Interview Danny Makkelie

Wegdommelen kan niet, de videoscheids moet scherp blijven: ‘Je moet een scheidsrechter durven overrulen’

Danny Makkelie was eerder al actief als videoscheidsrechter, hier in 2016. Beeld VI Images / Maurice van Steen

‘Videoscheidsrechter zijn is heel stressvol’, zegt Danny Makkelie (35), de Nederlandse videoscheidsrechter tijdens het WK. ‘Van een scheidsrechter wordt nog wel een fout geaccepteerd. Hij is een mens. Een videoscheidsrechter is ook een mens, maar die heeft zoveel herhalingen en beelden, dat men zegt: als je al die hulpmiddelen hebt, hoe kun je dan een fout maken? De druk ligt anders.’

Strafschop, ja of nee. Doelpunt, ja of nee. Buitenspel, ja of nee. Persoonsverwisseling, ja of nee. Dat zijn de kwesties waarover de videoscheidsrechter en diens assistenten zich buigen, in een centrale ruimte in Moskou. Ze zien dezelfde beelden als de kijker thuis. Ze kunnen alleen snel beschikken over beelden van bijna veertig camera’s. Gefilmd uit alle hoeken, van achter de goal, bij de zijlijn, laag bij de grond of hoog in het stadion.

Videoscheidsrechter Danny Makkelie (links), met naast hem scheidsrechter Bjorn Kuipers (rechtsmidden) en zijn vaste assistenten Sander van Roekel (rechts) en Erwin Zeinstra. Beeld ANP

Makkelie is altijd gekoppeld aan wedstrijden van Kuipers, en verder aan andere arbiters. Hij is met twaalf andere videoarbiters. Het kan zijn dat hij bij de finale actief is en Kuipers niet. Het gaat om scherp kijken en om snel communiceren. Bij de Confederations Cup, het oefentoernooi van het WK, leverde de nieuwigheid soms lachwekkende taferelen op, maar sindsdien is veel geoefend.

‘We moeten voelen dat er iets aan de hand zou kunnen zijn, ook als niemand protesteert. Het gevaar is dat je als videoarbiter een beetje in slaap valt, omdat er weinig gebeurt in een wedstrijd. Bij elke situatie moet je denken: die wil ik toch even terugzien. Dat is beter dan dat je drie minuten na een gevalletje een herhaling op tv ziet van een strafschopgeval, waarbij de mensen thuis zeggen: hoe heeft hij dit kunnen missen. Ik ben zenuwachtiger als videoscheidsrechter dan als scheidsrechter, want ik leg een eventuele fout van mezelf bij een ander neer.

‘We kunnen trainen, trainen, trainen, maar het gaat om de wedstrijd. In een training gaat mijn hartslag niet omhoog naar 180. Je moet een scheidsrechter durven overrulen met een ingreep die een wedstrijd volledig op zijn kop kan zetten. Dan moet je toch een arbitrageachtergrond hebben. Ik fluit liever, maar een videoscheidsrechter is een mooie bijrol. En ik kom nu toch op een WK, waar ik anders niet was geweest.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.