Winstpartijen om van te smullen

Van Evert Bronstring heb ik tot dusver twee omsingelingspartijen laten zien (de Volkskrant, 29 mei 1999), benevens een viertal zinderende duels waarop zowel het predikaat aanvals- als opsluitingspartij van toepassing is (5 en 12 juni)....

In de eerste partij rekent de Leidse strateeg op niet mis te verstane wijze af met Frank Drost, de latere winnaar van het NK 1978.

Bronstring-Drost (NK 1971)

1.31-26 19-23 2.37-31 14-19 3.41-37 10-14 4.34-30 20-25 5.46-41 25x34 6.39x30

Met verwisselde kleuren en 5 op 10 treft men deze openingsvariant in onze dagen steeds vaker aan. Maar Bronstring speelde dus dertig jaar geleden al zo! Hij won er, in het Suikertoernooi 1975, zelfs een partij van Baba Sy mee!

6...15-20 7.30-25 20-24 8.44-39 5-10 9.40-34 23-28 10.32x23 18x40 11.35x44 12-18 12.37-32 7-12 13.31-27 18-23 14.36-31 13-18 15.41-36 9-13 16.33-28 4-9 17.39-33 10-15 18.44-39 17-21 19.26x17 12x21 20.31-26 2-7 21.26x17 11x31 22.36x27 7-12?!

De zwarte opbouw blinkt niet uit door subtiliteit. Na 22...6-11(!) 23.47-41 11-17(!) had wit uit een heel ander vaatje moeten tappen.

23.47-41 1-7 24.42-37! 7-11 25.37-31!

Uitstekend gespeeld! De witspeler stelt zich zodanig op dat hij na 11-17 géén hinder van een achtergebleven schijf op 36 ondervindt, zonder dat hij de controle over dit randveld prijsgeeft.

25...12-17 26.41-36!

Nu pas. 26...14-20 27.25x14 9x20 28.45-40 17-22?

Met zijn 6 tempi ontwikkelingsvoorsprong, gevoegd bij de op z'n minst ongemakkelijke structuur aan de rechter bordrand, stond Drost al niet prettig. Maar de tekstzet is zo'n beetje de slechtste van alle denkbare opties, want vanaf dit moment is de zwartspeler met huid en haar aan zijn tegenstander overgeleverd.

29.28x17 11x22 30.31-26! 22x31 31.36x27!

Wit verovert voorgoed het randveld 26 en zal, door de zet 33-28 zo lang mogelijk uit te stellen, het opkomen van schijf 6 consequent blijven verhinderen.

31...3-9 32.49-44!

Zie diagram

32...24-29 33.33x24 20x29 34.39-33!

Verijdelt de bevrijdingspoging 34...18-22 door 35.33x24! 22x31 36.26x37 19x30 37.40-35! en wit wint een volle schijf, bijvoorbeeld 37...9-14 38.35x24 14-19 39.44-40 19x30 40.40-35 30-34 41.38-33 13-18 42.33-29 34-40 43.35x44 23x34 44.44-39 enz. (vandaar het uitroepteken achter 32.49-44).

34...9-14 35.33x24 19x30 36.44-39 30-35 37.40-34 14-20 38.50-44 20-24 39.38-33 13-19 40.44-40! 35x44 41.39x50

Bronstring wikkelt op even laconieke als elegante wijze naar de winst af.

41...15-20 42.50-44 20-25 43.44-40 24-30

Ook 43...8-13 verliest kansloos na 44.43-39! 24-30 45.40-35! (tempodwang!) 19-24 46.33-28 13-19 en wit kan zelfs kiezen uit 47.28-22! (tempodwang!) 6-11 48.22x13 19x8 49.32-28 + of het tragere, maar minstens zo stijlvolle 47.48-43 6-11 48.43-38 11-17 49.38-33 +.

Pas na de tekstzet betreedt Bronstring voor het eerst sinds vijftien zetten weer het centrumveld 28:

44.33-28! 30x39 45.43x34 8-12 46.48-43 12-17 47.40-35

Zonder vrees voor 47...16-21 48.27x16 18-22 49.32-27! +.

47...17-22 48.28x17 19-24 49.43-38 24-29 50.27-21 29x40 51.35x44 16x27 52.32x21 25-30 53.44-39

Zwart geeft het op.

Van veel recenter datum zijn de klassieke partijen die Bronstring won van Klaas Bor en oud-NK-finalist Joost Hooijberg. Ofschoon die duels onderling sterk verschillen, hebben zij één ding gemeen: in beide gevallen wint Bronstring doordat hij in vastgelopen positie over het allerlaatste tempo blijkt te beschikken!

Bronstring-Bor

(halve finales NK 1995)

1.31-27 17-21 2.36-31 21-26 3.41-36 18-23 4.33-28 12-17 5.27-22

Naar mijn smaak één van de spannende openingsvarianten die het damspel kent.

5...17-21 6.31-27 7-12 7.39-33 12-18 8.43-39 20-24 9.34-30 14-20 10.30-25 1-7 11.25x14 9x20 12.40-34 4-9 13.45-40 10-14 14.49-43 5-10 15.33-29 24x33 16.38x29 7-12 17.42-38 20-24 18.29x20 14x25 19.39-33 9-14 20.44-39 14-20 21.33-29 20-24 22.29x20 15x24 23.50-45 10-15 24.34-30 25x34 25.40x20 15x24 26.39-34 3-9 27.47-42 9-14 28.34-30 11-17 29.22x11 6x17 30.27-22 18x27 31.37-31 26x37 32.42x11 16x7 33.36-31 12-18 34.31-27 21-26 35.43-39 8-12 36.48-42(!) 7-11 37.42-37(!)

Met vooruitziende blik gespeeld...

37...11-16 38.45-40 12-17?

Nu gaat wit fraai winnen. Met 38...2-7(!) en 39...7-11 enz. was zwart mijns inziens nog net binnen de remise-marge gebleven.

39.39-33! 17-21 40.30-25! 2-7 41.28-22!!

Neemt opnieuw een Ghestem-opstelling in. Daarvan zal ditmaal beslissende kracht uitgaan.

41...23-29 42.33-28 18-23 43.46-41 7-12 44.41-36

Nu blijkt waarom veld 37 met de kroonschijf en niet met schijf 46 moest worden bezet: na 44...12-18 heeft wit in 45.36-31 precies het laatste tempo! Bor probeerde nog even 44...12-17 45.22x11 16x7 46.27x16 13-18, maar moest zich na 47.36-31 7-12 48.16-11 gewonnen geven.

Hooijberg-Bronstring

(clubcompetitie 1995/1996)

1.32-28 18-23 2.33-29 23x32 3.37x28 17-22 4.28x17 11x22 5.41-37 6-11 6.46-41 12-17 7.37-32 8-12 8.41-37 1-6 9.38-33 12-18 10.32-28 7-12 11.43-38 20-24 12.29x20 15x24 13.31-27 22x31 14.36x27

Zo wordt een uitgesproken flankopening ingeruild voor een klassiek-achtig middenspel.

14...2-8 15.27-22 18x27 16.28-23 19x28 17.33x31 14-19 18.39-33 10-14 19.44-39 5-10 20.50-44 10-15 21.49-43 14-20 22.38-32 13-18 23.43-38 9-13 24.47-41 17-21 25.41-36 21-26 26.31-27 4-9 27.33-29 24x33 28.39x28 20-24 29.44-39

Nauwkeuriger lijkt 29.34-30.

29...9-14(!) 30.34-30 14-20(!) 31.39-34(!)

Inderdaad het beste. 31.30-25?? ging uiteraard niet (31...26-31 +), en na 31.39-33(?) had zwart met 31...20-25! groot voordeel naar zich toe getrokken.

31...18-23(!) 32.30-25 24-30 33.25x14 30x39 34.38-33 19x10 35.33x44 13-19(!)

Het hoogst ongebruikelijke intermezzo tussen de 32e en 35e zet heeft in een gesloten klassieke positie geresulteerd die iets gemakkelijker voor zwart staat.

36.35-30 15-20 37.30-25 20-24 38.44-39 8-13 39.48-43 3-9 40.43-38 10-14 41.40-35?

Hierna komt Hooijberg in ernstige moeilijkheden. Het is waar dat 41.38-33?? uitgeschakeld was door de manoeuvre 41...23-29! en 42...19-23! +, terwijl 41.39-34? faalde op de damzet 41...26-31, 42...23-29, 43...24-30!, 44...16-21, 45...13x33 en 46...19x48 +. Maar na het allerminst voor de hand liggende 41.36-31!!, een zet die Bronstring zelf moeiteloos zou hebben gevonden, was er voor wit niets aan de hand geweest.

41...13-18! 42.45-40 9-13! 43.40-34 11-17!

De Olympische formatie heeft haar nut bewezen. Wit kampt met dodelijke zwaktes op zowel 36 als 42.

44.34-30 17-21 45.39-34 23-29! 46.34x23 18x29

Met dank - opnieuw - aan de grote Pierre Ghestem!

47.27-22

De belangrijkste variant luidt 47.36-31 6-11! (tòch) 48.38-33 29x47 49.28-23 19x28 50.30x6 47-36!! 51.32x23 21x41 met ondubbelzinnige winst door overmacht!

47.27-22 6-11! 48.36-31 12-18!

Met de pointe 48.31-27 18-23 +!

49.28-23 18x36 50.23x34 36-41(!)

Bij wijze van bescheiden tactische toegift. Wit geeft het op.

Winsten om van te smullen!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden