Waterpoloploeg presteert alleen in oefenwedstrijden

Het is jaren aanklampen geweest, maar in Sevilla hebben de Nederlandse waterpoloërs de aansluiting met de wereldtop toch echt verloren....

Van onze sportredactie

AMSTERDAM

Niet naar Australië betekent voorlopig uit beeld. Degradatie uit de A-groep had het nog erger gemaakt. Maar de Europese zwembond LEN was zo vriendelijk de opzet van het toernooi weer eens te wijzigen. De vier zwakste broeders onder de twaalf deelnemers spelen geen degradatietoernooitje meer, maar de nummers zes van de poules degraderen rechtstreeks.

Nederland kan door de tot dusver enige goede wedstrijd (de zege op Oekraïne) dus nog spelen om de negende plaats. Nog een plaatsje beter dan twee jaar geleden in Wenen. In werkelijkheid is 'beter' een grove overdrijving. Het gaat helemaal niet goed met het mannenwaterpolo. Het gaat alleen goed in oefenwedstrijden.

Het duel tegen Kroatië toonde dat zaterdag nog maar eens aan. Verdedigend gaat het allemaal nog wel, doelman Arie van de Bunt is van hoog internationaal niveau, maar aanvallend blijft het behelpen. Te weinig ideeën, beweging, durf en zuiverheid bij het schieten. 'Kom op, moe worden mag hoor', was een veelbetekenende aanmoediging vanaf de tribune.

De Kroaten wonnen zonder haast te maken. De Nederlandse ploeg was geen moment in staat greep te krijgen op het spel. Kroatië kwam in de vierde periode zelfs met 8-1 voor. Voor Nederland had alleen Gerben Silvis na een minuut of tien gescoord. Even later kreeg hij al z'n derde persoonlijke fout.

De late treffers van Bas de Jong en Harry van de Meer deden er niet toe. De ploeg droop gedesillusioneerd af en wachtte niet eens op het resultaat van de wedstrijd Slowakijke - Oekraïne. Winst van de laatste had immers nog een strohalm betekend; of de degradatie naar de B-categorie.

De Slowaken stelden, na een zwak begin, de trip naar Perth veilig. De confrontatie met Hongarije deed voor de Nederlanders daardoor niet meer ter zake. Voor de goede orde, hij werd verloren: 8-13.

Vrijdagavond was de ploeg er al niet in geslaagd tegen Spanje voor een stiekem gehoopt stuntje te zorgen. Een afgang was de tweede nederlaag niet, in tegenstelling tot die in de openingswedstrijd tegen Slowakije. Onbevredigend wel: 3-7 (0-2 1-1 0-1 2-3).

Nederland deed heel aardig mee, maar de Olympische kampioensploeg van Atlanta herbergt een schat aan raffinement meer. Vooral in de man-meersituatie waren de Spanjaarden aanmerkelijk gehaaider. Daar liet Nederland juist de kansen liggen met slechts één uit zes. De titelgegadigde haalde bijna 50 procent.

De kansen waren er dus wel degelijk, zelfs voldoende voor de verrassing. De gedisciplineerde zoneverdediging functioneerde met de andermaal voortreffelijke doelman Arie van de Bunt als sluitstuk zeer behoorlijk. De eerste drie perioden scoorde Spanje slechts in overtal.

Nederland kreeg gedurende die 21 minuten minder van die mogelijkheden maar genoeg om heel dichtbij te blijven of zelfs langszij te komen. Alleen Arno Havenga maakte echter een doelpunt uit een man-meer. In de vierde periode verkleinde hij ook de achterstand even tot 2-4. Het heilig vuur stak hij er echter niet mee aan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden