Voortdurende zoektocht naar totale controle

Pech achtervolgde de Nederlandse turnploeg in de voorbereiding op de WK die vandaag beginnen in Aarhus. Toch denken de coaches Gerard Speerstra en Bram van Bokhoven dat de mannen er net op tijd klaar voor zijn....

Een bonte stoet auto’s arriveert bij het trainingskamp van de Nederlandse turnploeg in België. Slechts de olympische Volkswagen van Yuri van Gelder zou in Ieper herkend kunnen worden als een vehikel, waarin Nederlandse topsporters zich vervoeren.

Ook de kleding is verre van uniform. Gerard Speerstra is bondscoach bij de mannen, en tevens importeur van het Franse kledingmerk Moreau. Dat sponsort de Nederlandse gymnastiekunie, de KNGU. Speerstra maalt niet om het gebrek aan uniformiteit.

Waar andere Nederlandse sportploegen uit de mondiale top het oranjeblauw van het nationaal olympisch comité NOC*NSF en kledingfabrikant Asics dragen, is die combinatie bij de turners voorgeschreven noch beschikbaar. ‘Simpel. We zijn nog niet geplaatst voor de Olympische Spelen van Peking. De zwemmers wel’, zegt Speerstra.

Waar het gebrek aan kledingvoorschriften op een losse aanpak duidt, is de werkelijkheid bepaald anders. ‘We trainen in Ieper, omdat hier een splinternieuwe zaal beschikbaar is met Gymnova-turntoestellen, dezelfde apparaten die bij de WK in Aarhus worden gebruikt. Gymnova hebben we nergens in Nederland’, aldus de bondscoach.

Wie zich in het turnen behoorlijk wenst voor te bereiden op een groot toernooi, moet wennen aan de verschillende toestellen die in de handel zijn. Gymnova, een Frans merk, heeft een ander karakter dan Janssen & Fritsen (uit Nederland) of Spieth (Duitsland).

In Ieper wordt, tien dagen voor de wereldtitelstrijd in Denemarken, gewerkt aan de laatste finesses. Trainen is in topturnen trachten de totale controle over iets te krijgen. Speerstra: ‘In de training wordt op een niveau van 120 procent gewerkt, zodat je in de wedstrijd de onderdelen op 80 procent, bijna op ontspanning, kunt uitvoeren. Dat is nodig om de zeskamp bij de mannen tot een goed einde te brengen.’

Speerstra is in België tevens bezig de zaken over te dragen aan zijn collega Bram van Bokhoven. Die is in Aarhus eindverantwoordelijk. Bondscoach Speerstra blijft thuis. Zijn echtgenote moet bevallen en het vaderschap gaat voor.

Van de vier coaches aan tafel in Ieper is Van Bokhoven (28) de jongste, maar niemand betwist dat hij in Aarhus de hoofdcoach zal zijn. Hij heeft drie turners in de strijd in Denemarken: wereldkampioen Yuri van Gelder, Jeffrey Wammes en reserve Carlo van Minde.

Speerstra: ‘Bram heeft inmiddels de ervaring. Sinds de Europese kampioenschappen van 2002 is hij al met ons mee. Dan weet je het op een gegeven moment zelf wel.’

Van Bokhoven, in het dagelijkse leven clubcoach bij FlikFlak in Den Bosch, heeft een grote verantwoordelijkheid. Nederland moet dit weekeinde bij de beste 24 teams eindigen, om volgend jaar bij de olympische kwalificatie (de WK in Stuttgart) opnieuw aan de landenwedstrijd te mogen meedoen.

Van Bokhoven: ‘We waren bij het vorige landen-WK, in 2003, 36ste. Maar ik zeg: de beste 24 moet kunnen.’

Speerstra: ‘Ik heb een calculatie gemaakt vóór alle problemen met de mannenploeg ontstonden. Toen zette ik ons team op de 20ste plaats.’

Dat was toen. Het was half maart. Daarna begonnen de problemen. Bij een wereldbekerwedstrijd in Lyon brak Jeffrey Wammes, de bronzen medaillewinnaar van de EK 2005, beide voeten. Daarna moest Yuri van Gelder, de Europees- en wereldkampioen aan ringen, zich na een geruchtmakende breuk met zijn coach Remi Lens terugtrekken voor de Europese titelstrijd in Volos, begin mei.

En ten slotte kreeg de beste meerkamper van Nederland, Speerstra’s Friese pupil Epke Zonderland, een elleboogblessure, waardoor hij van zijn zes toestellen er één, het voltige op paard, moest laten vallen. De nummer elf van het vorige WK kan daarmee zijn grote verrichting van Melbourne niet eens herhalen.

De gymnastiekmannen aan de stamtafel in Ieper kijken elkaar nog eens aan. Zoveel pech zou niet moeten mogen.

Speerstra: ‘Het wordt nu een WK waarin het erom gaat hoeveel geluk wij als Nederlandse ploeg hebben. En hoeveel pech de twintig concurrenten voor die 24ste plaats krijgen. Tussen de nummers 15 en 35 zit weinig verschil.’

Er is deze zomer hard gewerkt om de fysieke schade te herstellen. Speerstra: ‘Yuri van Gelder had een burn-out. Daarom mocht hij niet naar dat EK in Volos. Die jongen heeft zo veel werk moeten verzetten na zijn wereldtitel in Melbourne. Op en buiten de turnvloer. Hij was helemaal opgebrand. Hij heeft wel aangegeven dat hij het rustiger aan wilde doen en vakantie wilde houden. Maar hij heeft er de tijd en de ruimte niet voor gehad.’

Van Bokhoven: ‘Yuri kwam bij mij toen we al in de voorbereiding op de EK zaten. Hij is toen met vakantie gestuurd. Hij zat mentaal en fysiek in een dip. Alle verhoudingen in zijn leven waren zoek. Arbeid en rust waren niet op elkaar afgestemd.’

Speerstra: ‘De medaille heeft twee kanten. Dat is gebleken.’

Van Bokhoven: ‘Yuri moet zelf aangeven als iets hem te veel wordt. Dat is de les van dit alles. Hij is nu eenmaal iemand die het heel lang volhoudt en niet snel opgeeft. Maar niemand heeft zich echt gerealiseerd wat het betekent wereldkampioen turnen te worden.’

Speerstra: ‘We weten voortaan dat we waakzaam moeten zijn.’

Bij het herstel van Jeffrey Wammes, ook onder leiding van Van Bokhoven, zijn wonderen tot stand gekomen. Van Bokhoven: ‘Natuurlijk had hij een heel goede chirurg die de zaak goed in mekaar heeft gezet. Maar het begint met Jef zelf. Hij heeft er heel hard aan gewerkt. Uitgeschakeld voor de WK? Hij heeft die snelle conclusie verworpen. En als Jef het in zijn kop heeft, dan gebeurt het ook.’

Coaches Van Bokhoven en Liu Ming begeleidden de turner bij zijn revalidatie. De Chinees spreekt gebrekkig Engels. Van Bokhoven: ‘Ook daarom heeft het me veel tijd gekost. Je kunt moeilijk tegen de bondsfysiotherapeut zeggen: bespreek het effe met Ming. Het taalprobleem, hè.’

De twee toppers van Nederland, Van Gelder en Wammes, zijn terug, kan vlak voor de WK worden vastgesteld. Toch lijkt het erop dat Nederland ten opzichte van het succesjaar 2005 serieus is teruggeworpen. ‘Met de resultaten van toen zouden we in 2007 twee olympische tickets hebben gescoord. Eén voor wereldkampioen Van Gelder, een voor meerkamper Zonderland’, zegt Speerstra.

Maar hij bestrijdt met zijn eigen logica de opvatting dat Nederland kort voor de eerste stap naar Peking bleekjes in het hansop steekt. ‘Wij zijn niet teruggeworpen. Wij hebben nog nooit in zo’n luxe positie verkeerd. Maar we hadden in een nog veel luxere positie kunnen zitten.’

In Melbourne, in november 2005, werd Nederland voor even een turnland. De turntrainers mijmeren nog wel eens over die geweldige dagen in Australië. De plakken van Van Gelder en Suzanne Harmes en de finales van Wammes (drie zelfs) en Zonderland zijn de tastbare herinneringen.

Speerstra: ‘Wat Melbourne heeft veranderd aan mijn leven? Nou, ik ben nog steeds een parttime trainer die fulltime functioneert en een zaak ernaast moet runnen om rond te komen.

‘Maar misschien dat het turnsucces iets heeft bijgedragen aan de Nederlandse sportcultuur, waardoor er in 2007 door de plannen van NOC*NSF en hun technisch directeur Charles van Commenée zomaar 75 betaalde functies voor topcoaches bijkomen. Wij hebben daaraan ons steentje bijgedragen.’

Van Bokhoven: ‘Wij bouwen bij FlikFlak in Den Bosch een nieuwe turnhal. Acht keer zo groot als deze Belgische zaal. Maar ook als Melbourne geen succes was geweest, was er gebouwd.

‘Wat wel een effect van het goud van Van Gelder is, is de toeloop. We hebben 1800 leden. Jongetjes in de zaal die hetzelfde willen als Yuri.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden