'Schorsen? Lastpakken zijn meer geholpen met strafregels op school'
© ANP

'Schorsen? Lastpakken zijn meer geholpen met strafregels op school'

Vijfduizend keer werd een leerling geschorst in het afgelopen schooljaar. 'Stop ermee, want het werkt niet', schrijft orthopedagoog Astrid Boon. 'Scholen doen er goed aan eerst minder schadelijke straffen op te leggen, alvorens leerlingen het recht op onderwijs te ontzeggen.'

 
Uit onderzoek blijkt dat de afgelopen negen jaar het aantal schorsingen met meer dan de helft is toegenomen

De Inspectie van Onderwijs rapporteerde over schooljaar 2011-2012 vijfduizend schorsingsmeldingen, die vooral betrekking hadden op VMBO-leerlingen van 13 en 14 jaar. Zij missen veel vaker lessen dan hun leeftijdsgenoten op HAVO en VWO. Gemiddeld verliest een leerling per schorsing drie dagen onderwijs. In totaal gaat het dus gemiddeld om 15.000 gemiste lesdagen.    

Scholen hopen dat lastpakken na dit zware geschut ophouden lessen te verstoren, personeel uit te schelden of medescholieren te slaan en te schoppen. Ze moesten beter weten. Veel leerlingen vinden een schorsingsstraf vaak 'reuze meevallen'. Ze zijn even verlost van schoolwerk en krijgen aandacht van volwassenen. Geen wonder dat ze vaak niet lang daarna opnieuw tegen een schorsing aanlopen. Landelijk neemt het aantal lesverwijderingen en schorsingen dan ook toe naarmate het schooljaar vordert. Deze sancties maken steeds minder indruk en worden daardoor steeds minder effectief.

Nog zorgwekkender is dat uit de cijfers van de Inspectie van Onderwijs blijkt dat de afgelopen negen jaar het aantal schorsingen met meer dan de helft is toegenomen. Steeds vaker missen leerlingen zoveel lesstof dat ze hun leerachterstand moeilijk meer in kunnen halen. Resultaten en motivatie kelderen. Zittenblijven en schoolverlaten zonder diploma dreigt.

Stoer gedrag
Omdat schorsen een risico oplevert voor de schoolloopbaan van het kind, zijn ouders vaak wél erg onder de indruk. Zij proberen hun kind wanhopig te doordringen van de noodzaak zich anders te gedragen. Vaak tevergeefs. Menige puber heeft weinig oog voor de langetermijnrisico's: zodra hij in de groep functioneert, raakt hij gericht op de kortetermijnwinst (aanzien bij leeftijdsgenoten) die hij kan binnenhalen via stoer, brutaal gedrag.

Kan het anders? Ja, vond een kleine vmbo-school in Amsterdam. In schooljaar 2008-2009 koos deze school ervoor om het aantal schorsingen en verwijderingen uit de les te verminderen door met een andere straf te komen, die wél werkt en geen negatieve bijwerkingen kent.

Eerder was onderzoek uitgevoerd onder 925 leerlingen op drie scholen voor voortgezet onderwijs. Daarbij was hen gevraagd naar de 'vervelendste' straf. Uit de resultaten viel af te leiden dat een straf die indruk maakt en preventief werkt drie elementen moet bevatten: 1) inleveren van tenminste anderhalf uur vrije tijd,  2) in die tijd het moeten uitvoeren van een supergênante werkstraf (bijvoorbeeld kauwgom krabben) of supersaaie werkstraf (strafregels schrijven) en 3) onmiddellijk informeren van de ouders.

Strafregels schrijven
Deze vmbo-school koos voor het schrijven van 'pedagogische strafregels' waaraan leerlingen diezelfde dag nog na schooltijd op school gaan schrijven en die door ouders moet worden ondertekend.  Daaraan voorafgaand vond een training voor docenten in de nieuwe 'strafregelaanpak' plaats en meteen erna een informatieavond voor de ouders.

In het experimentele jaar 2008-2009 bleek een groot verschil tussen de periode voor en na invoering van de nieuwe aanpak in januari. Het gemiddeld aantal schorsingsuren per leerling daalde fors, van 1,9 naar 0,6 uur, een afname met tweederde. Dit resultaat valt temeer op omdat in controlejaar 2007-2008 in dezelfde periode na Kerstmis sprake was van een toename van 1,6 naar 2,9.

Andere scholen hebben dit voorbeeld gevolgd en zijn ook de effecten van de schrijfstraf gaan meten op andere terreinen: massaal te laat komen, het vergeten van boeken en het niet maken van huiswerk. Al deze gewoonten werden effectief teruggedrongen. Op één school is ook het ongeoorloofde verzuim in de bovenbouw tot vrijwel nul teruggebracht. Hoewel nader onderzoek nodig is, zijn deze eerste resultaten veelbelovend.

Onderwijsinspecteurs en leerplichtambtenaren kunnen hier hun winst mee doen. Ook ouders kunnen hierin een rol spelen. Zij zouden er goed aan doen scholen te vragen om voortaan eerst andere, effectievere en minder schadelijke straffen op te leggen, alvorens leerlingen het recht op onderwijs te ontzeggen. Dat kan gunstig uitpakken voor de leerlingen, hun ouders, de scholen en de samenleving.
 
Astrid Boon is orthopedagoog op vier scholen voor Voortgezet Onderwijs en de auteur van het boek Straf /Regels.