Stil verlangen naar Monsieur

Hoe de brave dienstmaagd Anna in de eerste helft van de achttiende eeuw in dienst kwam bij een verfijnde uitgever van bladmuziek in de Warmoesstraat te Amsterdam, en hoe ze haar baan en broodheer weer verloor....

Het spektakel in deze historische roman speelt zich telkens buiten Anna’s gezichtsveld af, en aangezien zij de terugblikkende verteller is, wordt ook het perspectief van de lezer verengd. Anna’s welgestelde ouders zijn op haar 19de omgekomen bij een brand in Leidschendam, zodat ze als wees per trekschuit naar de hoofdstad komt, met het voornemen ‘naar het goede te blijven streven’ en geen morsebel te worden. Ze is onder de indruk als ze kost en inwoning krijgt bij de handelaar in bladmuziek en instrumenten, ‘Monsieur’ de Malapert – lang, slank, introvert. Stilaan wordt de verstandhouding tussen hem en haar vertrouwelijker, wat bij de bedeesde Anna de hoop voedt dat er ooit sprake zal zijn van een werkelijke intimiteit. Alles in het nette, en zonder dat ze wil tornen aan het vigerende rollenpatroon: ‘Het is logisch dat de vrouw zich aan de man moet onderwerpen, anders zou het een wilde boel worden.’ Zo weet ze, niet uit ervaring, maar door er veel over te lezen. Haar ‘stomme zonde’, namelijk in stilte te verlangen naar toenadering tot Monsieur, zet ze om in een indirecte daad: in een magazijn koopt ze donkergroene stof om er een mooie rok van te maken, opdat een man die in staat zou zijn kwaliteit te onderscheiden, hopelijk ook ‘de dame zag die ik in werkelijkheid was en niet meer alleen de dienstbode’. Maar juist op het verbeide moment dat ze haar rok draagt, is De Malapert in zorgelijke omstandigheden geraakt. Hij heeft geen oog voor haar kledij. De man blijkt betrokkene te zijn in een netwerk van gelijkgeslachtelijken die zich overgeven aan een geheel andere ‘stomme zonde’: homoseksualiteit, the love that dare not speak its name. Korte tijd later wordt De Malapert gearresteerd, en op de Dam geëxecuteerd. Arme Anna bevindt zich onder het toegestroomde publiek: ‘Zou Monsieur vandaag hetzelfde pak aan hebben als de laatste keer dat ik hem had gezien? Zou hij al die tijd niets schoons hebben gekregen? Had ik het nog maar voor hem kunnen afborstelen.’ Voordat het finale moment daar is, vlucht ze. Nu, op haar 37ste, in dienst bij een oud stel in de Servetsteeg en schrijvend op een lekkende mansarde, probeert ze te begrijpen wat haar baas heeft bezield. Misschien, oppert ze, ging voor hem op wat een gearresteerde koopman beweerde: dat zijn zonde voortkwam uit de hopeloze liefde voor een onbereikbare vrouw. Zonder het met zoveel woorden te zeggen, dénkt ze achteraf een grotere rol gespeeld te hebben in een drama waaraan ze de facto uitsluitend als zwijgzame figurante deel had. Door die hint geeft Anja Sicking deze gave roman over een vrouw die geen slachtoffer was, maar door een combinatie van omstandigheden en haar karakter wel veroordeeld altijd een buitenstaander te blijven, een subtiele toets van aandoenlijkheid. Arjan PetersAnja Sicking: De stomme zondeContact173 pagina’seuro 16,90ISBN 90 254 2479 1