Kinderen voor het huis van Ramsha, het meisje dat is opgepakt wegens blasfemie.
Kinderen voor het huis van Ramsha, het meisje dat is opgepakt wegens blasfemie. © AFP

Zwakken als kleine christelijke meisjes en gehandicapten zijn slachtoffer van blasfemiewet

Dit keer is het een klein meisje met het syndroom van Down dat in Pakistan de doodstraf kan krijgen omdat ze papiertjes zou hebben verbrand waar Koranverzen op staan. Begin juli werd een zwakzinnige man door een woedende menigte in brand gestoken omdat hij een Koran zou hebben vernietigd. En de christelijke Asia Bibi werd vorig jaar tot dood door ophanging veroordeeld omdat ze de profeet beledigd zou hebben. Die straf werd vanwege grote internationale druk niet uitgevoerd, maar de vrouw zit nog steeds in een dodencel.

Het aantal blasfemiezaken in Pakistan neemt steeds meer toe en liberale Pakistanen zien dit als een zorgwekkend signaal dat het extremisme in de samenleving steeds sterker wordt. Niemand durft echter iets te ondernemen. De macht van de mullahs is te groot en sektarische groepen fluiten iedereen die zich tegen de wetten uitspreekt, met geweld terug.

Twee groepen zijn telkens weer het slachtoffer van de wetten: minderheden als Pakistaanse christenen en verstandelijke gehandicapten. Mensen die in zichzelf brabbelen en daarbij tegen god tekeer gaan of die al ijlend pagina's uit een Koran scheuren, zouden in de meeste landen medische hulp krijgen. In Pakistan lopen ze echter het risico de doodstraf te krijgen.

'Weinig sympathie'
De Mensenrechtencommissie van Pakistan pleit er al langer voor dat de psychische toestand van verstandelijk gehandicapten mee zouden moeten worden gewogen bij aanklachten, maar dit voorstel kan op weinig instemming rekenen.

'Er is weinig sympathie voor zwakzinnigen en op het moment dat de massa is opgezweept, is er geen ruimte voor rationaliteit', zegt Zohra Yusuf, voorzitter van de mensenrechtencommissie tegen de Washington Post. 'Als iemand eenmaal wordt verdacht, is er weinig kans dat deze persoon het er levend vanaf brengt.'

Christenen worden door veel Pakistanen gezien als agenten voor een westerse, verfoeide levensstijl of als vijfde colonne van de Amerikanen; ze worden met achterdocht bekeken en zijn meestal veroordeeld tot een armzalig bestaan.

Het meisje dat nu is opgepakt, dat Ramsha zou heten, is zowel gehandicapt als christelijk. De sloppenwijk waar zij woonde, wordt ook wel de 'christian area' genoemd, een van de weinige slechte wijken die het relatief welvarende Islamabad telt. Veel inwoners overleven hier, door vuilnis op te halen en bruikbare spullen weer te verkopen.

Vorige week donderdag was ook Ramsha vuilnis aan het verzamelen. Wat er daarna precies gebeurde, blijft echter onduidelijk. Sommige mensen zeggen dat ze hebben gezien hoe het meisje en haar moeder een Koran in brand staken, anderen zeggen dat Ramsha een pagina uit het heilige boek had gevonden, en het samen met een berg andere papieren verbrandde.

Asresten
Een meisje van 10 zegt dat ze alles heeft zien gebeuren, en nam de asresten mee naar de lokale moskee. Volgens sommige berichten zouden er echter geen resten van de Koran te zien zijn geweest, en sommige media melden dat de iman zelf een paar pagina's uit het heilige boek met de as vermengd zou hebben, voordat hij het 'bewijs' overdroeg aan de politie.

Zodra het nieuws zich in Islamabad verspreiddde, eisten woedende meutes dat de schuldigen zouden worden vervolgd, waarop het meisje werd gearresteerd. Honderden christenen zouden uit hun wijk zijn gevlucht uit angst voor wraakacties van de massa.

De Pakistaanse president Asif Ali Zardari heeft nu toegezegd 'serieus' naar de zaak te kijken. 'Blasfemie kan niet worden toegestaan', zei hij, 'maar niemand mag deze wetten gebruiken om persoonlijke vetes op te lossen.'

Dat is altijd het voorzichtige argument waarmee de blasfemiewetten binnen Pakistan bekritiseerd worden: er is niets mis met de wet zelf, maar er zou te gemakkelijk misbruik van gemaakt kunnen worden.

Pogingen om de wetten aan te passen zijn echter zeer controversieel en ook gevaarlijk. Vorig jaar werden zowel de gouverneur van de Punjab, Salman Taseer, als de minister voor minderheden, Shahbaz Bhatti, vermoord nadat zij zich tegen deze wetten hadden uitgesproken. De internationale gemeenschap en liberale Pakistanen spraken hun afschuw uit, maar het grootste deel van de bevolking juichte deze moorden toe.

Ook oud-president Pervez Musharraf liep jaren geleden al stuk op de macht van de conservatieve krachten van het land. Toen hij net aan de macht was, zwoor hij om de wet aan te passen, maar toen de mullahs woedend de straat op gingen, krabbelde hij snel terug. De kans is klein dat de zwakke regering die nu aan de macht is het zal aandurven om de blasfemiewetten te herzien.