Zoon van Evert wil vooral een Van Benthem zijn

Merein van Benthem, de zoon van Elfstedentocht-winnaar Evert, treedt in het voetspoor van zijn vader...

HOORN Op het moment dat Merein van Benthem op een bankje naast de schaatsbaan heeft plaatsgenomen en zich stil en met de muts over zijn ogen op zijn wedstrijd voorbereidt, slaakt de net bij de A-rijders gefinishte Erik Hulzebosch naast hem een zucht van verlichting: ‘Zo dat zit erop, even de vrouw bellen dat ik mijn eerste marathon van het seizoen heb uitgereden en dan snel in de auto naar Ridderkerk, want ik moet vannacht nog optreden.’

Een wereld van uitersten, daar aan de rand van ijsbaan de Westfries in Hoorn. Oude glorie naast nieuwe hoop, verenigd onder de namen van een groots Elfstedentocht-verleden. Waar Hulzebosch, de nummer twee van de laatste Tocht der Tochten in 1997, definitief is toegetreden tot de showbizz, probeert Merein van Benthem zich te bevrijden uit de schaduw van vader Evert, de tweevoudige winnaar, in 1985 en 1986.

Niets liever wil hij dan in de voetsporen van zijn vader te treden, maar diens succes heeft hij als referentiekader niet nodig. Hij weet hoe het schaatsen zich de afgelopen jaren heeft ontwikkeld, hoe anders de omstandigheden zijn geworden. Juist voor hem, nu hij het grootste deel van zijn leven in Canada doorbrengt. Waar het koud is, waar het ook vriest, maar waar het ijs misschien geschikt is voor poolhonden, niet voor schaatsenrijders.

In oktober heeft daarom de jonge twintiger de boerderij van zijn ouders in Spruce View verlaten om zich bij de familie in Ens te kunnen voorbereiden op het marathonseizoen. ‘Voor het schaatsen, alleen maar voor het schaatsen, ben ik naar Nederland gekomen’, zegt Merein van Benthem om zijn ambities te onderstrepen. Negentien ronden voor het einde van de wedstrijd in Hoorn staakt hij de strijd, waarin hij nooit een rol van betekenis heeft kunnen spelen. Hij baalt: ‘Dit is de eerste van de vijf wedstrijden dit seizoen die ik niet uitrijd.’

Hij is geen man van grote woorden en misschien deelt hij die eigenschap wel met zijn vader, de sympathieke boer uit Sint Jansklooster, die na zijn grote sportsuccessen zijn veestapel, uit ergernis over de Nederlandse regelgeving, over de oceaan naar Alberta, naar de voet van de Rocky Mountains bracht. De familie is er gelukkig, Merein ook. Half februari keert hij terug naar de ruimte van het land met zijn onbegrensde mogelijkheden om verder te werken aan zijn toekomst op de boerderij.

‘Ik had niet zo veel met schaatsen toen we acht jaar geleden zijn geëmigreerd’, zegt Merein van Benthem. ‘Natuurlijk, we stonden op het ijs als dat kon, maar de drive om ook wedstrijden te gaan rijden is echt in Canada ontstaan.’ Lachend: ‘En niet omdat we het ijs naast de deur hadden. We moesten ook met z’n allen in de auto naar het kunstijs in Calgary.’

Ofschoon de winter ook nu nog op zich laat wachten in Canada, is er natuurijs genoeg. ‘Maar geen schaatsijs’, zegt Van Benthem. ‘Overal ligt sneeuw. Maar mijn vader heeft op de Sylvan Lake, een meer vlak bij ons huis, op een gegeven moment een baan geveegd waar zelfs een officiële marathon is gehouden. Een parcours van 10 kilometer dat alleen maar te gebruiken is als het goed wordt onderhouden.’

Hij heeft zaterdag moeite met het rappe tempo van het peloton. Met zijn geringe lengte en korte slag lijkt hij op zijn vader, in zijn stijl doet hij volgens kenner en oud-marathoncrack Jan Eise Kromkamp meer denken aan oom Henk van Benthem. ‘Ook met dat kontje omhoog’, zegt de voormalige Friese topper. ‘Merein is een goede schaatser, maar met gerichte techniektraining is er nog veel te winnen. Hij heeft wat veel van deze jongens hebben, het werken wordt gauw belangrijker dan het glijden.’

Natuurlijk, de liefde voor het natuurijs zit Merein in zijn genen. De Van Benthems zijn groot geworden op het bevroren water van het prachtige natuurgebied in de kop van Overijssel; het waren geen flyers maar onvermoeibare hardrijders met een korte, driftige slag. Merein neemt de op Canadees natuurijs ontwikkelde stijl mee naar de Nederlandse kunstijsbanen. ‘Een keer in de week bel ik met mijn vader en ongevraagd komt hij dan met zijn advies.’

Dromen van de Elfstedentocht, dromen van het succes van zijn vader. Merein van Benthem wil vooral zichzelf zijn, zijn eigen leven leiden en niet verdwalen in bespiegelingen van anderen. Hij wil vooral een Van Benthem zijn, een harde werker met een doel in zijn leven.

Als Van Benthem aan zijn wedstrijd is begonnen, legt Hulzebosch uit waarom zijn seizoenproloog zo lang op zich heeft laten wachten. ‘Ik heb het nog steeds te druk, nu in Hoorn, vannacht zingen in Ridderkerk en morgen al weer vroeg naar Assen om op de tv commentaar te geven bij de wedstrijd om de Essent Cup.

‘Maar half januari komen de natuurijswedstrijden er aan, daarom moet ik nu wel weer mijn wedstrijden rijden. Als er alleen nog maar kunstijs was geweest, was ik deze winter echt gestopt.’

Dubbel is wat dat betreft het gevoel van Dirk Scheringa, directeur van DSB-bank, sponsor van AZ en diverse schaatsploegen en zelf fanatiek schaatser. ‘Ik train hier twee keer in de week om me voor te bereiden op de tocht op de Weissensee, maar kunstijs levert mij weer mooie reclame op. Vrijdag in Calgary, op de 1500 meter, een ereschavot met drie van onze rijders (Kuipers, Davis en Tuitert), vanavond bij de vrouwen een compleet DSB-ereschavot (Bekkering, De Vries, Sterk) en een winnaar bij de mannen (Ingmar Berga).’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden