Wachten op de eerste zwarte nummer 1

Als Barack Obama gisteren voor het slapen gaan met een schuin oog naar sport heeft gekeken, zoals hij graag doet, is zijn blik wellicht blijven hangen bij de vierde ronde van de Australian Open.

Voor het eerst speelden twee donkere spelers uit de toptien tegen elkaar tijdens een Grand Slamtoernooi. De Fransman Jo-Wilfried Tsonga (zevende op de wereldranglijst) plaatste zich voor de kwartfinales door de Amerikaan James Blake (tiende) te verslaan in drie sets: 6-4, 6-4, 7-6.

Het unieke karakter van het duel kreeg nauwelijks aandacht, misschien omdat alle Grand Slamtoernooien al een zwarte kampioen hebben gehad. Arthur Ashe won de US Open (1968), de Australian Open (1970) en Wimbledon (1975). Yannick Noah was in 1983 de sterkste op Roland Garros. Maar Ashe en Noah waren eenlingen. Hun carrières overlapten slechts kortstondig.

Blake en Tsonga zijn in het tenniscircuit geen uitzonderingen meer. Sterker nog, het is denkbaar dat binnenkort drie gekleurde spelers in de toptien staan: de Fransman Gaël Monfils staat nu dertiende. Dat is zelfs ongekend in het tennis bij de vrouwen, waar Venus en Serena Williams een vervolg hebben gegeven aan het baanbrekende werk van vijfvoudig Grand Slamkampioene Althea Gibson, een halve eeuw geleden.

De 23-jarige Tsonga en de 22-jarige Monfils hebben de kans de laatste historische stap te zetten: een zwarte nummer 1 hebben de mannen nog niet gekend. Ashe stond eens tweede, Noah derde. De 29-jarige Blake bereikte de vierde plaats en is nu te oud voor de eerste plaats.

Ashe heeft de doorbraak van zwarte spelers twintig jaar geleden al voorspeld. Hij voorzag dat ze het tennis zouden domineren zoals destijds al het geval was in de atletiek, het basketbal en het honkbal. Volgens Ashe vereist tennis dezelfde atletische gaven als die sporten. De vraag was slechts wanneer donkere spelers de kans zouden krijgen uit te blinken.

Vooral Tsonga en Monfils, die maandag geblesseerd uitviel, beschikken over een opvallend atletisch talent. Het zijn lange, gespierde en spectaculaire spelers, die zich bij het publiek geliefd hebben gemaakt met wonderlijke capriolen en riskant krachtspel. Blake heeft een uitzonderlijk sterk gestel. Hij is de oudste speler in de toptien.

Blake, die Obama tijdens de verkiezingscampagne financieel heeft gesteund, heeft de top bereikt via het universitaire tennisteam van Harvard. Tsonga en Monfils zijn opgeklommen via het goed georganiseerde Franse tennissysteem. Daarin worden spelers beoordeeld op grond van hun verdiensten, en niet van hun huidskleur. Precies zoals president Obama het graag ziet.

‘Het Franse tennis is gedemocratiseerd’, zei Louis Borfiga, de voormalige hoofdcoach van het Franse jeugdtennis vijf jaar geleden in de Volkskrant. Tsonga en Monfils golden toen als de beste jeugdspelers van de wereld, samen de zwarte Amerikaan Donald Young. Die staat nu 133ste op de wereldranglijst. Hij is 19 jaar oud.

‘Wie talent heeft, kan in ons systeem doorbreken, ongeacht zijn huidskleur’, zei Borfiga destijds. Hij schreef de opkomst van gekleurde talenten tevens toe aan de populariteit van tennis bij de zwarte middenklasse. Omdat steeds meer kinderen spelen, wordt het opleidingssysteem gevoed met talent.

Blake en Monfils hebben geregeld hun bewondering uitgesproken voor Arthur Ashe en diens opvattingen over raciale gelijkheid. Tsonga, die vorig jaar in Melbourne de finale bereikte, lijkt minder geëngageerd.

Hoewel hij fysieke gelijkenis vertoont met Muhammad Ali, spreekt hij zich zelden uit over sociaal-maatschappelijke kwesties, zoals de bokser vroeger deed. Hij voelt zich wel betrokken bij Congo, het geboorteland van zijn vader. Zijn moeder is blank.

‘Ik hoop betrokken te raken bij de ontwikkeling van sport in Congo’, zei Tsonga vorig jaar. ‘Afrika is een goudmijn van sporttalent, al zal er door het gebrek aan banen en materiaal niet gauw een tenniskampioen vandaan komen. De atletische potentie is er zeker. Kijk maar naar het voetbal.’

Misschien ontwikkelt Tsonga nog uitgesproken sociaal-maatschappelijke opvattingen. Naarmate hij dichter bij de toppositie van de wereldranglijst komt, zal hij vaker op zijn huidskleur worden aangesproken. Maar het kan ook zijn dat hij het onderwerp achterhaald vindt. Als de zoon van een Afrikaanse vader president van Amerika kan worden, hoe uitzonderlijk is een donkere tennisser dan nog?

Dat standpunt zou de tennisser vermoedelijk de sympathie van Obama opleveren. Ook al is hij Fransman. En ook al staat de president bekend als een bewonderaar van James Blake.

Jo-Wilfried Tsonga (ANP)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden