Topmanager meer dan ooit gericht op snelle winst
© THINKSTOCK

Topmanager meer dan ooit gericht op snelle winst

Topmanagers richten zich wereldwijd meer dan ooit op kortetermijnresultaten, ook al weten ze dat een langetermijnstrategie beter zou zijn voor hun bedrijf. Dat komt door de tucht van de financiële markten, blijkt uit nieuw onderzoek van organisatiebureau McKinsey.

 
Bedrijven krijgen minder gelegenheid te investeren en waarde te creëren op de lange termijn.
Dominic Barton, directeur McKinsey

Het 'kwaad van het kwartaalkapitalisme' is sinds het begin van de crisis eerder erger geworden dan verminderd, constateert McKinsey. Topmanagers trekken zich niets aan van internationale organisaties als de OESO, de G20 en het World Economic Forum, die de afgelopen jaren hebben gepleit voor een meer duurzame vorm van kapitalisme.

Druk toegenomen
McKinsey ondervroeg duizend topmanagers over de hele wereld. De onderzoeksresultaten worden gepubliceerd in het januarinummer van de Harvard Business Review. Van de ondervraagde managers erkent 63 procent dat de druk is toegenomen om zo hoog mogelijke winsten op de korte termijn te behalen.

Ruim driekwart (79 procent) van de managers zegt prioriteit te geven aan een zo hoog mogelijke winst in de komende twee jaar of op nog kortere termijn. Bijna de helft van de managers heeft een bedrijfsstrategie voor ten hoogste drie jaar. Driekwart zegt dat eigenlijk een strategie op langere termijn noodzakelijk is. En 86 procent erkent dat een langetermijnstrategie belangrijk zou zijn om het bedrijf te versterken en innovatie te bevorderen.

Beleggers van buiten
Directeur Dominic Barton van McKinsey constateert een groot verschil tussen wat managers vinden dat zij zouden moeten doen en wat zij feitelijk doen. 'De reden daarvoor is dat zij de druk voelen van beleggers van buiten', zegt Barton.

Daartoe behoren volgens hem grote institutionele beleggers, zoals pensioenfondsen, verzekeraars en beleggingsfondsen voor gemeenschappelijke rekening. Als het beleid van grote ondernemingen daadwerkelijk anders moet, dan moet ook de houding van die grote beleggers veranderen, onderstreept de McKinsey-directeur.

Groei ondermijnd
Het kortetermijndenken is de laatste jaren verergerd. 'Dit betekent dat bedrijven minder gelegenheid krijgen te investeren en waarde te creëren op de lange termijn.' McKinsey denkt dat hierdoor de economische groei wordt ondermijnd en dat beleggers zichzelf uiteindelijk in de voet schieten.

Institutionele beleggers hebben bijna driekwart (73 procent) van de aandelen van de duizend grootste Amerikaanse bedrijven in handen. 'In 1973 was dat 47 procent, zodat ze nu in overleg met de bedrijven de macht en de ruimte hebben om zich te richten op langetermijnbeleggingen', schrijft Barton. 'Helaas gebruiken ze bij hun beleggingen vooral kortetermijnstrategieën, of ze nemen vermogensbeheerders in de arm die niet onder het marktgemiddelde willen presteren.'

Simpele, heldere strategie
Voormalig ING-bestuursvoorzitter Jan Hommen, zondag uitverkozen tot Topman van het Jaar, zegt in reactie op het McKinsey-onderzoek: 'Als je rustig, zonder veel lawaai, maar vastberaden en met een simpele, heldere strategie doet wat goed is voor het bedrijf en zijn klanten op lange termijn, wordt dat gewaardeerd, ook door aandeelhouders.'