Eerstejaarsstudenten op de trappen van het Academiegebouw in Groningen.
Eerstejaarsstudenten op de trappen van het Academiegebouw in Groningen. © anp

'Gaat het bij de volgende verkiezingen wéér over die slager die de studie van de dokter betaalt?'

De metafoor 'de slager betaalt de studie van de dokter' is volslagen onzin, vinden Pascal ten Have en János Betkó van de Landelijke Studenten Vakbond. Het beleid dat daar uit volgt, is namelijk het afschaffen van de studiefinanciering.

 
De verpleger wordt een studieschuld van tienduizenden euro's toebedeeld, omdat de dokter zoveel geld verdient.

De metafoor is een veelgebruikt voorbeeld van diegenen die graag het mes in de studiefinanciering willen zetten. Kort gezegd is de argumentatie:  een studie is duur, studiekosten en kosten voor levensonderhoud van studenten worden deels betaald uit belastinginkomsten en daar betaalt de slager aan mee. Die draait dus deels op voor de dure studie van de dokter, terwijl deze dokter daar later veel geld mee verdient. Met de redenering 'dat dit perverse solidariteit is', zijn op dit moment de programmacommissies van politieke partijen een miljardenbezuiniging op studenten aan het rechtvaardigen. Dat is een mooi moment om stil te staan bij de redenen waarom bovenstaande metafoor volslagen onzin is.

Het zou mooi besturen worden, wanneer de overheid bij iedere beleidsbeslissing meeneemt wie ergens voor hebben betaald en of die personen daar persoonlijk baat bij hebben. De slager mag blijkbaar niet betalen voor de studie van de dokter, want daar heeft de slager geen profijt van. Dat betekent dat er niet meer geïnvesteerd wordt in openbaar vervoer, want daar kan de belastingbetalende automobilist niet mee worden opgezadeld. We schaffen het leger af, want de pacifisten betalen daar aan mee en dat is niet solidair met hen. En het koningshuis schaffen we af, want  het is onredelijk om daarvoor een bijdrage te vragen van de republikeinen in Nederland. Het doortrekken van een dergelijke redenering leidt tot een volslagen onbestuurbaar land. Het is juist de taak van de overheid om beleidskeuzes te maken in het algemeen belang en af te wegen wat belangrijk genoeg is om geld aan uit te geven.

In het verleden is de keuze gemaakt om hoger onderwijs betaalbaar te houden. Daar waren goede redenen voor, zoals het idee dat het de samenleving mag bijdragen aan hoger onderwijs, omdat iedereen daar baat bij heeft. Het idee dat de samenleving iedereen op weg mag helpen naar een startkwalificatie, dus tot het moment dat iemand zelf in zijn levensonderhoud kan voorzien. En het idee dat onderwijs ontoegankelijk wordt als het te duur wordt gemaakt, juist voor kinderen uit gezinnen met weinig geld. Al deze redenen gaan nog steeds op.

Bovendien zullen de meeste slagers er geen probleem mee hebben bij te dragen aan de studie van de dokter. Mensen die werken in een beroep waarin veelvuldig scherpe messen voorkomen, kennen donders goed de waarde van een goede arts. Ze zullen derhalve ook best bereid zijn om bij te dragen aan de opleiding van zo iemand, als dat de kans vergroot dat een afgesneden vinger weer kan worden aangezet. Daarnaast betaalt de dokter ook mee aan de opleiding van de slager, alleen heeft de arts nu eenmaal meer tijd nodig om zijn startkwalificatie te halen. Hem daarvoor extra belasten kan, maar is meer een 'slimmemensenbelasting' dan een uiting van solidariteit.

Maar goed. Het hele slager/dokter-verhaal is natuurlijk een metafoor, die de werkelijkheid enorm simplificeert. Dat is handig voor een verkiezingsprogramma, een partijleider op een zeepkist, of voor een opiniestuk. De gecompliceerdere werkelijkheid achter de metafoor is echter zeer relevant, omdat deze een valse tegenstelling schept  tussen 'arm en laagopgeleid' en 'rijk en hoogopgeleid'. Gemiddeld genomen is het inkomen van een hoogopgeleide ook hoger. Maar dat zegt niets over het inkomen van individuen. Grote groepen hoogopgeleiden worden opgeleid voor beroepen waar modale of soms benedenmodale salarissen tegenover staan. Je hoeft maar te denken aan grote studies zoals de Pabo's en opleidingen Verpleegkunde, en het is duidelijk dat het hier om heel veel mensen gaat, die zeer nuttig werk doen voor de samenleving.

Het verhaal over de slager die de studie van de dokter betaalt, klinkt mooi. Totdat duidelijk wordt welk beleid daar uit volgt, namelijk het afschaffen van de studiefinanciering, en wat de praktische uitwerking daar van is, is dat de verpleger een studieschuld van tienduizenden euro's wordt toebedeeld, omdat de dokter zoveel geld verdient. Want dat is de consequentie van de puur macro-economische blik op dit vraagstuk en het op één hoop gooien van alle hoogopgeleiden. Toch zullen, helaas, weer verschillende politieke partijen op dit punt de menselijke maat negeren, voorstellen de studiefinanciering af te schaffen en elke student alles te laten lenen. Omdat dat eerlijker zou zijn.

Pascal ten Have is voorzitter van de Landelijke Studenten Vakbond (LSVb), János Betkó was bestuurder van de LSVb tussen 2007 en 2009.