen', maar dit initiatief is gericht op twintigers, niet op tieners.

Op de middelbare scholen neemt de populariteit toe van het fenomeen business school. Dit is een manier om het vak 'Ondernemen' in te voeren. Vaak is een chique Cambridge business certificaat ingesloten. Samen met een aantal collega's werk ik ook aan de start van een dergelijke opleiding op mijn school. Deze opleiding is echter vooral gericht op leerlingen die een economische opleiding willen volgen na de middelbare school.

Voor leerlingen die al druk aan het ondernemen zijn, hebben we (nog) niets geregeld. Dat is natuurlijk ook niet zo eenvoudig. Want waar ligt de grens? Wanneer is ondernemen ook echt ondernemen? Is een krantenwijk ook een onderneming? Ik denk dat het niet zo moeilijk is om criteria op te stellen voor leerlingen die vergelijkbaar met topsporters, topondernemers willen worden. Hogeschool Windesheim zal al wel een lijstje hebben. Allereerst moet er natuurlijk een heus bedrijf zijn opgericht bij de Kamer van Koophandel. Een jury van ondernemers zou kunnen beoordelen of een jonge ondernemer ook serieus met zijn plannen bezig is.

Dwarsliggen
Ik neem aan dat Marja van Bijsterveldt, de CDA-minister van Onderwijs, samen met de werkgeversorganisaties VNO/NCW en MKB Nederland een dergelijke regeling eenvoudig uit de grond kan stampen. Ik neem ook aan dat er voldoende scholen zijn die, vergelijkbaar met LOOT, een netwerk van business schools zouden willen beginnen. Ik neem ook aan dat niemand echt moeilijk doet als iemand als Robert van Hoesel een 'topsporterbehandeling' krijgt. Zijn huidige school doet dat echter wel.

Net als de sporters zullen slechts enkele jonge ondernemers de top halen, maar wanneer ze die top bereiken, dan heeft het onderwijs meegeholpen aan een carrière. Nu liggen de meeste scholen dwars. Laten we in deze economisch moeilijke tijden, jonge ondernemers koesteren. Help Robert van Hoesel en andere jonge ondernemers aan hun diploma.

Ferry Haan is publicist en docent op een middelbare school.

Zie ook:
http://innovatie.kennisnet.nl/21-learners/over-het-project
www.kennisnet.nl
www.robbertvanhoessel.nl