WK 2018 supporters

Zij zijn er wél bij op het WK: zo moedigen 23 landgenoten hun nationale ploeg aan

In Nederland wonen zo’n anderhalf miljoen mensen die een land van herkomst kunnen aanmoedigen op het WK voetbal. Hoe kijken zij deze weken naar de verrichtingen van die ploegen?

Mexico: Drea Rodriguez Cervantes (28) woont in Hilversum

Drea Rodriguez Cervantes

‘Tijdens het vorige WK heb ik mijn vriend ontmoet. We waren allebei op vakantie in Zagreb. Daar raakte ik met hem aan de praat tijdens een jazzfestival. Pas na een paar minuten kreeg ik door dat hij Nederlands was. Vanaf dat moment ging het alleen maar over de schwalbe van Robben en de daaropvolgende penalty voor Nederland. Die strafschop leeft nog enorm in Mexico. Toch hielden we contact en hebben we nu een relatie. Sinds twee jaar studeer ik in Nederland.’

‘In Mexico is voetbal als religie. Als het nationale team speelt, ligt alles stil. Toen we op dit WK tegen Duitsland scoorden, werd in Mexico-stad een aardbeving gemeten. Zoveel mensen sprongen er. Zelfs de misdaadcijfers zijn lager tijdens een wedstrijd van het Mexicaanse elftal – ook criminelen willen de wedstrijden zien.’

Polen: Chris Ostrowski (31) woont in Leusden

Chris Ostrowski Beeld Eigen collectie

‘Mijn ouders zijn geboren en getogen in Polen. In 1980 vertrokken ze naar West-Berlijn, waar mijn vader werk had gevonden. Een jaar later wilden ze terug naar Polen, maar daar vond net een staatsgreep plaats. Mijn ouders vertrokken naar Nederland en mochten hier om humanitaire redenen blijven.

‘Op één oudoom na woont mijn hele familie in Polen. Daarom kom ik er vaak, zeker twee keer per jaar. Ik juich net zo hard voor het Poolse elftal als voor het Nederlands elftal, hoewel ik me meer Nederlander voel dan Pool.

‘Als Polen tegen Colombia speelt, organiseren mijn vader en ik een Poolse avond. We nodigen vrienden uit, een Poolse achterneef komt langs en we zetten wodka en Poolse vlaggetjes op tafel. Ik ben blij dat Polen meedoet. Nu Nederland er niet bij is, heb ik toch een team dat ik kan volgen. Dat maakt het WK een stuk leuker.’

Denemarken: Rasmus Andersen (28) woont in Den Haag

Rasmus Andersen Beeld Eigen collectie

‘Tijdens een studie-uitwisseling in Wenen heb ik mijn vriendin leren kennen. Zij is Nederlands. Daarom koos ik er in 2013 voor om in Leiden te studeren. Sindsdien woon ik in Nederland. Met Denen heb ik hier nauwelijks contact. Pas toen ik een kwalificatiewedstrijd voor het WK ging kijken, heb ik er een paar ontmoet.

‘Nederlanders en Denen beleven het WK totaal anders. Voor Nederland zijn de verwachtingen altijd hoog, wij Denen zijn vooral blij dat we erbij zijn. Denen zijn wel enthousiast en komen samen om de wedstrijden te kijken, maar iets als Oranjegekte kennen we niet.

‘Deense voetbalfans noemen we Roligans. Dat betekent zoiets als rustige hooligan. De term kwam op in de jaren tachtig, toen er veel hooligans waren in Europa. De Deense fans wilden zich profileren op goed gedrag. Dat willen we nog.’ 

België: Saskia Vandenbroeck (38) woont in Heerlen

Saskia Vandenbroeck

‘Tijdens mijn studie in Leiden heb ik mijn man leren kennen. Hij is Nederlands. We hebben een paar jaar in België gewoond, maar zijn in 2010 naar Nederland vertrokken. Bij het vorige WK, toen Nederland nog meedeed, zei ik tegen hem dat ik voor België zou zijn, mochten Nederland en België tegen elkaar spelen. Mijn man zei dat we dan niet samen zouden kijken. Nu is hij wel voor België, net als mijn zoon.

‘De meeste groepswedstrijden wil ik in België gaan kijken. Misschien rijd ik voor de wedstrijd tegen Engeland naar mijn broer in Leuven. Daar kom ik zelf ook vandaan. De wedstrijden uit de ronden erna vind ik het leukst. Wij Belgen moeten hoog inzetten, dat is me door de Nederlanders meegegeven. Daarmee stuw je het team naar grotere hoogten.’

Iran: Hedi Zuurmond (23) woont in Amsterdam

‘Mijn moeder is Iraans, maar groeide op in Nederland. Omdat ze rond mijn geboorte bij mijn oma wilde zijn, ben ik in Iran geboren. Op mijn tweede zijn we definitief naar Nederland verhuisd. Veel van mijn Iraanse tantes en nichtjes woonden al in Nederland en zijn getrouwd met Nederlandse mannen. Mijn vader is ook Nederlands. Ik voel me half Nederlands, half Iraans.

‘De aangetrouwde Nederlandse mannen zijn fanatiek voor Iran. Voor hen biedt Iran een soort houvast denk ik, nu Nederland niet meedoet. We gaan met de hele familie bij mijn ouders kijken. Mijn moeder en ik hebben een Iraanse vlag gemaakt, maar zonder het religieuze wapen in het midden. We zijn niet gelovig.

‘Natuurlijk vind ik het jammer dat Nederland er niet bij is, maar ik plaag mijn vrienden er wel mee. Ik vind het leuk dat Iran nu eindelijk serieus wordt genomen als voetballand.’

Colombia: Juan David Marulanda Ruiz (32) woont in Amsterdam

Juan David Marulanda Ruiz

‘Tot mijn tiende woonde ik in Medellín. Daar was het toen heel gevaarlijk. In 1996 zijn mijn moeder, broertje, zusje en ik daarom naar Nederland verhuisd. Hier was het veilig en ik kreeg een goede opleiding. Nu combineer ik het passievolle van Colombia met het gestructureerde van Nederland.

‘Voor de Colombianen betekent het nationale elftal heel veel. De Colombiaanse economie ontwikkelt zich de laatste jaren snel en het toerisme neemt toe. Na de eerdere donkere periode zijn we weer trots op alles wat met Colombia te maken heeft. Vroeger was Colombia guerrilla, Escobar en coke, nu staat het voor prachtige landschappen, Shakira en de nationale ploeg.

‘Niemand in Colombia begrijpt dat Nederland er niet bij is. Ze noemen het Nederlands elftal daar de oranje machine. Zelf vind ik het ook jammer, ik ben fan van Nederland en van Colombia. Het liefst zou ik een oranje shirt combineren met een Carlos Valderrama-pruik.’

Tunesië: Nadhem Ounis (33) woont in Den Haag

Nadhem Ounis

‘Van mijn derde tot mijn veertiende heb ik in Tunesië gewoond, maar ik ben geboren in Nederland. Iedere zondagavond kijk ik naar de Tunesische Studio Sport. Van mijn favoriete ploeg, Club Africain uit Tunis, mis ik geen wedstrijd. In mijn dagelijks leven ben ik veel met voetbal bezig. Ik werk op een voetbalschool in Den Haag en ben zaakwaarnemer van enkele Afrikaanse spelers. Zij spelen onder andere in Tsjechië en Turkije.

‘Ik ben trots dat Tunesië voor het eerst sinds 2006 het WK heeft gehaald. In 1978 waren we het eerste Afrikaanse land dat een wedstrijd wist te winnen op een wereldkampioenschap. Die overwinning betekende veel voor het Afrikaanse voetbal.

‘Sindsdien hebben we drie keer gelijkgespeeld. Als we nu een overwinning boeken, wordt het feest. Tunesië heeft veel problemen gehad na de revolutie. Het volk wil weer blij zijn.’

Japan: Keitaro Kawai (43) woont in Hilversum

Keitaro Kawai Beeld Simon Lenskens

‘Eind jaren negentig vertrok ik na mijn studie naar Nederland om te voetballen. Ik kwam terecht bij een amateurclub in Veenendaal en daarnaast werkte ik voor een Japans bedrijf op Schiphol.

‘Ik ben een enorme voetballiefhebber en daarom besloot ik in 2001 mijn eigen voetbalschool te openen in Amstelveen, speciaal voor de Japanse jeugd. Hier train ik de kinderen een aantal keer per week.

‘Het vertrouwen in het Japanse team is dit jaar niet zo hoog. Normaal staan we als een blok achter de ploeg, maar dat is nu anders. Vahid Halilhodžić, onze succesvolle coach, werd kort voor het begin van het WK ontslagen vanwege ‘een gebrek aan communicatie’. Veel fans begrepen daar niets van.

‘De nieuwe coach is een Japanner en hij riep veel oude spelers op, dat past bij het beeld dat Japanners hiërarchie ontzettend belangrijk vinden. Maar ik vind dat een coach vooral de beste spelers moet selecteren.

‘Toch ben ik nog steeds een groot liefhebber van het Japanse elftal. Oud-VVV’er Keisuke Honda is een vriend van me en ik gun ze het beste. Als Japan speelt, probeer ik zo veel mogelijk Japans-Nederlandse ploeggenoten samen te brengen, dan kijken we de wedstrijden op een groot scherm. En wat er ook gebeurt: de Japanners gaan altijd voorop in de strijd.’

Australië: Craig Brent (30) woont in Amsterdam

‘Ik ben groot fan van de Socceroos. Vier jaar geleden was ik naar het WK in Brazilië, vorig jaar ben ik naar de Confederations Cup in Rusland geweest. Dat was verrassend leuk, eerlijk gezegd. Moskou en Sint-Petersburg zijn prachtige steden. En er waren weinig voetbalfans. De Confederations Cup is maar een klein toernooi, waardoor de speelsteden normaal en rustig bleven.

‘Deze zomer gaan we niet naar het WK. Nog een voetbalreis kon ik mijn vrouw niet aandoen. Daarom vertrekken we deze week naar Cuba. De eerste wedstrijden van Australië kijk ik in een kroeg in Amsterdam, de rest volg ik tijdens mijn vakantie.

‘Australië zit in een moeilijke groep met Denemarken, Peru en Frankrijk. Sommige Franse spelers zijn in hun eentje meer waard dan ons hele team. Sinds kort hebben we met Bert van Marwijk een Nederlandse coach. Hij laat het team verdedigend spelen. Dat is nodig. Als we blind aanvallen, verliezen we.’

Costa RicaMarie Fournier (19) woont in Amsterdam

Marie Fournier (19). Beeld Pauline Niks

‘Het vorige WK was één groot feest. We zaten in een groep met Uruguay, Engeland en Italië, maar haalden de volgende ronde. Als ik filmpjes van die wedstrijden terugkijk, krijg ik nog kippenvel. Na de gewonnen wedstrijden kwam iedereen samen bij een fontein in de hoofdstad San José. Daar vierden we het dan tot diep in de nacht.

‘Uiteindelijk verloren we na strafschoppen van Nederland. Ik heb mensen zien huilen, maar de trots overheerste. Niemand had van tevoren verwacht dat we de kwartfinale zouden halen. Het wordt moeilijk om het vorige WK te overtreffen.

‘Ondertussen studeer ik bijna een jaar in Nederland. Op Facebook hebben we een groep met Costa Ricanen in Amsterdam. Ik denk dat ik de wedstrijden met hen ga kijken, ergens in een bar. Waarschijnlijk draag ik dan een chonete, een traditionele Costa Ricaanse arbeidershoed.’

Zwitserland: Sebastiano Polli (30) woont in Amsterdam

‘Toen ik hier acht jaar geleden naartoe verhuisde, verwachtte ik dat ik na vier jaar studie weer zou vertrekken. Na mijn opleiding aan de Hotelschool kreeg ik echter een baan bij een hotel in Amsterdam en ik had ondertussen veel vrienden gemaakt. Ik ben blijven hangen.

‘Zwitserland kent drie, of eigenlijk zelfs vier, taalzones. Ik kom uit Lugano, dat ligt in het Italiaans sprekende deel van het land. Als ik in Zwitserland ben, voel ik een band met de Italiaans sprekende Zwitsers, maar verder gaat het niet. Op wat plagerijen na gaan de taalzones volgens mij goed samen. Ook in het Zwitserse elftal.

‘De Zwitserse nationale ploeg bestaat uit verschillende culturen. In de jaren negentig zijn vooral vanuit Joegoslavië veel migranten naar Zwitserland gekomen. Hun nazaten spelen nu op het WK. Xhaka is deels Albanees, Shaqiri is Albanees-Kosovaars. Ons nationale team weerspiegelt onze multiculturele samenleving.’

Senegal: Amadou Dia (25) woont in Amsterdam

‘Mijn moeder is Nederlands, mijn vader Senegalees. Mijn vader woont nu in Senegal, samen met mijn negen broertjes en zusjes. Ik woon al mijn hele leven in Amsterdam, maar ik ben meerdere keren naar Senegal geweest. De laatste keer was in 2015. Met mijn familie in Senegal heb ik regelmatig contact. Mijn vader bel ik wekelijks via WhatsApp.

‘Ik vind het erg leuk dat Senegal zich voor het WK heeft geplaatst. De laatste keer dat ze meededen, was in 2002. Ik was tien. Ze waren de underdog, maar versloegen Frankrijk in de openingswedstrijd en bereikten zelfs de kwartfinale.

‘Nu kunnen we opnieuw de groepsfase doorkomen, we hebben een goed team. Alles zal draaien om Sadio Mané van Liverpool. Hij is de ster. In Senegal gaat iedereen kijken, voetbal is daar de grootste sport. Als ik er ben, voetbal ik altijd met mijn broertjes en zusjes.’

Zweden: Alice Dieden Richter (28) woont in Amsterdam

Alice Dieden Richter (28) is voor Zweden. Beeld Pauline Niks

‘Zweden leven volgens de Wet van Jante: je mag vooral niet met je kop boven het maaiveld uitsteken. Dat zie je ook terug in hoe de manier hoe wij naar ons team kijken. De verwachtingen zijn bewust laag. Nu hebben we zonder Zlatan Ibrahimovic ook geen echte vedettes. Zlatan is alles wat de Wet van Jante niet is. Misschien dat wij hem daarom wel zo verafgoden.

‘Via mijn studie op de Hotelschool in Den Haag kwam ik zeven jaar geleden in Nederland terecht. Een van de eerste dingen die mij opvielen was de gekte tijdens de wedstrijden van het Nederlands elftal. Na een goede wedstrijd kleurt het hele land opeens oranje.

‘Mijn vriend komt uit Italië, die zijn er net als Nederland dit WK niet bij, dus alle hoop is op Zweden gevestigd. Ik ga de wedstrijden bekijken met andere Zweden die in Nederland wonen. Er is een hechte Zweedse gemeenschap in Amsterdam, we zoeken elkaar bijvoorbeeld op tijdens de Midzomernacht. Het WK kijken we dan ook met een grote groep. Als er wordt gescoord, herken je niets meer van die normaal zo rustige Zweden.’

Brazilië: Nerynho Schaitl (36) woont in Amsterdam

Nerynho Schaitl kust alvast de Wereldbeker.

‘Op mijn zeventiende kwam ik naar Nederland op zoek naar een beter leven. Ik was verliefd geworden op Nederland door hun geweldige elftal in 1998, met spelers als Bergkamp, Kluivert en De Boer. Toen wist ik het: ik wil naar Amsterdam.

‘Al snel kreeg een baantje bij een Braziliaans restaurant in de hoofdstad. Het beviel goed, maar een aantal jaar later keerde ik terug om in Brasilia op de ambassade te werken. Al snel had ik heimwee. Ik was te veel gewend aan het Nederlandse leven. Het is hier zo goed geregeld en grote armoede, zoals in Brazilië, is er niet. Na twee jaar was ik alweer terug in Amsterdam.

Ik organiseer tijdens iedere WK-wedstrijd van Brazilië een groot feest in Sloterdijk. Voetbalfans komen samen en kijken op een groot scherm naar de nationale ploeg. Niet alleen bij een goal, maar zelfs bij een pass van Neymar of Coutinho klinkt er applaus. Er wordt gefeest en gedanst en soms zijn er wel duizend fans. Brazilianen gaan helemaal uit hun dak wanneer de seleçao speelt, al nemen we bij ieder toernooi alleen genoegen met de wereldbeker.’

Duitsland: Valentin Claudius (32) woont in Groningen

Valentin Claudius

‘Toen ik nog in Duitsland woonde was ik altijd voor Oranje, en nu ik hier woon ben ik een echte Duitsland-fan. Best grappig. Het is een deel van je wat je mist en zo toch dichtbij komt. Natuurlijk ben ik nu ook een beetje een successupporter.

‘Mijn ouders zijn Duits, maar ik ben geboren in Nederland. Na enkele jaren verhuisden we terug naar Duitsland. Maar het gevoel met Nederland bleef altijd bestaan. Daarom vertrok ik zo’n zeven jaar geleden voor mijn studie naar Groningen. Inmiddels heb ik er een huis gekocht en ga ik voorlopig niet meer weg.

Ook dit jaar heeft Duitsland weer een sterke ploeg. Ik verwacht mooi, aanvallend voetbal, maar ik denk niet dat we weer wereldkampioen worden. Daarvoor is er te veel onrust. Iedereen praat over de foto van Erdogan met de spelers Özil en Gündogan. Jammer, voetbal hoort geen politiek te zijn. Maar het heeft toch zijn weerslag op die Mannschaft. In de mooie zomer van 2014 klopte alles.’

Argentinië: Paulo Ghiglione (38) woont in Den Haag

Paulo Ghiglione van Argentinë met de Argentijnse vlag. Beeld Simon Lenskens

‘In Argentinië is er weinig zo groot als voetbal. Sommige fans verkopen hun auto om een wedstrijd te zien op het WK. Iedereen wil Messi zien spelen nu het nog kan. Al speelt hij vaak lang niet zo goed als bij Barcelona. Hij was vaak te nonchalant en liet anderen zijn fouten opknappen. Maar inmiddels heeft hij ingezien dat zelfs Messi hard moet werken.

‘Mijn vriendin ging studeren aan het Conservatorium in Den Haag en ik ging met haar mee. Eerst werkte ik als chef in een Argentijns restaurant, tegenwoordig werk ik als kok bij een kinderdagverblijf. De wedstrijden van Argentinië kijk ik het liefst alleen. Al keek ik de eerste wedstrijd met andere Argentijnen in Den Haag tijdens een all-you-can-eat-barbecue.

‘Op het laatste WK wonnen wij de halve finale van Oranje. Ik vierde de overwinning in m’n eentje op de Grote Markt. Nog nooit zag ik zo veel verdrietige Nederlanders bij elkaar. Al eindigde het toernooi na de verloren finale ook voor de Argentijnen met een traan. Nu weet ik het zeker: we worden wereldkampioen. Argentinië tegen Brazilië, dat is de droomfinale.’

Engeland: Carl Shaw (34) woont in Epe

Carl Shaw

‘Tegenwoordig kijk ik met veel plezier naar Engeland. Dat kick-and-rush-voetbal is verleden tijd, we spelen tiki-taka met snelle jongens aan de zijkanten. Een beetje zoals Nederland vroeger.

‘De wedstrijden in de poulefase kijk ik thuis samen met wat Nederlandse vrienden, die dan ook voor Engeland juichen. Als we doorgaan naar de volgende ronde, dan kijk ik op z’n Engels in een lokaal café. Dat is toch een beetje hoe het hoort voor mij.

‘Vijftien jaar geleden kwam ik voor het eerst in Nederland. Ik ging werken bij een christelijke non-profitorganisatie in Heerde. Inmiddels ben ik getrouwd met een Nederlandse en zijn mijn kinderen hier geboren.

‘Als Engelsman groei je op met de gedachte dat je de nationale ploeg altijd moet steunen. In goede tijden en slechte tijden. Wanneer je land meedoet aan het WK geeft dat toch een gevoel van trots. Het is een magisch moment waarin alles samenkomt.’

Portugal: Ana Bernardino (28) woont in Amsterdam

Ana Bernardino

‘Als mensen aan Portugal denken hoor je Cristiano Ronaldo altijd als eerste, waar ook ter wereld. We hadden lang een haat-liefdeverhouding met hem, want in de nationale ploeg was hij vaak geen schim van de speler bij Real Madrid. Na het gewonnen EK veranderde dat. Als niet-Portugezen Cristiano beledigen, neem ik het altijd voor hem op. Alleen wij mogen hem bespotten.

‘Tijdens de crisis was er voor hoogopgeleiden haast geen werk te vinden in Portugal. In Nederland waren de baankansen wat rooskleuriger. In Amsterdam kon ik aan de slag bij een groot internationaal reisbureau; hier werk ik nu alweer meer dan vier jaar.

‘Een groot toernooi brengt mensen in ons land samen. Na werktijd spreek ik op speeldagen af met andere Portugezen in Amsterdam. Als we doorgaan naar de volgende ronde gaan we met alle leden van de APA, Associação Portuguesa de Amesterdão, dansen, feesten en voetbal kijken. Ook Nederlanders zijn van harte welkom, zolang ze voor Portugal zijn natuurlijk.’

Egypte: Marco Barsoum (23) woont in Amsterdam

Marco Barsoum (Egypte) Beeld Eigen collectie

‘De laatste keer dat Egypte meedeed aan een WK was ik nog niet eens geboren. Mijn ouders trokken naar Nederland, maar ik ben hier opgegroeid. Uitgerekend de keer dat Nederland er niet bij is, kwalificeerde Egypte zich wel. Dat maakt veel goed.

‘Egyptenaren dragen Mohamed Salah op handen. De jeugd kijkt enorm tegen hem op en iedereen is trots dat hij van Egyptische komaf is. Met hem in ons team doen we weer mee op het internationale voetbalpodium. 

Voor belangrijke WK-wedstrijden hebben we met onze kerk een zaaltje gehuurd. Samen met andere Egyptische christenen kijk ik vol spanning naar de spannende krakers. Wel even wennen, want ik ben gewend om naar Nederland te kijken.’

Frankrijk: Romain Eckert (32) woont in Haarlem 

Romain Eckert, supporter van Frankrijk. Beeld Pauline Niks

‘Als dertienjarig jongetje verhuisde ik met mijn ouders van Nancy naar Bretagne. Ik had toen eigenlijk meer met volleybal, maar in Bretagne is voetbal heel belangrijk. Alle jongens voetbalden, dus ik moest meedoen om een sociaal leven te krijgen. Vanaf dat moment ben ik voetbalfan.

‘De groepsfase kijk ik thuis. Ik wil bij mijn vrouw en eenjarige dochtertje zijn. De rondes erna ga ik met collega’s naar een kroeg in Amsterdam. Daar werk ik ook, bij een boekingssite. Tijdens de wedstrijd draag ik een van de Franse reserveshirts. Het is een ‘Marinière’, typisch Bretons, met horizontale strepen.

‘Frankrijk kan dit WK winnen. We hebben veel talent. Brazilië is onze belangrijkste concurrent. Ik hoop dat we in de finale tegen de Brazilianen moeten. Twintig jaar geleden werden we op het WK in Frankrijk wereldkampioen tegen Brazilië. Dat wil ik nog een keer meemaken.’

Peru: Patricia Rios Mantilla-Goedendorp (36) woont in Maarssenbroek

Patricia Rios Mantilla-Goedendorp met de Peruaanse vlag. Beeld Simon Lenskens

‘Ik ben in 2008 voor de liefde naar Nederland gekomen. In Peru werkte ik bij een overheidsinstelling die Peru in andere landen promoot. Ik had de baas van een Nederlands reisbureau uitgenodigd voor een tour, maar hij kon niet. Degene die in zijn plaats kwam, is nu mijn man.

‘Tijdens de kwalificatiereeks heb ik bijna alle wedstrijden gezien. Door het tijdsverschil moesten mijn man en ik midden in de nacht opstaan. Ik deed het graag, want Peru had al 36 jaar niet aan een WK deelgenomen. Toen we ons kwalificeerden, kreeg iedereen in Peru een dag vrij.

‘De WK-wedstrijden kijk ik thuis, samen met mijn man en drie kinderen. Ik steek altijd een kaarsje aan tijdens de wedstrijd. Ik ben katholiek, zoals veel Peruanen. Tegenwoordig steek ik trouwens ook een kaarsje aan tijdens wedstrijden van Feyenoord. Mijn man is fan.’

Beeld Volkskrant

Kroatië: Petar Markotić (22) woont in Utrecht

Petar Markotić

‘Mijn vader vertrok vlak voor de Joegoslavische burgeroorlog van Kroatië naar Nederland. Mijn moeder is Nederlands. Toen ze tijdens een Kroatische thema-avond achter de bar werkte, werd ze door mijn vader ten dans gevraagd. Zo hebben ze elkaar ontmoet.

‘Ik voel me evenveel Nederlander als Kroaat. Ieder jaar gaan mijn ouders en ik naar Kroatië. We hebben een huis in de buurt van Poreč. Tot vijf jaar geleden woonde mijn oma daar, maar die is inmiddels overleden. De familiebanden zijn erg hecht in Kroatië, ook met achterneven en achternichten bijvoorbeeld.

‘Het WK leeft enorm in Kroatië. Ik ontvang allerlei foto’s van kennissen in volledig Kroatisch tenue. De Kroaten zijn nationalistisch, meer dan de Nederlanders. De Kroatische spelers zijn individueel van hoog niveau, maar het ontbreekt binnen het team soms aan saamhorigheid. Onze sterspelers op het middenveld, Rakitić en Modrić, gaan niet altijd samen. Als ze goed samenwerken, kan Kroatië ver komen.’

Uruguay: Oberdan Montedonico (44) woont Akersloot

'Wij zijn een land geboren met de bal in de voeten: het WK is de heilige graal. Iedereen kijkt er zo naar uit. Als we verliezen huilen volwassen mannen dagen lang. Maanden later hebben Uruguayanen het er nog over, in de kroeg, op straat en op het werk.'

'Eind jaren 90 was ik op vakantie in Europa. Ik belandde in Amsterdam en werd verliefd op de stad. De gezelligheid en de leuke sfeer, ik vond het prachtig. Twintig dagen werden twintig jaar. Nu ben ik eigenaar van een Argentijns restaurant in Amsterdam. Een Uruguayaan met een Argentijns restaurant: je hoort het goed. In zijn Ajax-tijd kwam Luis Suárez hier wel eens een hapje eten.'

'Als Uruguay speelt komen allerlei landgenoten naar mijn zaak. We drinken Yerba Mate - typisch Uruguayaanse thee - en eten veel vlees. Dit jaar heb ik goede hoop. Voor Suárez, Cavani en Godín moet het nu gebeuren en juist tegen de grote jongens spelen wij vaak onze beste wedstrijden. Zolang er met het hard gespeeld wordt, precies zoals wij naar onze ploeg kijken.'

Bron inwonersaantallen: Centraal Bureau voor de Statistiek 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.