Voor Rob Kwaijtaal zijn de lessen die zijn zoon leert als rugbyer belangrijker dan zijn sportieve prestaties

Tieners en ouders: Pieter-Bas Kwaijtaal (17), rugby

Pieter-Bas Kwaijtaal (17) lijkt geboren voor rugby: hij is 1 meter 92 lang, 100 kilo zwaar. Hij speelt in het Nederlands team onder 18 jaar als 'tweede-rijer', een positie voor de langste en krachtigste spelers uit de ploeg. Tot en met 31 maart doet hij met Nederland mee aan het EK in de Poolse stad Poznan.

Pieter-Bas Kwaijtaal, speler van het Nederlands Rugbyteam onder 18 met zijn vader Rob.F Beeld Klaas Jan van der Weij

Pieter-Bas, geboren in Heerlen, kwam in Indonesië in aanraking met rugby. Vader Rob was daar werkzaam voor Heineken, en in het weekend werd met andere vaders en zonen tikrugby gespeeld. Eenmaal thuis in Nederland werd het spel serieus opgepakt.

Dat Pieter-Bas talent had voor rugby was al snel duidelijk. Op zijn dertiende trainde hij al bij de regionale selectie. Maar hij was een opstandige puber. Hij was vooral aan het klieren, luisterde naar niemand. Zijn trainer had hij er op een gegeven moment zo genoeg van dat hij voor een half jaar werd verbannen van het trainingsveld.

Vader Kwaijtaal gaf de jeugdtrainer gelijk. ‘Pieter-Bas had misschien wel talent, maar zijn houding hoorde niet bij een topsporter. Ik dacht: stuur hem maar een half jaar weg, dat zou wel eens kunnen helpen.’ Pieter-Bas kan zijn moeilijke gedrag niet precies verklaren, maar door de verbanning werd hij wakker geschud.

Toen hij weer mocht spelen werd hij twee keer achter elkaar uitgeroepen tot beste speler van de jeugdopleiding van The Dukes, zijn rugbyclub uit Den Bosch. Bovendien ging hij als enige uit zijn klas naar een speciale middelbare school voor kinderen met topsportambities.

Bij een mentorgesprek sprak hij in het bijzijn van zijn vader uit dat hij in het Nederlands team wilde spelen. Zijn vader: ‘Ik wist niet wat ik hoorde, een kind van 14 dat zulke ambities heeft. Een jaar eerder was hij nog door de trainer weggestuurd.’

Scouts

Nu ambieert Pieter-Bas een carrière in het buitenland, want alleen in Engeland of Frankrijk kan hij professioneel rugbyer worden. Hij hoopt dat de buitenlandse scouts hem bij de EK in Polen zullen opmerken. ‘Het is een grote stap, maar daar zal ik me overheen moeten zetten.’ Over die beslissende momenten spreekt hij met zijn vader. ‘Ik probeer hem te helpen die keuzes te maken en ook de implicaties van die keuzes te laten doorzien.’

Vader Kwaijtaal is niet de fanatiekste van de rugbyouders. Hij staat niet schreeuwend langs de lijn en hij kan eerlijk gezegd ook niet treuren om een verliespartij van zijn zoon, zoals zondag toen Pieter-Bas met de Nederlandse jeugdploeg met 69-12 van Georgië verloor.

De sportieve prestaties van zijn zoon noemt hij ‘mooie bijvangst’. ‘Voor mij zijn de lessen die hij leert als rugbyer en het leven als topsporter veel belangrijker. Een rugbyer gaat niet in discussie met de scheidsrechter en er is altijd respect voor de tegenstander.  Bovendien maakt hij op zo’n jonge leeftijd al zulke successen mee. Hij speelt in het Nederlands team en gaat met oranje naar een EK. Dat doet iets met het zelfvertrouwen van kind.’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.