Zelfbewuste De Vos rekent af met koningskoppel

Elke maand is de mooiste maand, behalve misschien januari, noteerde Nescio in 1951 in zijn Natuurdagboek. Iedereen zal het met de schrijver eens zijn, behalve misschien één wielrenner....

Van onze verslaggever

Bart Jungmann

ZEDDAM

'Ik ben Wimke de Vos' zei de nieuwe nationaal kampioen veldrijden zondagmiddag in het Gelderse Zeddam en hij blaakte van trots. Hij had zojuist het dit seizoen onverslaanbare koppel Groenendaal-Van der Poel met groot machtsvertoon eronder gekregen en daarmee een periode afgesloten, waarin lichamelijk ongemak hem langdurig buiten het veld hield.

Wim de Vos is 28 jaar, werd vijf jaar geleden derde op het WK cyclocross in Italië, maar kreeg in de schaduw van de opkomende Groenendaal en de nimmer afhakende Van der Poel al die jaren te weinig zonlicht om tot een topcoureur uit te groeien.

Dit seizoen dreigde zelfs geheel verloren te gaan. Door een gaatje in zijn middenrif kwam maagzuur omhoog en dat veroorzaakte infecties. Wim de Vos zat zo diep in de put dat hij vorige maand vreesde voor het einde van zijn loopbaan. Maar met pillen kan het maagzuur binnen de perken worden gehouden en als het WK er aan het eind van de maand op zit, wordt De Vos uitgebreid onderzocht om een adequate genezing te vinden.

In de periode dat hij buiten de wedstrijden bleef, trainde hij zo hard dat de vonken er afvlogen en leefde als een monnik. 'En dat doe ik niet zo vaak', stelde hij in Zeddam grinnikend vast.

Op Nieuwjaarsdag volgde het eerste loon naar werken. De Vos won een veldrit in Lieshout en legde daarmee de basis voor zijn overwinning in een klassement van nationale veldritten, toevallig gesponsord door Rabobank, de werkgever van zijn twee grote concurrenten.

De Vos verscheen daarom vol zelfvertrouwen in Zeddam aan de start van een fraai parkoers. 'Ik wist zaterdagavond al dat ik ging winnen. Ik ging om negen uur naar bed en om kwart over negen sliep ik al. Dat overkomt me nooit.'

Het zelfvertrouwen was de volgende ochtend niet verdwenen en dat had hem bovenal rustig gestemd. In de wetenschap dat hij al het nodige had gedaan om te winnen en zichzelf niets kon verwijten, waren zijn eerste pedaalslagen meteen al krachtig.

Ploeggenoot Boezewinkel trok het peloton aan flarden. Alleen De Vos, Van der Poel en Marcel Gerritsen konden hem volgen. Richard Groenendaal had na een paar ronden de achterstand, veroorzaakt door pech, goedgemaakt. Vlak daarvoor zag De Vos een eerste ontsnappingspoging verijdeld worden door een lekke band. 'Ik dacht eventjes bij mezelf: mag ik dan nooit winnen?'

De Vos had echter het geluk dat hij slechts korte tijd op een platte band moest rijden. Vlak voor de lange afdaling begon, kon hij een andere fiets in ontvangst nemen. 'Zaterdag bij de training had al ik gezegd dat ze daar een tweede bevoorradingspost moesten neerzetten vanwege het lastige parkoers. Dat pakte dus mooi uit.'

Even voorbij de helft van de wedstrijd plaatste hij de beslissende demarrage. Groenendaal kon als enige volgen, maar de afstand werd steeds groter. De Vos reed een stuk gedurfder dan de concurrentie en op de 105 (!) treden hoge trap die in de ronde was opgenomen, ging hij gezwind omhoog. 'Ik heb vorige maand veel aan steps gedaan in de sportschool gedaan.'

Met een halve minuut voorsprong op de als kampioen onttroonde Groenendaal en 37 seconden voor Van der Poel ging Wim de Vos, vol trots op zijn borst roffelend, als eerste over de finish. Een terechte winnaar vonden de beide rivalen en ze staken zijn armen in de lucht nadat het Wilhelmus door het Montferland weerklonken had.

De Vos kan met zijn twee kapitaalkrachtiger landgenoten goed opschieten, zegt hij, en op het WK in München zal het teamverband volgens hem ook hecht zijn. Maar hij vindt het een goede zaak dat er eindelijk eens een andere winnaar is in het veldrijden. 'Het hele jaar door hoor je alleen maar Rabo, Rabo, Rabo. Alsof er verder niets gebeurd.' Wim de Vos voelt zich ondergewaardeerd. Door de media en door de andere veldrijders. Van der Poel had zijn nederlaag in Lieshout laconiek weggewoven en dat zat De Vos niet lekker.

Maar van wanhoop is vorig jaar nimmer sprake geweest. 'Van der Poel en Groenendaal mogen van mij 25 keer winnen, maar het komt toch altijd aan op die paar wedstrijden in deze periode van het jaar.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.