Asielzoekers demonstreren op het Plein waar de Tweede Kamer vergadert over het vreemdelingenbeleid.
Asielzoekers demonstreren op het Plein waar de Tweede Kamer vergadert over het vreemdelingenbeleid. © ANP

'Nederland mag asielzoekers niet op straat zetten'

Uitgeprocedeerde asielzoekers mogen niet meer zonder voorzieningen op straat worden gezet. VluchteningenWerk meldt donderdag dat het Europees Comité voor Sociale Rechten dat heeft besloten. Volgens VluchtelingenWerk betekent dit een einde aan de 'vaak onmenselijke omstandigheden waarin uitgeprocedeerde asielzoekers in Nederland leven'.

Het comité is onderdeel van de Raad van Europa en reageerde hiermee op een klacht van de Protestantse Kerk in Nederland. De bodemprocedure voor een permanent recht op opvang loopt nog, aldus VluchtelingenWerk.

Mensen zonder verblijfsvergunning 'lopen het risico op ernstige en onherstelbare schade aan hun leven als zij uitgesloten worden van opvang, voedsel en kleding', citeert Fischer uit de beslissing. 'De Staat moet daarom alle mogelijke maatregelen nemen waardoor hun basisbehoeften worden gewaarborgd.'

Eind aan onmenselijkheden
Er moeten op landelijk en regionaal niveau voorzieningen worden getroffen en de Staat moet ook aan het comité melden welke maatregelen hij heeft getroffen. VluchtelingenWerk is blij met de beslissing van het comité: 'Dit betekent een einde aan de vaak onmenselijke omstandigheden waarin uitgeprocedeerde asielzoekers in Nederland leven.'

Een woordvoerster van de verantwoordelijke staatssecretaris Fred Teeven noemde het oordeel van het comité ,niet bindend'' en 'voorlopig'. Het departement wacht daarom het definitieve oordeel af.

Partijen eisen reactie
Verschillende partijen in de Tweede Kamer willen snel een reactie van Teeven op het oordeel van het comité. Het CDA wil opheldering van Teeven over de reikwijdte en de gevolgen. De ChristenUnie wil dat de staatssecretaris 'werk gaat maken van een rechtvaardig asielbeleid'. Kamerlid Joël Voordewind van de ChristenUnie heeft samen met de SP, GroenLinks en D66 om een brief gevraagd naar aanleiding van de voorlopige uitspraak. Marit Maij van de PvdA vindt de uitspraak  'belangwekkend'. 'Advies van de Raad voor Europa heeft in het verleden vaker tot beleidsverandering geleid', aldus het Kamerlid.

Staatssecretaris Teeven vindt het standpunt 'buitengewoon onwenselijk' vanwege de aanzuigende werking die de uitvoering ervan zou kunnen hebben, liet hij donderdagavond alvast weten. Hij wil echter nog niet te diep op de kwestie ingaan.  'Het is geen juridisch bindende uitspraak, maar het voorlopig standpunt van een ondercommissie. We gaan niet in de houding springen en iedereen eten en drinken geven. We zijn het aan het bestuderen en gaan het definitieve standpunt afwachten.'