Waarom slagen onderzoek naar misbruik in sport niet gegarandeerd is

Twee oud-politici en een voormalig rechter: ze begeven zich in opdracht van NOC*NSF op glad ijs. Het onderzoek naar seksueel misbruik in de sport gedurende de afgelopen decennia is belangrijk, het slagen ervan allesbehalve gegarandeerd.

Beeld Thinkstock

Woensdag maakte sportkoepel NOC*NSF bekend dat oud-minister Klaas de Vries leiding geeft aan de commissie die seksueel misbruik in de sport gaat onderzoeken. Hij wordt geflankeerd door voormalig staatssecretaris Clémence Ross-van Dorp en oud-rechter Egbert Myjer. Het doel: 'Een nader beeld krijgen van de aard en omvang van seksuele intimidatie en misbruik in de sport.'

Als dat het enige streven is van de commissie, slaat NOC*NSF de plank mis, waarschuwt Guido Klabbers, voorzitter van de Koepel Landelijk Overleg Kerkelijk Kindermisbruik (KLOKK). 'Mensen die zich melden, moeten ook geholpen worden met hun geestelijk en sociaal herstel. Dat gebeurde bij het onderzoek naar misbruik in de kerk eerst niet. Ik hoop dat de De Vries nadenkt over nazorg.'

Met zijn waarschuwing raakt Klabbers een gevoelig punt. Het verleden leert dat mensen die seksueel misbruik onderzoeken, balanceren op een dun koord tussen waarheidsvinding en hulpverlening. Slachtoffers die hun angst en schaamte overwinnen en melding doen, openen vaak een laatje in hun hoofd, zeggen hulpverleners. 'De onderzoekers zijn verantwoordelijk voor wat ze bij mensen oproepen', vindt Klabbers.

Slachtofferhulp

Volgens ingewijden heeft de commissie De Vries van NOC*NSF de vrijheid gekregen zelf te bepalen in hoeverre hulpverlening aan slachtoffers onderdeel wordt van het onderzoek. Vooralsnog is dat niet aan de orde, blijkt op hun website. 'De commissie is niet in staat om slachtoffers bij te staan', staat daar. Slachtoffers worden doorverwezen naar Slachtofferhulp.

Het is mogelijk dat die benadering verandert, indien de commissie in een later stadium een meldpunt opricht. De Vries kan daarbij leren van de commissie-Deetman, die grootschalig misbruik bij de katholieke kerk heeft onderzocht. Die commissie stelde ook een meldpunt in waar slachtoffers terecht konden met hun verhaal, maar dat kwam onder vuur te liggen omdat slachtoffers de benadering als te juridisch beschouwden.

Doordat het misbruik vaak in een ver verleden plaatshad en slachtoffers het hadden verdrongen, bleken feitelijke details, zoals datum, locatie of naam van de dader lang niet altijd te achterhalen. Dat bemoeilijkte de waarheidsvinding en gaf slachtoffers het gevoel dat ze zich moesten verdedigen.

Oproep

Heeft u informatie over misbruik of intimidatie in de Nederlandse sportwereld, of wilt u uw verhaal kwijt, dan kunt u contact opnemen met de auteurs via onderzoek@volkskrant.nl of 06-85140840. Wij publiceren niets zonder uw toestemming.

Waarheidsvinding

Toch gaat het om waarheidsvinding, om de feiten, zegt Wim Deetman, die het onderzoek naar de katholieke kerk leidde. Volgens hem is het een risico dat onderzoekers de zaken te emotioneel benaderen en daardoor worden beïnvloed in hun conclusies.

'Maar mensen moeten niet het idee krijgen dat ze voor een tribunaal worden gezet, dat ze hun misbruikervaring moeten bewijzen', zegt Klabbers. 'Degenen die gesprekken met slachtoffers voeren, moeten geen wantrouwen uitstralen, maar oprechte belangstelling in hun verhaal. Anders kan het een traumatiserende werking hebben.'

Raymond Lelkens is een van de slachtoffers van de katholieke kerk. Hij kijkt met gemengde gevoelens terug op het meldpunt, dat door de commissie-Deetman werd ingesteld. Slachtoffers kwamen tegenover advocaten van de kerk te staan, die probeerden hun verhalen onderuit te halen.

'Op tientallen punten werden de getuigenissen door die advocaten aangevallen', zeg Lelkens. 'Zo vertelde een slachtoffer dat hij was misbruikt op een stoel, maar de advocaat beweerde veertig jaar na dato dat dit onzin was, omdat er in die kamer nooit een stoel zou hebben gestaan. Een andere man zei dat hij als jongetje een broeder oraal moest bevredigen in een biechthokje, waarop de kerk beweerde dat dit onmogelijk was omdat dat hokje daar veel te klein voor zou zijn. Je moet je voorstellen wat dat met slachtoffers doet.'

Ander traject

Lelkens doorliep op eigen verzoek een ander traject, nadat hij zich had verenigd met andere slachtoffers. Met hulp van mediators ging hij het gesprek aan met vertegenwoordigers van de kerk. 'De overste was oprecht geschokt.' Uiteindelijk werd hij financieel gecompenseerd.

'Los van de eventuele financiële compensatie waren die bemiddelingsgesprekken van groot belang', zegt therapeut Liesbeth Stam, die veel gesprekken begeleidde. 'Je kunt erkenning krijgen en dat is voor veel slachtoffers het allerbelangrijkst. Dat zal in de sport niet anders zijn.'

Een van de manieren om slachtoffers tegemoet te komen, is het gebruik van oral history, een wetenschappelijke methode om historische informatie over traumatische gebeurtenissen te achterhalen. 'Op die manier kun je de impact van misbruik goed laten zien', zegt hoogleraar Selma Leydesdorff. 'Door slachtoffers zeer uitgebreid aan het woord te laten, schets je een indringend beeld waar niet lichtvaardig mee omgegaan kan worden.'

Advocaat Leo Klijn, gespecialiseerd in seksueel misbruik: 'Als je dit onderzoek goed aanpakt, stelt het mensen in staat de zwarte bladzijde om te slaan. Dan kun je als commissie echt wat betekenen.'

Lees meer

Vier slachtoffers over misbruik in de sport
De intense band tussen pupil en coach en het vaak grote vertrouwen van ouders in begeleiders maken dat veel slachtoffers van seksueel misbruik in de sport hun leven lang zwijgen. Vier van hen doen nu hun verhaal. 'Het taboe moet worden doorbroken.' (+)

Deze hoogleraar onderzoekt misbruik in de sport
De zaak rond seksueel misbruik die hoogleraar Sport en Recht Marjan Olfers (47) onlangs op haar bord kreeg, is er een die ze niet snel zal vergeten. Het begint met een telefoontje van het clubbestuur, dat net is afgezet vanwege de affaire. (+)

Verplichten tot melden seksueel misbruik
Bestuurders van sportclubs moeten worden verplicht om seksueel misbruik te melden. Door deze meldingen te koppelen, kunnen daders niet langer van club naar club hoppen. Daarvoor pleiten hoogleraar sport en recht Marjan Olfers en bestuurder van het Instituut voor Sportrechtspraak (ISR) Peter Vogelzang.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden