'Turk wílde geen schotel op z'n dak'
© UNKNOWN

'Turk wílde geen schotel op z'n dak'

Nederland loopt met z'n integratiebeleid achter de feiten aan. Beleidsmakers zouden veel meer informatie over integratie moeten inwinnen bij migrantenkinderen.

Soms is het echt pijnlijk om te moeten toezien hoe de Nederlandse politici omgaan met integratie. Het lijkt op een voetbalwedstrijd waarin de thuisspelende club uit arrogantie niet voluit speelt en zodoende de hele wedstrijd achter de feiten aan loopt. Juist door die houding krijgt de thuisspelende voetbalclub in de laatste minuten nog een doelpunt tegen.

Hetzelfde verschijnsel zie ik helaas in Nederland met betrekking tot de integratie. Politici zeggen iets, maar doen vervolgens het tegenovergestelde. Dit terwijl integratie eigenlijk iets heel erg simpels is, overigens net als voetbal.

Slimmer
Ten eerste zou informatie over integratie moeten worden ingewonnen bij de ervaringsdeskundigen bij uitstek: immigrantenkinderen die geboren en getogen zijn in achterstandswijken maar die inmiddels volwaardig meedraaien in de Nederlandse samenleving omdat ze een goede opleiding hebben genoten.  Dit zijn mensen die de Nederlandse taal beter beheersen dan menig autochtone Nederlander. Is het niet veel slimmer om te praten mét die mensen, in plaats van met anderen óver hen?

Zodra je dit als Nederlandse politieke partij doet, zul je snel begrijpen wat de integratie bevordert en wat de integratie hindert. Als ingewijde van de Turkse gemeenschap in Nederland kan ik enkele voorbeelden geven.

Bijna geen Turk in Nederland wil een antenneschotel. Dit kan als een schok komen voor veel politici, maar het is de waarheid. Veel Turkse Nederlanders hebben pas een antenneschotel aangeschaft nadat de Turkse zender TRT INT van de Nederlandse buis werd gehaald.
Nederlandse politici meenden met deze ingreep een bijdrage te leveren aan de integratie van de Nederlandse Turken. In werkelijkheid bereikten ze het tegenovergestelde. Nu kijkt de gemiddelde Turkse Nederlander naar ongeveer 200 Turkse zenders via de antenneschotel terwijl dit daarvoor slechts één was (te weten TRT INT). Het positieve aan TRT INT was ook dat het nieuws altijd drietalig werd uitgezonden. Na de Turkse nieuwslezeres kwamen achtereenvolgens een Engelssprekende presentator, gevolgd door een Duitssprekende schone.

Nederlands had zich ervoor moeten inzetten dat TRT INT ten behoeve van de 450 duizend Turken in Nederland en 250 duizend Turken in België ook een Nederlandssprekende nieuwslezer(es) aan te trekken. Via TRT INT had Nederland een vrij grote invloed kunnen uitoefenen op het integratieproces van de Turkse bevolking in Nederland. Deze kans heeft het echter gemist.

Absurd

Met de komst van de antenneschotel werden de Turkse kijkers overspoeld met commerciële zenders, waarvan de een nog absurder dan de ander is. De degelijke nieuwsbulletins, meertalige uitzendingen, discussieprogramma's, documentaires en hoogwaardige informatieve programma's werden nu vervangen door tabloidnieuws.
Ook veel Turkse kijkers in Nederland klagen hierover, maar ze voelen zich toch gedwongen om naar deze platte programma's te kijken omdat ze anders niet met anderen uit hun omgeving kunnen meepraten over dingen die de Turken in binnen-  en buitenland bezighouden.

Toen dit inzicht tot de Nederlandse beleidsmakers doordrong, meenden zij de antenneschotel als vervuiler van de openbare ruimte te kunnen weren.  Veel antenneschotels werden verboden of teruggebracht tot een doorsnee van 70 centimeter. Dit terwijl een schotelantenne een doorsnee van 1 meter dient te hebben om de Turkse zenders te kunnen ontvangen.

Deze vorm van censuur werd eerder dit jaar afgewezen door het Europese Hof, en inmiddels zijn de grote antenneschotels weer toegestaan. Maar intussen waren veel Turken in Nederland jaren aangewezen op Turkse zenders in Duitsland. En die werden vaak gebruikt voor de verspreiding religieus getinte boodschappen. Ze richtten zich op de Europese gemeenschap van Turken, terwijl veel Turken juist een antenneschotel kochten om op de hoogte te blijven van de ontwikkelingen in het land van herkomst. De situatie van hun landgenoten in Duitsland en België interesseerde hun aanvankelijk niet bovenmatig.

De Turken in Europa voelen zich nu anders dan hun landgenoten in Turkije, maar hebben ook niet veel gemeen met hun Nederlandse buren. Nederland is met deze ontwikkeling weer een stap verder van integratie, omdat de transnationale contacten tussen Turken in België, Duitsland, Frankrijk en Nederland inniger zijn geworden.
De Nederlandse politiek heeft zelf aan deze ontwikkeling bijgedragen en staat nu met lege handen. Ze loopt simpelweg achter de feiten aan. What else is new?

Armand Sag is als promovendus verbonden aan de Radboud Universiteit. Hij is bestuursvoorzitter van het Instituut voor Turkse Studies in Utrecht.