Een ruimte voor bezinning en gebed op de Universiteit Tilburg. © Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Een ruimte voor bezinning en gebed op de Universiteit Tilburg. © Marcel van den Bergh / de Volkskrant © UNKNOWN

Bidden in de kantine, kan dat wel?

Ze bestaan nog wel; van die bleke meisjes met lange rokken, en van die blije jongens, die zingen dat Jezus je komt redden. Maar op de borrels van Impact komen hele andere christenen af. 'Wij zijn jonge, hoogopgeleide mensen die met beide benen in de samenleving staan', zegt Abel Korevaar, zelf niet bepaald het type bleekneus. 'We willen, net als ieder ander, carrière maken. Alleen staat God bij ons ook op de agenda.'

Korevaar (37) is directeur van St. IMPACT Netwerk, een christelijke organisatie die mensen tussen 22 en 35 jaar bij elkaar brengt om hun dilemma's te bespreken, en om hen te inspireren te leven naar het voorbeeld van Jezus Christus. Hoe je dat op je werk doet, is voor iedere gelovige weer anders. De een wil op zondag niet werken, de ander piekert of hij nu voor de lunch moet gaan bidden in de bedrijfskantine.
 
Christelijke professionals
'Ik hoop zelf vooral dat mijn christelijke waarden zichtbaar zijn', zegt Korevaar. Hij heeft jarenlang nieuwe merken gelanceerd bij telecombedrijf Debitel, maar zet zich nu fulltime in voor Impact.
Als voorbeeld geeft hij een bijbelcitaat: Laat uw ja ja zijn, en uw nee nee. 'Dat lijkt mij een duidelijke boodschap', zegt hij. 'Afspraak is afspraak, beloofd is beloofd. Zo staat het geschreven, en zo hoor ik me dus te gedragen. Ook op mijn werk.'
 
Welke plek neemt God doordeweeks in? Het is onbekend hoeveel christenen in Nederland met deze vraag worstelen, maar het thema leeft wel. Aanstaande zondag wordt voor het eerst de landelijke themadag Christen-zijn in werk gehouden. Dit wil zeggen dat kerken en gemeenten is gevraagd hier tijdens hun dienst aandacht aan te besteden.
 
Tussen wal en schip
'Jonge christelijke professionals zitten een beetje tussen wal en schip', zegt Bertwin Wijnholds, die in Den Haag een afdeling van Lifenet samen met anderen heeft opgezet; een netwerk van christelijke starters die in kleine groepen over het geloof discussiëren. 'De kerk heeft veel oog voor jongeren en jonge gezinnen. Een student kan terecht bij zijn christelijke studentenvereniging. Maar de single die voor het eerst aan de slag gaat, staat er alleen voor.'
 
Dat overkwam Wijnholds zelf ook, toen hij na zijn studie bedrijfseconomie in Deventer een baan kreeg in Den Haag. 'Jonge mensen lopen tegen allerlei zaken op, waar ze met niemand over kunnen praten. Zoals? Mag ik als christen eigenlijk ambitieus zijn? Moet je op je werk evangeliseren? Mag ik mijn salaris aan louter leuke dingen besteden of heb ik andere plichten? Dat soort dingen.'
 
Gebedsgroepen
Voor Maarten Pijnacker Hordijk (56) is het glashelder: 'Ik ben een christen, en dat ben ik zeven dagen per week.' Hij is nu werkzaam bij ProRail, maar nam 24 jaar geleden bij de NS al het initiatief om gezamenlijk op het werk te bidden. En hij is niet de enige.
Op zijn website (bedrijfsgebed.nl) houdt Pijnacker Hordijk het aantal gebedsgroepen zo veel mogelijk bij. Op dit moment zijn het er 280, bij zo'n 180 bedrijven, waaronder Siemens, Alcatel Lucent, ABN Amro en Corus.
 
'Over het algemeen zijn het kleine groepen', weet hij. 'En dat geeft niks: ik ben zelf met zijn tweeën begonnen en dat ging prima. Nu zijn we met zijn vijven en bidden we in de vergaderzaal. Dat doen we altijd samen, en we bidden hardop.'
 
Dat kan voor van alles zijn. De cao, wijsheid, een zieke collega of een goede werksfeer. 'Als het maar gerelateerd is aan ons werk, want dat is het hele doel van de groep. Voor andere zaken bid ik thuis en in de kerk.'
 
Gebedsruimte
Op de katholieke theologische faculteit van de Universiteit van Tilburg fronst niemand de wenkbrauwen als er tijdens het werk wordt gebeden. 'Het is eerder andersom', zegt promovendus Frank Bosman (31). 'Stel dat we naar een ander gebouw zouden verhuizen. Dan zal het personeel eerst kijken waar de koffieautomaat staat, en direct daarna de gebedsruimte zoeken.'
 
Ook buiten de faculteit ziet Bosman dat christenen de laatste jaren veel opener zijn geworden over hun geloof. 'Er is een nieuwe generatie opgestaan die geen negatieve ballast met zich mee torst', zegt hij. 'Veel mensen die eind 30, begin 40 zijn, werden door hun vader en moeder gedwongen naar de kerk te gaan, en hebben zich vervolgens met moeite los geworsteld. De twintigers van nu zitten er vrijwillig, en zijn trots op hun traditie.'
 
Moslims
Ook Korevaar merkt op dat je tegenwoordig gemakkelijker kunt geloven op je werk. 'Een jaar of tien geleden deed je dat maar lekker in je vrije tijd - mensen moesten niets hebben van religie in de openbare ruimte. Nu is dat anders. Er is veel aandacht voor spiritualiteit en het geloof is weer bespreekbaar geworden.'
 
Volgens Pijnacker Hordijk is deze nieuwe ruimte voor een deel te danken aan de moslims, die gewoon hun gebedskleed tevoorschijn halen als ze willen bidden. 'Ze doen daar niet moeilijk of geheimzinnig over', zegt hij. 'En dat heeft het voor ons ook gemakkelijker gemaakt. Wat dat betreft lopen wij christenen nog iets achter op de homoseksuelen - wij komen nu pas uit de kast.'