Wedloop in bonussen

Sneller, hoger, sterker is het officiële olympische motto. Maar sommige landen hebben, in de zucht naar olympisch goud, een extra wedloop gecreëerd.

In Singapore is de honger naar goud het grootst. Een half miljoen euro aan premie heeft de regering daar over voor de olympische hoofdprijs. Maleisië en Griekenland volgen met hun prestatiebonussen op gepaste afstand (zie tabel), maar steken nog altijd uit boven gastland China, dat 150.000 euro over heeft voor een gouden medaille.

Nederland steekt wat karig bij af bij de eerzuchtige naties van de wereld. Het streeft de komende twee weken naar een toptienklassering in het medailleklassement, op gezag van de regering. Maar in een Volkskrant-inventarisatie van de prestatiebonussen voor de Spelen (die incompleet is door een gebrek aan gegevens uit veel deelnemende landen) behoort Nederland niet bij de toptien.

Sportkoepel NOC*NSF heeft 27.500 euro over voor goud, 20.000 voor zilver en 12.500 voor brons. Teamsporters moeten de bedragen delen, maar er is een ondergrens. Ze krijgen minimaal 10.000, 7.000 en 4.000 voor goud, zilver en brons.

Het is voor de vierde maal dat de sporters bij de Zomerspelen een prestatiebonus krijgen toegekend. In 1996 werd de premie ingesteld, met een bedrag van 60.000 gulden voor de winnaar. In al die jaren is het bedrag nagenoeg gelijk gebleven, in tegenstelling tot bijvoorbeeld in gastland China. Daar is het bedrag gestegen van 600 euro in 1984 tot de huidige 150.000 euro.

Over de hoogte van de bedragen bestaat in Nederland nauwelijks discussie, wellicht omdat de torenhoge bonussen vooral worden uitgeloofd door landen die weinig of geen medailles winnen. Het zijn aanmoedigingspremies die bedoeld zijn voor de publiciteit, maar nooit uitgekeerd worden. China is de uitzondering op deze regel.

Volgens een sportersenquête van NOC*NSF, uitgevoerd na de Winterspelen van Turijn, wil 79 procent van de atleten het bonusplan handhaven. Het wordt als ‘redelijk tot goed’ beoordeeld.

‘Een buitensporige prestatie verdient een aparte beloning, net als in het bedrijfsleven’, vindt marketingmanager Roel Roelfzema van NOC*NSF. Hij gelooft dat de hoogte van de bonus prima is, ook al liggen de bedragen in België bijvoorbeeld hoger. Daar is goud 50.000 euro waard.

Frits Algie van vakbond NL Sporter spreekt Roelfzema tegen: ‘Nederland is een van de westerse landen waar relatief weinig wordt betaald.’

Roelfzema erkent dat het steeds moeilijker en kostbaarder wordt om mee te doen aan de top, door de groeiende internationale competitie. Maar uit evaluaties met de sponsors, atleten en hun vertegenwoordigers is volgens hem weinig gebleken van onvrede. ‘Laten we reëel zijn, een topsporter heeft steeds meer geld nodig. Maar we kunnen de bedragen niet eindeloos verhogen.’

Ook Jan Zuidam, vice-voorzitter van NOC*NSF-sponsor DSM, vindt de hoogte van de Nederlandse bonussen acceptabel. De zes sponsors van de sportkoepel financieren gezamenlijk het zogeheten medaillebonusplan. Wel erkent hij onmiddellijk dat de bedragen schril afsteken bij betalingen in het voetbal. Of in het bedrijfsleven. ‘Als het heel goed gaat bij DSM is mijn bonus wel wat hoger’, zegt Zuidam, die het precieze bedrag geheim houdt.

Van andere leidinggevenden bij de NOC*NSF-sponsors zijn die wel bekend. DSM-topman Feike Sijbesma streek in 2007 aan variabele bonus 395.663 euro op. Ook de prestaties van de bazen van Randstad, Unilever en NS werden beduidend hoger gewaardeerd dan de winnaars van olympisch goud.

Ben Noteboom van Randstad kreeg vorig jaar een bedrag dat vermoedelijk hoger ligt dan wat alle medaillewinnaars in Peking tezamen zullen opstrijken: 652.000 euro.

De bonus van Patrick Cescau van Unilever is ongeveer gelijk aan wat een gouden hockeyploeg en gouden Holland Acht samen kunnen verdienen: 234.600. Aad Veenman van NS ving 181.845, wat vergelijkbaar is met vijf gouden individuele medailles.

NL Sporter constateert dat er bij NOC*NSF weinig ruimte is voor discussie over de hoogte van de bonus, net als over de verhoging van de maandelijkse toelages. Dat is laatste vindt de vakbond eigenlijk belangrijker.

‘Nederland is veel ambitieuzer dan vijftien jaar geleden, met de wens om tot de mondiale toptien te behoren. De beloning is daarbij achtergebleven. In dat traject is geen ambitie’, meent Frits Algie.

Hij ziet liever een verhoging van de toelage dan van de bonus. ‘De bonus is een druppel op de gloeiende plaat. En het is een beetje een vervelend ding. Eerst zijn de sporters blij met het geld, dan wordt het steeds minder.’

Over de bonus moet in Nederland belasting worden betaald, al gauw 40 procent. En het heeft consequenties voor de maandelijkse toelage die sporters zonder eigen bron van inkomsten krijgen. Na de Spelen van Athene vroegen sommige roeiers zich volgens Algie af wat ze eigenlijk over hadden gehouden van de bonus. Met de belastingdienst is uiteindelijk een financieel compromis bereikt.

Sommige sporters kunnen naast de bonus van NOC*NSF bij medaillewinst ook een extraatje van hun bond verwachten. De Atletiekunie heeft vorig jaar een eigen plan in het leven geroepen. Goud levert 8.000 euro op. Ook de KNVB looft een premie uit. De bedragen die bij het behalen van een medaille horen, wil de bond niet bekend maken. De paardensport beloont een olympisch kampioen met 20.000 euro.

Uiteraard zijn de sporters niet alleen op bonden of overkoepelende organisaties aangewezen voor bonussen. In contracten met privé-sponsors is doorgaans tot in details vastgelegd wat een klassering of record waard is. Hoe beter de sporter, hoe hoger de inkomsten. Voor Nederlandse toppers als Pieter van den Hoogenband of Theo Bos zijn de NOC*NSF-premies een schijntje.

De Amerikanen geloven heilig in deze vorm, hetgeen vermoedelijk verklaart waarom hun bonus voor goud beduidend lager is dan de Nederlandse. En ook in het formeel communistische China is het kapitalistische beloningsmodel aangeslagen. Zelfs bedragen worden prijs gegeven. De Chinese schoonspringers krijgen voor goud 100.000 euro van een bierconcern. De schutters kunnen datzelfde bedrag tegemoet zien.

En dan is er nog een sponsor genaamd Fok Ying Tung, die met een royaal gebaar een sneer naar de olympische beweging maakt. Winnaars van olympisch goud krijgen van de industrieel een echte gouden medaille, van één kilogram.

De meeste Nederlandse sponsors van NOC*NSF gaan niet mee in die wedloop van hogere, spectaculaire bonussen, al geeft de NS wel een premie aan de medaillewinnaars met een persoonlijk contract, zoals zwemster Marleen Veldhuis. ‘Wij vinden een medaille van extra waarde voor onze publicitaire campagnes’, zegt een woordvoerder.

Randstad en DSM doen niet aan extra beloningen. Het chemieconcern werkt samen met sporters om nieuwe producten te ontwikkelen en baseert zijn beloning op die samenwerking. Prestaties staan daar los van. Volgens topman Zuidam heeft ook zwemster Inge de Bruijn, die voorheen werd gesponsord, nooit een bonus gekregen voor haar gouden medailles. ‘Ze is niet per medaille betaald, maar heeft wel een mooie regeling gekregen. We hebben daardoor het contract kunnen verlengen.’

In de visie van Randstad heeft het weinig zin piekprestaties te belonen. Het bedrijf gelooft in loopbaanontwikkeling en kiest ervoor sporters over langere periodes te helpen. Niet alleen de toppers, maar ook de subtoppers en talenten. Met de aanpak zijn volgens manager sponsoring Bernadette Tilman al 1.700 sporters geholpen, onder meer met studieadvies, stageplaatsen en werk.

Dat is volgens Tilman meer waard dan een hogere bonus. Nederland moet volgens haar ook niet meegaan in de internationale wedloop van hogere premies.

‘Je kunt niet leven van het medailleplan. Het zijn geen megabedragen, waardoor je de rest van je leven klaar bent. Over vijf maanden is iedereen Peking alweer vergeten. Wij zijn er ook voor de periode dat er niemand meer staat te springen van blijdschap.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden