Zeus is Allen zeer welgevallig

Rare sport, de triatlon. Lig je met twee rondjes te gaan nog op de 28ste plaats, ben je een kwartiertje later olympisch kampioen. Kate Allen, een onbekende Oostenrijkse: 'Ik wist dat ik hard kon lopen, maar dit had ik nooit verwacht....'

Van onze verslaggever Rolf Bos

In dat koffiehuis raakte het aan met een Oostenrijkse triatleet. Een leuke sport, vond ze, en verliefd als ze was, besloot ze dat zelf ook te gaan doen. Woensdag werd ze, 34 jaar oud, olympisch kampioene.

Het was een verbazingwekkende inhaalrace. Met nog één looprondje te gaan, op het parkoers aan de baai van Vouliagmeni, leek de Australische Loretta Harrop onbetwist op het goud af te stevenen.

Maar toen kwam daar, als een duveltje uit een doosje, uit het achterveld ene Kate Allen op zetten. Van de fiets gekomen als 28ste, stoof ze na één omloop door naar de vijfde plaats.

`Ik dacht dat ik voor brons liep, totdat mijn echtgenoot schreeuwde dat ik ook nog zilver kon winnen', stamelde ze.

Haar Oostenrijkse man had het ook niet bij het rechte eind. Het werd goud, totaal onverwachts. Op de laatste tweehonderd meter, daar waar de weg afliep naar de finish, denderde Allen haar voormalige landgenote Harrop voorbij.

`Ik denk dat Loretta op dit moment niet zo blij met mij is', zei Allen tijdens de persconferentie. Wat heet, de sportster die naast haar zat, had een gezicht als een oorwurm. Zo dicht bij goud, en dan verliezen van een triatlete van wie je nog nooit gehoord hebt, die bovendien ook nog eens afkomstig blijkt te zijn uit je eigen vaderland.

Dat kan waarschijnlijk alleen maar in de wondere wereld van de triatlon. Het is natuurlijk topsport, maar na negen jaar trainen, kun je, mits je al een sportieve basisconditie bezit, wél olympisch kampioene zijn. Kate Allen, een Mädel van Down Under, is er het levende bewijs van.

Ze woonde haar hele leven in Australië, toch een beetje de bakermat van de olympische triatlon, maar nooit dacht ze er als tiener aan om die sport te gaan beoefenen. Kate Allen, opgegroeid op een boerderij, deed aan atletiek tot haar veertiende, waarna ze ging turnen.

Als jonge twintiger trok ze vervolgens met de rugzak door Azië en Europa, werkte onderweg voor het reisgeld. In Kitzbühel werd ze verliefd op Marcel Diechter, een lokale triatleet. Het was inmiddels 1996, Allen was 25 jaar oud, ze ging ook zwemmen, fietsen en lopen, samen met haar vriend.

Ze zat al snel bij de Oostenrijkse selectie, al is daar niet al te veel nodig. Het Alpenland is toch vooral een wintersportland, de bakermat van skikanonnen als Hermann Maier en Stefan Eberharter.

Alleen in Oostenrijk wisten ze dat ze snel kon lopen. Cruciaal binnen deze sport, waar het van belang is weinig minuten met zwemmen te verliezen om dan vervolgens de goede gangmakers bij het wielrennen te vinden.

`Als Zeus ons welgevallig is, dan is er een kansje op brons', had Allens trainer haar de avond voor de wedstrijd toevertrouwd. De Griekse oppergod had woensdag blijkbaar een extra zwak voor deze Oostenrijkse Australische en geen oog voor de twee Nederlandse deelneemsters woensdag, Tracy Looze-Hargreaves en Wieke Hoogzaad.

Looze-Hargreaves, net als Allen in Australië geboren, werd 29ste, ook Hoogzaad had haar dag niet. Ze eindigde vier plaatsen hoger. Vier jaar geleden in Sydney behaalde ze dezelfde plaats, maar toen lag daar een valpartij aan ten grondslag.

Dat excuus was er in Vouliagmeni niet. Ze had alles gegeven, maar kon bij het afsluitende lopen geen potten breken. `Deze sport heeft zich sinds Sydney zo ontwikkeld, het veld is breder en sterker geworden.'

Dat mag zo zijn, er blijft binnen deze moderne driekamp nog altijd ruimte over voor een onbekende Oostenrijkse uit Geelong, die wat hulp van Zeus krijgt.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden