Een teleurgestelde Jorien ter Mors na haar 1500 meter tijdens het Olympisch Kwalificatie Toernooi in Thialf.
Een teleurgestelde Jorien ter Mors na haar 1500 meter tijdens het Olympisch Kwalificatie Toernooi in Thialf. © ANP

Weer laat het lichaam van Jorien ter Mors haar in de steek; geen plaatsing voor Olympische 1.500 meter

Het tranendal van Jorien ter Mors was er vrijdag een van pure frustratie. Niet omdat zij zich, als de nummer vijf van Nederland, definitief onttroond wist als olympisch kampioen op de 1.500 meter. Ze zal in Pyeongchang op die klassieke afstand niet van start gaan.

De tranen, op het middenterrein in veelvoud, in de catacomben meer prikkend in de ooghoeken, kwamen omdat de topschaatser zich voor de zoveelste keer in de steek gelaten wist door haar lichaam en daarbij geen idee had wat er nu weer was misgegaan in de machinekamer van haar presteren. Ze reed lang uit, ogenschijnlijk verbijsterd over wat haar was overkomen.

Ter Mors: 'Er gingen alleen maar vragen door me heen, waardoor het niet wil, waardoor het niet lukt. Het ging me er niet om dat ik me hier niet plaatste voor de olympische 1.500, maar meer over de onwetendheid wat er toch met mijn lichaam is. Meer is het niet. Op dit moment. Ik weet niet waardoor dit komt.'

Pittige start

Na de knie kwam de rug die in november niet wilde meewerken bij de gewichtentraining

De Twentse was vrijdagavond vol vertrouwen het ijs opgegaan. Ze had zich dinsdag als winnaar geplaatst voor de 1.000 meter van de Olympische Winterspelen. Ze bleef als enige onder de 1.16: 1.15,38. Ze was ontevreden: 'Ik had een 1.14 laag hier verwacht.'

Twee dagen later reed ze de 500 meter. Op die afstand bleek dat ze niet hersteld was van het rugprobleem, waarmee ze deze herfst kampte. Ze was bij krachttrainingen tweemaal 'door de rug' gegaan. Bij een pittige start hoort een sterke rug. Ter Mors werd negende, in 38,91 seconden. Dat was daarmee verklaarbaar.

Bijnummer

Ze zei dat het niet belangrijk was geweest. De 500 was voor haar niet meer dan een bijnummer, sprak ze in november, toen ze voor de World Cup van Stavanger moest afzeggen. Ter Mors was toen, vanuit haar ziekbed, uiterst optimistisch over de rest van het olympische seizoen dat ze met een wedstrijdloze periode van zes weken ging vervolgen.

Ze sprak van de hoofddoelen '1.000 en 1.500 meter', 'en als het goed gaat dan doe ik de 3 kilometer en de massastart erbij'. O ja, ze wilde ook nog opgenomen worden in het team voor de ploegachtervolging. Dit alles werd gezegd door de vrouw die in december werd aangewezen voor het olympische shorttracktoernooi, voor de aflossing en de 1.500 meter.

Het waren uitspraken en aanwijzingen alsof er geen verleden met het fysiek van Jorien ter Mors bestond. Op 6 oktober 2014, een maand of acht na haar gouden glorie van de Spelen van Sotsji, kreeg zij te horen dat ze 'overreached' was, een stadium net voor overtraind zijn. Ze zou met drie maanden weer op de benen staan. Het werd een heel seizoen.

Matige WK afstanden

Na die fysieke dreun, resultaat van veel stress, familieverdriet en een overspannen agenda, kwam het eigenlijk nooit meer goed met Jorien ter Mors. Het was soms goed, zoals bij de WK afstanden van 2016 in Kolomna waar ze tweemaal wereldkampioen werd. Maar op andere momenten viel ze terug, omdat het lichaam niet wilde.

In februari van dit jaar schaatste ze een voor haar doen matige WK afstanden, bij de verkenning van de olympische schaatsbaan van Gangneung. Ze werd derde (1.000) en vijfde (1.500). Ze had last van de knie die pijn doet bij het naar binnen vouwen van het gewricht. Na de knie kwam de rug die in november niet wilde meewerken bij de gewichtentraining.

Ik was vol vertrouwen het ijs opgegaan. Na de eerste ronde voelde ik al geen power in de benen

Jorien ter Mors

Of het spier dan wel wervel was, wilde Ter Mors deze week niet onthullen. Ze krijgt al jaren, naar haar smaak, te veel vragen over haar fysieke gesteldheid. 'Nee, dat is iets anders', sprak ze over de rugkwetsuur. 'Dat is persoonlijk. Dat houd ik voor mezelf.'

Wat ze niet voor zichzelf hield was dat de kniepijn terug was en vrijdag dat het hele lijf blokkeerde. Het was onverklaarbaar. 'Dit had ik niet verwacht. Ik zag dit niet aankomen. Ik was vol vertrouwen het ijs opgegaan. Na de eerste ronde voelde ik al geen power in de benen. Liep ik al leeg. Normaal voel ik dat in de laatste 400 meter. En niet de eerste. Dat gaat er gauw een belletje rinkelen.'

Ze hield zich groot in de catacomben, waar winnaar Ireen Wüst en de runner-ups Lotte van Beek en Marrit Leenstra hun verhaal deden. De tranen prikten. Ferm zei Ter Mors dat ze het moest doen met wat ze had. 'Dat wil niet zeggen dat ik geen olympisch kampioen kan worden.' Het leken loze woorden.