Wat waren we trots

De Limburgse club Fortuna Sittard moet min of meer gedwongen fuseren met Roda JC. Willem Vissers, supporter voor het leven én verslaggever, over de zaterdagavonden in de Baandert.

Zaterdagavond, eens in de twee weken, waren wij meer van Fortuna Sittard dan van het aanlokkelijke vrouwvolk in Pey-Echt, Midden-Limburg.

Wil, Frank, Hansje, Wim, Paul, Thei, Robbie, Pedro, Jack, Guus, nog een Paul, nog een Frank, Fred, Arno, Jan. Wij voetbalden eerst met RIOS, douchten, aten, sloegen onze groen-gele sjaal om, beloofden moeder voorzichtig te zijn als de vaders ons niet brachten, fietsten naar het station, namen de trein van 2 over 6 naar Sittard en wandelden langs het ziekenhuis naar stadion De Baandert, de prettige voorganger van de tegenwoordige betonbak in het weiland tussen Sittard en Geleen. Vanaf de herfst lonkten de lichtmasten en de regensluiers aan het zwerk. Groen en geel glansden als goud boven het gazon.

De eredivisie kenden we van televisie. Fijn voetbal, daar niet van, maar wij hielden van de eerste divisie, want daarin hoorden we bij de betere clubs. Wij wachtten de toss af en gingen aan de kant staan waar onze aanvallers moesten scoren. Wij stonden aan de lange zijde, voor 2 gulden en 50 cent, iets meer dan een euro.

We keken naar rechtsbuiten Hans Zuidersma, bij nadere beschouwing een beetje blind.

Goalgetter Hans Engbersen.

Linksbuiten Tiny Ruys, de blonde pijl.

Rob Hutting was gezegend met een knalhard schot. Dan had je Bram Geilman, onze doelman over wie we tegen nieuwkomers altijd dezelfde grap maakten: dat hij van plan was zijn naam te laten veranderen. In Piet Geilman.

We waren trots op Van Daele, die met Feyenoord de wereldbeker had gewonnen, Bux, Pfennings, Titaley en Colombain, de linksback met de mooiste passeerbeweging. Hij speelde de bal met de binnenkant van de rechtervoet achter zijn linker standbeen langs. De bal rolde dan links langs de tegenstander, terwijl hij rechtsom rende. Geniaal. En Frans Körver was een trainer met overslaand vuur.

Nooit vergeten we de man die altijd hetzelfde riep als de doelman van de tegenstander tijd rekte: ‘Sjtamp dè bal oet.’ We waren op van de zenuwen als we met een loterij een prijs wonnen, een ‘verrassing van De Limburger, de krant met ruim 135 duizend abonnees’, en die prijs, een streekroman uit de Tuinfluiter-trilogie, mochten we afhalen in de kamer van Joop Castenmiller. Dat was de manager, de baas van onze club eigenlijk.

Hoe vergankelijk is het leven, en dus het voetbal. In het seizoen 1979-1980, jaar 1 in de Fortuna-jaartelling, ontmoetten we DS’79 (nu FC Dordrecht), FC Vlaardingen (weg uit het betaald voetbal), Eindhoven (bijna weg), SC Amersfoort (weg), SVV (verdwenen), FC Wageningen (weg) en FC Amsterdam (ook weg).

Wij wonnen eens van Haarlem, met de piepjonge Gullit. Wij versloegen Veendam met 5-3, na een achterstand van 0-3. Toen de teleurgestelde fans uit Veendam (boeren, vonden wij) met ons op de vuist wilden, liepen we een straatje om.

Het stoerste dat we ooit hebben gedaan, is het formeren van een groen-gele keten op de staantribune van Wageningen, waarna we de pesterige polonaise van Wageningen-supporters in één keer naar beneden duwden. Aan vechten deden we niet, want we moesten een beetje toonbaar zijn als we ons op de late zaterdagavond meldden onder die andere dampende lampen, die van discotheek Spee in Echt. Dan keken we of Anja, Marie-José en Helga nog vrij waren. Het leven was overzichtelijk, met Fortuna (voetbal), RIOS (voetbal) en Rush (symfonische rock).

Fortuna gaat straks op in Roda JC, heeft een stuurgroep bepaald. In het vergrijzende Zuid-Limburg is geen ruimte meer voor drie clubs (Roda JC, Fortuna en MVV). Uiteindelijk blijft misschien maar één club over.

Plakboeken
De plakboeken lagen onder in de stapel. Wat zijn ze gaaf gebleven, na bijna dertig jaar. Kraakheldere krantenfoto’s, standen, topschutterslijsten. De eerste wedstrijdverslagen, gelardeerd met Panini-plaatjes. De clubnaam is telkens geschreven in groen en geel. Om de beurt een gele en een groene letter. Een verslag van één zin beschrijft de openingswedstrijd tegen DS’79 in 1979: ‘Het liep nog niet zoals het moet bij Fortuna.’ En nadat de competitie is afgesloten met de zevende plaats, achttien punten achter kampioen FC Groningen, luidt de conclusie: ‘Volgend seizoen is het seizoen van de waarheid, met de fanatieke trainer Frans Körver.’

Het is een andere waarheid dan die van 2009.

Eerste couplet, vervolg:

Dao is ’t gezèllig, dao zitte veer biejein.En kump de ploug ’t veldj op, dan zèng veer dit refrein.

Gezellig was het altijd. Moeder breide een sjaal en naaide met carnaval een clownspak. Een korte broek met een geel pijpje en een groen pijpje. Een overhemd met een geel pand en een groen pand.

Lekker rustig was het ook, in het stadion. Mannetje of vierduizend. Het kon ons helemaal niet schelen wat Roda deed, of MVV. We waren niet voor Limburg, we waren voor Fortuna.

Wat moesten we denken van Erwin Cramer, die van Ajax kwam? Ging Hutting naar Feyenoord? Konden we nog proberen voor 2,50 gulden binnen te komen, nu we ouder dan 15 waren? Klommen we over het hek als Fortuna promoveerde? (Ja, dat deden we, in mei 1982, en ik volgde Wim Koevermans tot in de kleedkamer om mijn sjaal terug te vragen). Moesten we geen buitenlander kopen? En dat jonge talent Wilbert Suvrijn, die na de wedstrijd in onze discotheek veel hippere kleding droeg, zou die Oranje halen?

Wij, de jongens uit Pey, hebben jarenlang meegeleefd en Fortuna tot een deel van ons leven gemaakt. Anderen waren nog fanatieker. Zij namen, toen de eerste divisie naar vrijdag was verhuisd, halve dagen vrij om een wedstrijd in Veendam te bezoeken. De meeste sponsors en andere notabelen gaan niet eens meer mee naar verre uitwedstrijden.

Wij vielen als groep uit elkaar, we waaierden uit over het land en bleven Fortuna op afstand volgen. De liefde flikkerde af en toe op, bijvoorbeeld toen Fortuna de bekerfinale van 1999 tegen Ajax haalde en een lint van 175 bussen naar De Kuip trok.

Bijna emotieloos
Eigenlijk was de degradatie in mei 2002, tegen Feyenoord, het begin van het eind. Ik schreef in de Volkskrant, alsof het nooit anders is geweest: ‘Misschien is het wel de laatste degradatie, want hoewel de gesprekken over een fusie met Roda JC en MVV in een impasse verkeren, behoort een samengaan van de clubs uit Zuid-Limburg nog altijd tot de mogelijkheden. Laatst gehoorde optie: Fortuna wordt een satellietclub van Roda. MVV doet in ieder geval niet mee.’

Bijna emotieloos tikte ik het artikel. Ik klapte de laptop dicht, keek om me heen en zag mooie, huilende meisjes van 18 schudden van verdriet in het inmiddels bijna verlaten stadion, terwijl een langzame versie van U2’s Stuck in a moment with you troost bracht.

Van afstand was de liefde bekoeld. Dat kwam door de afstand en door de onafhankelijkheid die de verslaggever moet betrachten, maar vooral door wanbeleid. Als ik schreef over een directeur die zei dat de begroting in het nieuwe stadion naar 10 miljoen euro zou gaan (het is geen 2 miljoen nu), dan dacht ik: het zal wel, luchtfietser.

Ik las over salarissen van 3 ton, over de gemeente die moe was om Fortuna te redden, over bedreigingen jegens goed bedoelende mensen die het woord fusie in de mond namen. Ik bezocht in 2005 een gemeenteraadsvergadering die Fortuna overeind hield, terwijl fans buiten een dreigende houding aannamen.

Fortuna heeft de laatste jaren alles gedaan om zichzelf te redden. Bij Fortuna verdienen profvoetballers weer kleine salarissen. Fortuna trok vorige week weer zevenduizend toeschouwers toen het de periodetitel kon winnen. Vrijwel zeker is het te laat allemaal. De moderne tijd snijdt Fortuna weg uit de wereld van het betaald voetbal.

Alleen herinneringen blijven.

Ik verlaat het stadion na een eclatante 5-1 tegen Heerenveen (waar gebeurd, in 1981). In het schijnsel van de lichtmasten staat de Opel Kadett van mijn vader. Onder de lampen van Fortuna leest hij de zaterdagkrant.

En daarom, nog één keer, nu het nog kan, uit volle borst:

Nao veure Fortuna, Fortuna laot gaon

Waat kan òs gebeure, veer zeen neit te sjloan

Mit èllef man aan 'm, dat is òs idee

Nao veure Fortuna, Fortuna olee.

Nao veure Fortuna, Fortuna olee.(Wij zongen trouwens SC in plaats van olee. Dat heeft met al die fusies te maken).

Een van de plakboeken van Willem Vissers. (de Volkskrant)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden