AnalyseTom Dumoulin

Wat bezielde Tom Dumoulin in de achtste etappe? Drie mogelijke verklaringen

Tom Dumoulin daalt in zijn eentje af nadat hij heeft moeten lossen na een onbegrijpelijke actie door op kop te gaan rijden in de beklimming.Beeld Klaas Jan van der Weij

Na acht etappes gooit Tom Dumoulin in de Tour de France de handdoek in de ring. De hoop op het geel in Parijs is vervlogen. ‘Het gaat gewoon niet meer lukken’, laat hij zaterdagavond, enkele uren na de finish in Loudenvielle via zijn ploeg Jumbo-Visma weten. 

Zondag, aan het vertrek in Pau voor de tweede zware rit door de Pyreneeën, neemt hij geduldig de tijd voor de cameraploegen: ‘Het is duidelijk dat ik iets te kort kom.’

Zo kwam het inzicht tot stand. Op de Port de Balès, zaterdag de voorlaatste col, raakt hij op twee kilometer voor de top wat op achterstand in de groep met favorieten, onder wie ploeggenoot Primoz Roglic. Op hangen en wurgen klampt hij aan. Dan neemt hij zelf een later veelbesproken beslissing: tijdens de beklimming van de Col de Peyresourde sleurt hij gedurende enige tijd onbarmhartig aan kop. Hij rijdt zich volledig leeg.

Beneden in de vallei wordt de balans opgemaakt: Dumoulin, samen met Roglic kopman van Jumbo-Visma, duikelt tien plaatsen naar beneden en staat 15de in het klassement, op 2.20 minuten van de gele trui. Bij de teambus volgt minutenlang overleg met sportief directeur Merijn Zeeman. Zondag, in de rit naar Laruns, nu in functie als meesterknecht, schuift hij weer een plaatsje omhoog, de achterstand groeit wel, tot 3.22 minuten.

Wat bezielde hem? Drie verklaringen.

Hij is tegenwoordig teamplayer

George Bennett en Robert Gesink prijzen na de achtste etappe unisono de opstelling van Dumoulin. Zo’n status, winnaar van de Giro d’Italia, tweede in de Tour de France van 2018, en je dan zo wegcijferen.

In Pau geeft hij zelf inzicht in zijn motieven. Ik rijd hier niet voor de BV Dumoulin, zegt hij, ik rijd voor de ploeg. Van het begin af aan is het behalen van het geel het ultieme doel geweest, met Roglic of met hem. Daar moest alles voor wijken. Daar heeft het team in de voorbereiding alles op afgestemd.

Nu is gebleken dat bij hem de gewenste vorm ontbreekt, stapt hij met alle liefde opzij en wilde hij zaterdag zijn loyaliteit laten zien – aan de ploeg en aan de buitenwacht. Mogelijk speelde mee dat hij zich bezwaard ging voelen. Het team had zich de hele week voor hem uitgesloofd en het begon te knagen dat hij in deze Tour waarschijnlijk nooit zou kunnen laten zien dat die diensten worden uitbetaald.

In de gretigheid zijn toewijding te etaleren, schoot de uitvoering tekort – hij geeft het zelf ruiterlijk toe. ‘Ik wilde alles geven, een versnelling met mijn laatste krachten. Dat was niet zo slim. Daardoor verloren we de controle. Daar baal ik van.’ Toen hij zich opzij zette, moest Roglic het in het vervolg in zijn eentje opknappen, door onder meer aanvallen van Tadej Pogacar en Nairo Quintana te pareren.

Ploegleider Frans Maassen vertelde zaterdagavond in De Avondetappe dat Dumoulin helemaal niet zo hard op kop had hoeven rijden. Dan was de schade misschien beperkt gebleven. ‘Hij had het niet hoeven doen en misschien niet moeten doen.’ Het tempo onderhouden en alleen reageren op aanvallen van de concurrentie had kunnen volstaan. In de volgwagen hadden ze volgens Maassen te laat in de gaten dat Dumoulin met zijn krachten aan het smijten was. ‘Het kwaad was al geschied.’

De teruggetreden kopman heeft zich ook voor de resterende etappes ten doel gesteld in dienst van Roglic te rijden, waarschijnlijk als de laatst overblijvende assistent in de zware bergritten. Maar, vertelt hij in Pau, hij is bepaald niet van plan zich in het klassement op twintig minuten te laten rijden. Noblesse oblige.

Hij is niet goed genoeg

‘Prima’, zei Dumoulin donderdag na de rit in de Cevennen als antwoord op de vraag hoe hij zich voelde. Daar liet hij het bij. Was dat al een signaal dat het niet helemaal goed zat? Doorgaans heeft hij meer zinnen paraat dan twee lettergrepen; als het draait om zelfanalyse kent de Maastrichtenaar in het peloton zijn gelijke niet.

Het goede gevoel ontbrak de hele week al, verklaart hij zondag. Het ging zelfs elke dag wat minder. Na de klim naar Orcières-Merlette op dinsdag gaf hij al aan dat de benen er niet waren. Hij was al blij geweest dat hij niks verloren had, toen in de slotfase de favorieten elkaar bestookten. Hij had maar net kunnen aanpikken.

De suggestie van ploegleider Maassen dat ‘hij veel beter is dan hij zelf denkt’, verwerpt hij, al valt op dat hij na twee keer diep in het rood te zijn gegaan uiteindelijk slechts 2.20 toegeeft op de winnaar – het duidt niet op een complete ineenstorting. ‘Als ik het beter had gekund, had ik het gedaan. Ik rijd acht, negen jaar. Dan weet ik heel goed of mijn benen wel of niet in orde zijn, wat ik wel of niet kan. Ja, ik ben heel goed, maar ik kom net even wat tekort. Ik zit niet als gegoten op mijn fiets.’ Hij is het wat beu als de denker van het peloton te worden neergezet. ‘Alsof ik mezelf naar de top kan denken.’

Misschien was het ook te veel gevraagd, absolute topvorm na 420 koersloze dagen als gevolg van een knieblessure, darmproblemen en het coronavirus. In de voorbereidende Tour de l’Ain en het Critérium du Dauphiné stak wisselvalligheid nog de kop op, maar volgens ploegleider Grischa Niermann was dat geen reden tot zorg. ‘Tom wordt elke dag beter’, verzekerde hij.

Dumoulin, zondag na de finish: ‘Het was beter dan gisteren.’

Hij is verlost van de druk

De verwachtingen voor zijn optreden in Frankrijk waren hooggespannen. Zijn overstap vorig jaar van Sunweb, de ploeg waarmee hij de grootste successen haalde, naar Jumbo-Visma, stond in het teken van dat ene grote doel: Tourwinst. Het team wilde het, hij wilde het, de sponsoren zouden niets liever zien.

Maar al bij de presentatie van het team, eind van dit jaar, bleek dat het toch niet zo eenduidig was. De ploeg trok met drie kopmannen naar Frankrijk, naast Roglic en Dumoulin was er ook plek voor Steven Kruijswijk, vorig jaar derde in de Tour. Van die drie, zei sportief directeur Merijn Zeeman toen al, heeft de Sloveen een streepje voor. Hij had net de Vuelta gewonnen.

Voor Dumoulin was het een verademing dat niet langer het volle gewicht van de ploeg op hem drukte, zoals bij Sunweb het geval was. Voorafgaand aan de Tour – Kruijswijk was uit de selectie verdwenen na een val in de Dauphiné - gaf hij aan dat er een bepaalde pikorde tussen de kopmannen moest bestaan en dat Roglic dan toch bovenaan hoorde. De Sloveen was feitelijk herhaaldelijk de sterkste gebleken.

Dekte hij zich daarmee alvast in? Misschien speelt onzekerheid hem toch parten. Het afgelopen jaar heeft hij zich herhaaldelijk afgevraagd of hij nog wielrenner wilde zijn. Met zijn omstreden kopbeurt in de Pyreneeën schakelde hij zichzelf uit in de ratrace die volgens hem de sport – die hem na veel nadenken wel degelijk zo lief is – ook kan zijn. Zo, nu is de rolverdeling tenminste duidelijk. Hij heeft voorlopig in de Tour de luwte gevonden, al zal die met zijn staat van dienst altijd betrekkelijk zijn.

Tadej Pogacar wint negende etappe Tour, Roglic verovert gele leiderstrui

Wat hem zaterdag in Loudenvielle niet lukte, speelde Primoz Roglic zondag in Laruns wel klaar: hij pakte de gele trui. Lees het wedstrijdverslag.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden