Zo stappen de hockeydames uit de schaduw van de gouden generatie

Het vernieuwde Wagener Stadion is vanaf vrijdag het decor voor het EK hockey, waar de vrouwen met een gerenoveerd team na zes jaar de Europese titel willen veroveren. Drie speelsters vertellen over de erfenis van de gouden generatie, die stopte na de Spelen van Rio. Marloes Keetels (aanvoerder) en Caia van Maasakker (strafcorner) moeten uit de schaduw van Maartje Paumen stappen. Anne Veenendaal vecht met Josine Koning om de plaats van keeper Joyce Sombroek.

Marloes Keetels, Anne Veenendaal en Caia van Maasakker. Beeld anp

Aanvoerder die eerst wil verbinden

Marloes Keetels (24), aanvoerder

'Ik ben voor het eerst aanvoerder op een titeltoernooi, de band zit op mijn linkerbeen net als bij Maartje Paumen. Ik had onbewust dezelfde plek gekozen, om mijn arm voelt hij niet prettig. Ik moest wennen aan mijn nieuwe rol als aanvoerder. Ik praat niet continu, dat deed Paumen ook niet. Als ik iets zeg, wordt er wel geluisterd.

'Ik word net als Maartje begeleid door Marco Hoogerland van de Talentenacademie in Den Bosch. Zijn motto is: als je iets zegt, zeg het met volle overtuiging. Negen van de tien keer komt je boodschap dan over. Ik wist vaak wel wat ik wilde overbrengen. Ik had moeite om het juiste moment te vinden, Wanneer stap je naar voren? Ik heb het bij Marco echt zo geoefend, een op een. Moest ik doen alsof ik voor een volle zaal stond.

'We zijn klaar met die tweede plaatsen van de afgelopen jaren.' Beeld anp

In het begin werd mijn speech gefilmd en dan analyseerden we de beelden. Ik zag mijn ontwikkeling: eerst met het koppie naar beneden tot aan rechtop en met de borst vooruit. Nu heb ik het vertrouwen om naar voren te stappen. Het brutale zit niet in me, ik moest uit mijn comfortzone.

Ik heb het vak van aanvoerder afgelopen seizoen bij Den Bosch nog kunnen afkijken bij Paumen. Je moet niet gaan kopiëren, zei ze. Doe wat bij je past, anders wordt het gemaakt. Paumen en haar voorganger Minke Booij hielden me voor dat ik geen captain moest spelen. Blijf jezelf. Dat heb ik goed onthouden. Maartje heeft me ook gewaarschuwd. Er komt ook een moment dat die aanvoerdersband een last wordt, als het minder loopt.

We hebben een totaal andere groep dan op de Spelen van Rio. Coach Alyson Annan gunt ons meer vrijheid. Soms vragen meiden: mogen we tijdens de rustpauze uit het hotel? Het gaat om je eigen verantwoordelijkheid, zolang je niemand tot last bent. Soms stuur ik de jonge meiden. Maar ik doe veel in overleg, zeker met de meiden uit de leidersgroep.

Tijdens de wedstrijd zoek ik contact met routiniers als Caia van Maasakker en Carlien Dirkse van den Heuvel. Soms zie ik het probleem wel en vind ik de oplossing niet. Ik moet nu niet ineens elke bal opeisen op het middenveld, het is me afgeraden om dat te doen. Ik ben de vrouw die verbindt, als het verlengstuk van de coach.

Het is een eer om aanvoerder te zijn van een team dat opnieuw moet leren winnen. We zijn klaar met die tweede plaatsen van de afgelopen jaren. We willen goud op het EK.'

Keeper met grote geldingsdrang

Anne Veenendaal (21), keeper

'Ik was net zeventien jaar toen ik in 2013 mijn debuut maakte in het eerste van Amsterdam. Je moet een beetje gek zijn om ballen met snelheden van honderd kilometer per uur te willen stoppen. Tegelijkertijd ben ik de best beschermde hockeyer op het veld, de anderen hebben alleen scheenbeschermers en een bitje in hun mond. Ik wilde als kind al in de goal staan. Ik ben geen meisje-meisje, ik ben nogal stoer aangelegd. Op school deed ik bij gymnastiek altijd met de jongens mee.

Ik ben nogal extreem, ik zou het liefst parachutespringen en bungeejumpen. Het lijkt me de ultieme kick om uit een vliegtuig te springen, bungeejumpen vind ik iets enger. Ik heb in alle grote achtbanen gezeten, ik zoek het gevaar en de spanning graag op. Ik ging surfen tijdens mijn vakantie in Frankrijk, een dag op het strand liggen is niks voor mij. Ik hou van actie in mijn leven. Lekker duiken in een keepers-pak hoort daar ook bij. Ik ben geen type om in een rokje over het veld te rennen.

'Je moet keepers niet willen vergelijken. Ik heb een eigen stijl.' Beeld anp

Ik viel af voor de Spelen van Rio de Janeiro, dat was een flinke tik. Coach Alyson Annan kende me uit haar periode als coach van Amsterdam, maar het was uiteraard geen garantie dat ik mee zou gaan naar Rio. Alyson heeft me uitgelegd waarom ik afviel. Larissa Meijer had als tweede keeper meer ervaring. Na de Spelen nam ze afscheid en besloot Joyce Sombroek vanwege een chronische heupblessure te stoppen bij het Nederlandse team.

Ik wist dat mijn tijd nog zou komen. Ik ga altijd voor de eerste plek, ik wilde niet eeuwig de tweede of derde keeper zijn. Ik riep als kind van dertien jaar al dat ik keeper van het Nederlandse team wilde zijn. Ik hoor mensen vragen: is Anne de nieuwe Joyce Sombroek? Nee, ik ben Anne Veenendaal. Je moet keepers niet willen vergelijken. Ik heb een andere stijl, ik doe alles anders dan Joyce. Zij staat rustig in haar doel.

Ik kan ook een bitch zijn in het veld. Ik laat me gelden, ook als ik het ergens niet mee eens zijn. Ik schijn te keepen als een man, aanvallend en agressief. Ik trainde ook veel met de keepers van Amsterdam, trainen met mannen past ook bij mij. De ballen gaan lekker hard en het boeit me niet als ik eens hard word geraakt.

Ik hoop niet dat het tot shoot-outs komt als we de EK-finale tegen Engeland spelen. Maar dan win ik van de Engelse keeper Maddy Hinch, net als in de play-offs van de hoofdklasse. Ik wil zeker tijdens shoot-outs uitstralen dat de aanvaller niet langs me komt.'

Specialiste die graag laat toeslaat

Caia v. Maasakker (28), strafcornerspecialist

'Ik train met Albert Kees Manenschijn, assistent bij het Nederlandse team, al sinds mijn veertiende jaar op de strafcorner, toen begon ik ook met de sleeppush. Bij mijn club SCHC ben ik al de eerste cornerschutter, nu neem ik ook meer corners bij het Nederlandse team. Ik zie het niet als een last dat alle ogen nu op mij zijn gericht, omdat Maartje Paumen is gestopt. Ik heb er met haar over gesproken.

Het is druk van buitenaf, geen druk die ik mezelf opleg. Ik heb niet het idee dat ik vroeger mocht scoren en het nu moet, omdat Paumen er niet meer bij is. Bij SCHC verkeer ik ook in die positie. Het was waardeloos dat ik in de halve finales van de play-offs tegen Amsterdam geen strafcorner benutte, toen we het nodig hadden.

Paumen vond het mooi om te scoren in de laatste minuut, het zit ook in mijn karakter om juist op die momenten op te staan. En ik ben er ziek van als het niet lukt. Maar hoe cool is het dat ik ook bij het Nederlandse team nu op de kop van de cirkel mag staan om die ballen te pushen? Ik ben 28 jaar, nu ga ik het ook doen.

'De strafcorner is een tactisch spel, omdat de uitlopers zoveel beter zijn geworden.' Beeld anp

Ik behoor tot de oudere speelsters in het Nederlandse team. Ik was vroeger nogal introvert, sloot me af van alles en iedereen om het maximale uit mezelf te halen. Nu komt er meer bij, als centrale verdediger moet ik mijn medespelers coachen. Ik heb geleerd om me meer te uiten. Het is mooi dat ik me ook mentaal nog kan ontwikkelen.

Ik heb net als Paumen enkele jaren met strafcornerspecialist Toon Siepman getraind. Hij analyseert de uitvoering als geen ander, heeft oog voor details. Soms sluipt er iets in, waardoor de corner niet lekker loopt. Toon wist je met enkele aanwijzingen weer terug te krijgen bij je originele beweging.

Ik ben als sleper een onderdeel van de corner, het is een drieluik met de aangever en de stopper. Na het afscheid van Naomi van As zijn Kitty van Male en Marloes Keetels de belangrijkste aangevers in ons team, Margot van Geffen fungeert al jaren als stopper. En we hebben meerdere speelsters voor de stop. De strafcorner is een tactisch spel, omdat de uitlopers zoveel beter zijn geworden. Soms lopen er twee op me af, daar moet ik als schutter op inspelen.

Slepen is ook een gevoelskwestie. Als ik de bal goed op mijn stick heb liggen en hem optimaal meeneem, weet ik dat ik scoor. Je voelt dan hoe de bal van je stick afkomt, welke snelheid je ontwikkelt. Ik ben telkens op zoek naar de perfecte strafcorner in de wetenschap dat er altijd een herkansing komt.

Als ik in de laatste minuut van de EK-finale tegen Engeland bij een 0-0-stand een strafcorner mag nemen? Ik ben een koele kikker. Die gaat erin.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden