Viktor Orbán
Viktor Orbán © AP

Zal Orbán 'de Viktator' morgen de macht behouden in Hongarije?

Correspondent Jan Hunin is in Hongarije waar morgen verkiezingen plaatsvinden. De strijd tegen de corruptie is een belangrijk thema.

Robert Szaradics, een vijftiger met woeste baard en een jasje waarop Bad Street Boys staat, en János Szucs, een playboy op leeftijd, zitten op het terras van banketbakker Korona een ijsje te eten, wanneer plots Alpár Gyopáros bij hun tafeltje opdaagt.

Szaradics en Szucs kennen hem van zien. De 35-jarige Gyopáros zit sinds 2009 in het Hongaarse parlement. Hij vertegenwoordigt er Fidesz, de partij van premier Viktor Orbán. Bij de parlementsverkiezingen van zondag hoopt hij herkozen te worden.

Gyopáros' bureau bevindt zich in hetzelfde gebouw als de banketbakker. En hij heeft wel zin in een koffietje. Mag hij aanschuiven?

Ja, dat mag van Szaradics en Szucs.

Het terras van banketbakker Korona is hun territorium. Wanneer ze niet met hun motor door de omgeving scheuren - Szaradics op een Honda Magna, Szucs op een Suzuki 1800 - zijn ze hier vinden, zeker als het zoals vandaag mooi weer is. Er is in Csorna, een provinciestadje in het uiterste noordwesten van Hongarije, geen beter plekje om van de zon en het daarbij horend vrouwelijk schoon te genieten.

Zware vrachtwagens
Alhoewel, zo ideaal blijkt het terrasje toch niet. Een paar tientallen meters verderop denderen om de haverklap zware vrachtwagens voorbij. Csorna ligt op de verbindingsweg tussen Oostenrijk en de E-40 richting Boedapest. Dagelijks passeren door het centrum 25 duizend voertuigen, waaronder negenduizend vrachtwagens. In Hongarije krijgt alleen Boedapest meer verkeer te verwerken.

Een ringweg had allang een oplossing moeten brengen voor deze overlast, maar door getouwtrek tussen de twee grootste partijen van Hongarije sleept de bouw ervan al meer dan twintig jaar aan.

Nog voor de komst van Gyopáros heeft Szaradics met zijn leeggegeten schaaltje als model Szaradics uitgelegd waar het schoentje knelt. De socialisten wilden langs het noorden de stad passeren; Fidesz, de conservatieve partij van premier Viktor Orbán, langs het zuiden. Volgens de gepensioneerde bouwvakker probeerden beide partijen te knoeien met de aanbesteding. 'Zo gaat dat in Hongarije.'

Maar nu is er dan toch licht aan het einde van de tunnel. Buiten het centrum zijn volop wegenbouwers aan het werk.

Beloond
De partij die uiteindelijk de knoop doorhakte, Fidesz, zou daarvoor bij de parlementsverkiezingen van aanstaande zondag beloond moeten worden, maar niet door onze twee sympathieke vijftigers. Szaradics, die 23 jaar lang in Oostenrijk werkte, tot zijn gezondheid het begaf, is een trouwe aanhanger van de MSZP, de socialistische oppositie. Ook op Sz¿cs zal de partij van premier Viktor Orbán niet kunnen rekenen.

De zakenman, die vier jaar geleden Fidesz stemde, is niet van plan om zondag te gaan kiezen. Hij vindt Orbán te veel macht hebben, en dat is gevaarlijk. Drie jaar geleden werd de Hongaarse premier er na een omstreden grondwetswijziging in binnen- en buitenland van beschuldigd de democratische spelregels met voeten te hebben getreden. Hij hield er de bijnaam Viktator aan over.

Met hun kritiek aan het adres van Fidesz zijn Szaradics en Szucs een buitenbeentje in hun stad. Het noordwesten van Hongarije is conservatiever dan de rest van het land, zeker in een provinciestad als Csorna. Bij de vorige parlementsverkiezingen haalde de partij van Orbán er liefst 67 procent van de stemmen, meer dan waar ook in Hongarije. Zondag zal het iets minder worden. Zelfs traditionele Fidesz-kiezers, zoals de gepensioneerden die bij de waterpomp van het stadje hun petflessen komen vullen, vinden dat Orbán de verwachtingen niet heeft ingelost. Zijn sociale politiek, met als uithangbord de aan de energieproducenten opgelegde prijsverlaging voor gas en elektriciteit, heeft duidelijk niet iedereen kunnen overtuigen.

Monsterscore
Het is een aanwijzing dat een herhaling van de monsterscore van vier jaar geleden moeilijk wordt. Bij de vorige verkiezingen veroverde de Fidesz 52 procent van de stemmen, goed voor een tweederde parlementaire meerderheid.

Toch is er geen reden om te wanhopen. Volgens de opiniepeilers stevent Orbán opnieuw af op een comfortabele overwinning. Het eenheidsfront van socialisten, liberalen en groenen noch het extreem-rechtse Jobbik lijken in staat Fidesz van een nieuwe parlementaire meerderheid te houden.

Maar Gyopáros, de Fidesz-kandidaat van Csorna, heeft er het volste vertrouwen in. Hij is ondertussen bij Szaradzic en Szucs komen aanschuiven.

Om zijn punt te maken heeft hij een exemplaar van de Hongaarse Demokraat meegebracht, een verkiezingskrantje waarin Orbán waarschuwt voor de kolonisatie van Hongarije. De strijd tegen de Brusselse 'bureaucraten' en de invloed van het grote, vooral buitenlandse, kapitaal is een van de stokpaardjes van de Hongaarse conservatieven. Ze spelen daarmee in op het patriottisme van een volk dat zich als geen ander onbegrepen voelt door de rest van de wereld.

Maar ook de strijd tegen de corruptie blijft een belangrijk thema. Op de beruchtste affiche van de campagne worden de leiders van de centrum-linkse oppositie opgevoerd in een lineup van politie. Zij verdienen geen volgende kans, is de boodschap. Het is een allusie op de schandaalsfeer waarin de laatste socialistische regering in 2010 ten onder ging. 'Zoiets zal ons niet overkomen', beweert Gyopáros.

Szaradzic en Szucs lijken niet helemaal overtuigd. En het gesjoemel bij de aanleg van de ringweg dan? Maar Gyopáros laat zich niet van slag brengen. De zoon van de vorige socialistische burgemeester was bij het geknoei betrokken was, dat weet iedereen, zegt hij, maar Fidesz heeft zichzelf niets te verwijten. 'Noem mij een naam, en ik ga onmiddellijk bij de politie aangifte doen', zegt hij.

Szaradzic moet zich gewonnen geven. Nee, een naam kan hij niet noemen.

Wanneer Gyopáros even later vertrokken is, moet hij bekennen dat de Fidesz-kandidaat wel een aardige jongen is. Maar voor hem stemmen, vindt hij te veel gevraagd: 'Je stemt niet voor een persoon maar voor een partij.' Zijn vriend valt hem bij: 'Uiteindelijk is het toch Orbán die aan de touwtjes trekt.'