Voorheen Johnny Bosman

John Bosman, 35 jaar en sinds 1984 betaald voetballer. Wanneer hij heeft gescoord, is hij nog steeds dat jochie van weleer....

Bart Jungmann

ERGENS OP de weg van Brussel naar Enschede moet Johnny John zijn geworden. Ruim daarvoor, in die gedenkwaardige jaren tachtig bij Ajax onder de leiding van Johan Cruijff, was het nog gewoon Johnny. Trouwens, het geboorteregister van de gemeente Amstelveen kent hem ook alleen maar als zodanig.

'En volgens mij is het in België ook altijd Johnny geweest. Ik weet nog dat ze het met één n schreven: Johny, dat vond ik zo vreselijk om te lezen. Toch zullen ze daar begonnen zijn me John te noemen. Ik ben in België een ander mens geworden. Ik was pas 23 jaar toen ik naar Mechelen ging.'

Als we dat mislukte seizoen bij PSV even vergeten, keerde hij acht jaar later als John terug op de Nederlandse velden. Van een eenvoudige doelpuntenmachine bleek hij veranderd in een dragende speler en dragende spelers heten geen Johnny. Trouwens, hij neemt nu ook zelf de telefoon op 'met John'.

'Is dat zo?', vraagt hij verbaasd als we dinsdagavond in de bar van het Amsterdamse Novotel tegenover elkaar zitten. 'Dan zal kleine Johnny wel een grote jongen zijn geworden.'

De 35 jaren zijn John Bosman niet aan te zien. Het hoofdhaar wil van geen wijken weten en zijn gezicht ziet er ook nog gaaf uit. 'Nou, ik krijg wel wat lachrimpeltjes', zegt hij zelf, maar moet erg zijn best doen om ze te tonen.

John Bosman lacht graag, ook als hij gescoord heeft. Dat klinkt misschien raar, want een mooier moment kan een voetballer niet beleven. Maar hij heeft gemerkt dat het bij latere generaties niet gebruikelijk is.

'Ik vind dat raar. Alsof een doelpunt de gewoonste zaak van de wereld is. Soms zie ik Van Nistelrooij juichen na een doelpunt en dan denk ik: is-ie wel blij? Hij kan dan zo boos kijken. Ik moet altijd lachen als ik gescoord heb. Dan voel ik me weer net een jongen.

'Ik juich ook met twee armen in de lucht, heel ouderwets. Behalve als het een hele mooie is, dan maak ik zo'n sprongetje. Dat deed ik al toen ik achttien was. Tegenwoordig is het allemaal zo bedacht. Zwaaien met een vingertje of zo. Dan denk ik wel eens: de jeugd

is veranderd.'

Dat Cruijff-achtige sprongetje maakte John Bosman anderhalve week geleden ook na zijn tweede doelpunt voor zijn nieuwe werkgever AZ in de competitiewedstrijd tegen Sparta. Het was een klassiek Bosman-doelpunt. Hoog opgesprongen en keihard met het voorhoofd ingeknikt. 'Hard was-ie, hè. Heerlijk gevoel, man. Zo'n kopbal die er in kletst, dat zijn toch de mooiste.'

Er zal op dit moment in de eredivisie geen speler rondlopen, die er zoveel op zijn naam heeft staan als John Bosman. In zeventien jaar competitievoetbal vlogen er 230 in. Dertig interlands leverden 17 doelpunten op.

(Daarbij is ook de recordscore van vijf treffers opgeteld in de later geschrapte interland tegen Cyprus dertien jaar geleden. Wegens een vuurwerkbom moest die wedstrijd worden overgespeeld, maar hij staat nog wel in de boeken. 'Ik tel hem in elk geval mee.')

Met nationaal en internationaal bekervoetbal meegerekend denkt John Bosman op een score van ruim 350 doelpunten treffers te staan. 'Ik houd het een beetje bij, want ik hoop te eindigen met een gemiddelde van één doelpunt op twee wedstrijden. Ik lig nu mooi op schema. Ik mag er zelfs al een paar laten lopen.'

Vreemd genoeg is Bosman nog nooit een competitie geëindigd als topscorer. In zijn eerste seizoen bij FC Twente zat hij er dichtbij met twintig doelpunten. PSV'er Luc Nilis maakte er slechts eentje meer. 'En ik heb toen twee penalty's laten lopen. Nadat ik er één had gemist, nam Jan van Halst ze.'

Het typeert Bosman. 'Een ander had die bal gewoon ingepikt. Ik denk op zo'n moment toch vooral aan het teambelang.'

JOHNNY Bosman maakte in 1984 zijn debuut in het eerste van Ajax. Onder Johan Cruijff, die een jaar later aantrad, kwam zijn productie op gang. Cruijff koppelde Bassie aan Bossie, een ijzersterke combinatie. Marco van Basten was de spits op wie aller aandacht was gericht, Johnny Bosman moest als schaduwspits gebruik maken van de ruimte. 'Ik mocht niet meevoetballen.'

Het was een harde leerschool. Hij kon in een wedstrijd acht keer scoren en dan nog begon Cruijff te klagen over een gemiste kans. 'Af en toe werd ik er verdrietig van.'

De dromerige Bosman kreeg voortdurend te horen dat hij negentig minuten lang paraat moest zijn. Attent en scherp, hij kon het op het laatst niet meer horen.

Lachend herinnert Bosman zich nu een grap van ploeggenoot Frank Rijkaard in die periode. Bosman toonde een actiefoto van hem, maar Rijkaard zei slechts: mooie foto, maar niet scherp.

Achteraf gezien is hij alleen maar wijzer van Johan Cruijff geworden. 'Ik moet nog vaak aan hem denken, zelfs tijdens een wedstrijd. Hoe je een medespeler op z'n goede been moet aanspelen om de vaart in het spel te houden. Dat werd er echt ingeramd. Ik heb ook van Cruijff geleerd wat het is om prof te zijn, dat het je werk is. Broodvoetballer is geen vies woord. Ik bedoel, het is wel betaald voetbal wat we spelen.'

De vraag wat van hem was geworden als hij Cruijff niet zo vroeg in zijn loopbaan was tegengekomen, laat Bosman liever onbeantwoord. 'Je moet het uiteindelijk zelf doen. En ik ben er niet aan onderdoor gegaan, dat is toch ook een verdienste geweest. Alleen had ik wel steeds het gevoel: ik kan meer. Van Cruijff moest ik er alleen maar staan als de voorzetten kwamen. Dat stak me. Daarom is het ook goed dat ik naar België ben gegaan.'

Het werd KV Mechelen, een eerste stap richting zuiden die hem uiteindelijk naar Italië moest voeren. Dat was in die tijd het bijna vanzelfsprekende walhalla voor Nederlandse topvoetballers.

In die periode bij Mechelen leerde Bosman d

at ook andere speelstijlen vruchtbaar kunnen zijn. 'Ik was bij Ajax gewend om de tegenstander op eigen helft vast te zetten. Dat deed ik daar ook, maar toen ik omkeek, zag ik verder niemand. En toch hadden we destijds veel succes met Mechelen.'

In 1990 trok Johnny Bosman toch weer noordwaarts om bij PSV aan de slag te gaan. 'Op zich was ik best klaar voor een Italiaans avontuur, maar op zo'n moment kies ik dan kennelijk toch weer voor een beetje zekerheid.'

Het werd een rampzalig seizoen, zo'n seizoen dat volgens hem iedere voetballer in zijn loopbaan wel eens beleeft. Niets lukte meer. Zelfs de timing, zijn sterkste punt, was totaal ontregeld. Hij werd omringd door fantastische voetballers, maar ze vormden met z'n allen geen elftal. 'En daar voel ik me nooit prettig bij.'

Bosman stond destijds te boek als een twijfelaar, als gevoelig. Boven menig artikel over hem stond in die tijd de kop Johnny be good. Maar Johnny wilde te graag goed zijn. Hij kon zichzelf lelijk voorbij hollen.

Dat is indirect ook een van de redenen geweest om na de vijf daaropvolgende seizoenen bij Anderlecht terug te keren naar de Nederlandse competitie. 'Ik wilde graag laten zien dat ik mentaal sterker was geworden in België.' Het enthousiasme waarmee FC Twente hem wilde inlijven, lokte hem naar Enschede.

Natuurlijk was het leuker geweest om de herfst van zijn carrière bij Ajax, Feyenoord of PSV te beleven, maar die toonden geen van alle interesse. Feyenoord dong na het eerste Twente-jaar nog wel naar z'n diensten en achteraf heeft hij gehoord dat zijn naam wel is gevallen bij Ajax.

'Ze kozen voor Gabrich, die Argentijn. Maar Gerard van der Lem (destijds assistent van Van Gaal, nu trainer van AZ) zegt nu nog: we hadden jou moeten nemen. Ik heb dat ook nooit begrepen. Een Nederlandse spits, eentje die het Ajax-systeem kent, pas 31 jaar en nog goed te gebruiken.

'Ik was al lang niet meer de speler die was weggegaan bij Ajax. In de rol van Pettersson zou ik prima gepast hebben in het elftal. Ik was ook wel ben

ieuwd geweest hoe ik nu had gefunctioneerd bij Ajax.'

Maar misschien is het juist wel goed zo. 'Het is ook wel eens lekker om niet onder druk te hoeven voetballen. Als ik nu zie hoe het bij Ajax gaat, ben ik eigenlijk wel blij dat me dat bespaard blijft. Bij Twente kon je gerust een paar keer verliezen en bij AZ zit ik wat dat betreft helemaal fantastisch. Daar is nog minder druk.'

Voetbal is weer leuk geworden door de wijze waarop het in Nederland wordt beoefend. 'De bekende clichés, hè: aanvallend, achterin één op één. Zelfs de kleinste ploegen doen het zo. Dat was ik in België helemaal ontwend. Daar had je er altijd eentje negentig minuten in je nek hangen. Wat dat betreft was ik echt blij dat ik daar weg kon.'

Het niveau is wel minder geworden in de eredivisie. 'Vooral de zwakke clubs als Den Bosch, Cambuur en De Graafschap, zijn een stuk zwakker geworden. De vrijheid die je tegen die clubs krijgt, dat mag eigenlijk niet. Enfin, je ziet ook aan de Europese resultaten dat Nederland niet meer toonaangevend is.'

Maar dat de top en de subtop naar elkaar toe zijn gegroeid, is toch ook de verdienste van de laatste categorie. 'Clubs als Vitesse, Heerenveen, maar ook Twente en AZ zijn zeker beter geworden in vergelijking met tien jaar geleden. Dat komt door het Bosman-arrest, denk ik. Daardoor kiest een jongen als Dennis de Nooijer toch voor Heerenveen, terwijl een goede speler uit de topdrie na twee goede jaren zo naar het buitenland kan.'

ZIJN EERSTE jaar in Twente, waarin hij dus ook bijna topscorer werd, leverde hem nog twee interlands (één treffer vanzelfsprekend) op. 'Dat was echt een genoegdoening. Er werd toch een beetje sceptisch tegen me aangekeken. Hier en daar was ik al afgeschreven, al 31 jaar en dan een beetje afbouwen bij Twente.'

Maar John Bosman draagt de korte broek nog altijd met ere. In de wedstrijd tegen Sparta loopt hij niet alleen aanwijzingen te geven, maar gaat ook voor in de strijd en is niet te beroerd om zijn verdediging een handje toe te steken. 'Die avond ging het ook wel heel lekker, hoor.'

Eerlijk gezegd moest hij zich dit seizoen al te vaak in de loop van de tweede helft laten wisselen wegens lichamelijk ongemakjes zoals donderdag in het bekerduel tegen Willem II. Ernstige blessures zijn hem bespaard gebleven, maar het altijd zo zorgvuldig onderhouden lijf begint te haperen. 'Kleine pijntjes, stijfheid en langer nodig voor herstel. Vroeger kon ik een dag na de wedstrijd gerust een partijtje spelen. Nu kom ik echt niet verder dan wat loslopen.'

Maar zolang het nog leuk is, hij fit genoeg is en dus zijn waarde voor het team heeft, gaat John Bosman door. In principe loopt zijn contract aan het eind van het volgend seizoen af, waarna een plek in de trainersstaf van AZ vacant is. 'Maar misschien plak ik er nog een jaartje aan vast. De jongens maken er al grappen over: Bosman, ga nou niet door tot je 39ste. Straks loop je hier nog rond voor tien minuten voetbal in de eerste helft.'

Hij kwam in Alkmaar terecht na twee mindere seizoenen bij Twente. De doelpuntenproductie stokte doordat toenmalig trainer Meyer was overgeschakeld op een tweespitsensysteem. 'Maar ik moet in de zestien zijn. Voorzetjes vanaf de zijkant, dat is kasie voor mij.'

AZ is een gelukkige keuze gebleken. Met elf treffers ligt hij weer op het vertrouwde schema van een uit twee en in Van der Lem heeft Bosman de ideale trainer gevonden. 'Ik houd niet van die aanstellers, daar prik je zo doorheen. Geef mij maar een type als Van der Lem of Bo

skamp. Kopje koffie, sigaartje, beetje ouwehoeren over voetbal en na afloop een pilsje drinken. Dat zijn dingen die bij het voetbal horen.'

Sterker nog, dat is de basis van het voetbal. 'Je moet er plezier in hebben. Zeker nu er zoveel randvoorwaarden bij zijn gekomen. Voetbal is een bedrijf geworden en iedereen gaat daarin mee, AZ ook. Maar aan de basis, aan het clubgevoel moeten ze niet komen. Je moet altijd het gevoel houden samen iets te presteren.'

De verhuizing naar AZ bood bovenal de mogelijkheid weer naar het westen terug te keren. John Bosman is met zijn gezin weer neergestreken in Bovenkerk, zijn geboortedorp. 'Ik had mijn vrouw beloofd dat we de cirkel zouden rondmaken na vijftien jaar. Dat is nu al gelukt. We zijn weliswaar nooit ver weg geweest, maar dat is niet erg. Ik heb een mooie loopbaan gehad en een lekker leven waarin ik mezelf kon zijn.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden