Zoodsma mist nog maar één plankje

Al ruim vijftien geldt Ronald Zoodsma als topvolleyballer. Hij speelde op de hoogste podia, maar één winnende ervaring moest hij missen....

Met zijn nieuwste clubteam, Dynamo, zette Zoodsma gisteravond een forse stap om dat stoffige plaatsje in zijn prijzenkast te vullen. De Apeldoorners pakten in de finale van de play-offs, een best-of-five, de zo belangrijke eerste zege in het duel met Vrevok.

In de viersetter (17-25, 25-21, 26-24, 25-18) had Zoodsma, op zijn leeftijd toch niet meer het toonbeeld van explosiviteit, zowaar een aanzienlijk aandeel in de score: hij scoorde vijftien maal.

De grote handen van de routinier deden hun arbeid naar behoren. Ook zijn mond werkte goed. Hij pepte zijn medespelers op en had analyserende onderonsjes met coach Krijnen. Het lauwe Dynamo-spel van de eerste set werd onder die impulsen ingeruild voor een agressieve aanpak. 'We kregen halverwege de tweede set de alles-of-niks geest over ons. Dat werd tijd ook.'

Zoodsma werd zomer '99 uit Zwolle gehaald om het timide gezelschap uit Apeldoorn van enig karakter te voorzien. De middenblokkeerder bracht, naast een zwellend buikje en een no-nonsense mentaliteit, ook nog een stevige portie eerzucht mee. 'Ik wilde nog graag die Nederlandse titel eens halen.'

Met Sneek werd hij in de jaren tachtig telkens tweede achter het Martinus, de grondlegger van het Nederlandse topvolleybal. 'En daarna speelde ik nooit meer in Nederland.' Zoodsma werd prof, eerst bij het Nederlands team, en daarna, toen hij de verlokking van het geld niet meer kon weerstaan, bij München. 'Daar ben ik in '91 kampioen geworden.'

Hij zwierf vervolgens, lang in gezelschap van zijn Friese makker Posthuma, langs de sportpaleizen van Italië. De mindere tijden kondigden zich aan in de grote hallen van Griekenland, Frankrijk en weer Duitsland. Intussen was hij, de reserve uit de zilveren ploeg van Barcelona '92, afgedankt voor de nationale ploeg die in '96 olympisch kampioen werd.

In '97 keerde Zoodsma terug in de knusse Nederlandse schoot, in de halletjes waar de geliefde kantines na afloop snel vollopen. Bij Zwolle bouwde hij af. In Apeldoorn, bij zijn oude beschermheer Paul van Sliedrecht, tekende hij vorig jaar nog een tweejarig contract, voor een laatste opleving.

Hij geldt als een bijzonder kind. Zijn oude gymleraar uit Sneek, Jan Lubbers, kwam gisteren nog even buurten en vertelde welk een sporttalent de jonge Zoodsma wel niet was geweest. 'Hij kon alles. Bij basketbal liet hij zich springend onder het bord aanspelen.'

Het goddelijke talent kwam door zijn wilde levensstijl niet echt tot wasdom. 'Als ik zijn lichaam toch had gehad', verzuchtte Zwerver ooit. Zwerver is gestopt, met een versleten lijf. Zoodsma doet nog vrolijk mee, net als Blangé bij Vrevok.

Beide veteranen imponeerden gisteren in de finale. 'Oudere spelers hebben veel meegemaakt, kunnen de jongeren het kunstje voordoen.' Dat bondscoach Gerbrands intussen zelfs voor een oudje als Van der Horst heeft gekozen, vindt Zoodsma 'typerend' voor de situatie in de Nederlandse top. 'Als ze mij hadden gevraagd, had ik nee gezegd.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden