Voor Pieters is de cirkel na tien jaar helemaal rond

Aan de vooravond van zijn elfde WK op de wielerbaan kwamen voor Peter Pieters de lijnen uit zijn carrière als bondscoach samen....

Schep behoorde in 1999 tot de groep renners die Pieters meenam naar Berlijn, bij zijn eerste WK als bondscoach. Een poging de renner over te halen het vliegtuig te pakken naar het Poolse Pruszkow, liet de bondscoach achterwege.

Pieters wist aan welke gevaren hij de routinier zou blootstellen. ‘Ik zei: als je een jonge jongen was, had je het van mij mogen proberen. Maar als je met jouw staat van dienst vijfde wordt, maakt iedereen je daar af.’

De telefonische mededeling van de eerste Nederlandse wereldkampioen puntenkoers, drie jaar geleden in Bordeaux, emotioneerde Pieters. Met de laatst overgebleven renner uit het beginjaar van zijn bondscoachschap had hij zijn carrière in dienst van de wielerunie KNWU willen afsluiten.

Het laatste WK van Pieters, die als vader van debutanten Roy en Amy en wellicht in dienst van een ander land, voor de sport behouden blijft, betekent het eerste voor een achttal renners. Voor hem voelt het alsof in Polen de cirkel van zijn leven rond komt.

Pieters eindigt waarmee hij in 1999 begon: met de inbreng van jonge talenten. Na een lange periode van voortborduren op successen met dezelfde groep renners, dient zich volgens hem net op tijd een gelegenheid aan debutanten met de omstandigheden van een WK te laten kennismaken.

Het afscheid van Robert Slippens, de overstap van Theo Bos naar de weg en de afwezigheid van Schep creëren ruimte voor een groep die er volgens Pieters ‘lang tussen heeft gehangen’. Het doet hem plezier dat hij hun debuut nog net mag meemaken.

Uit opleiden heeft de Zwanenburger altijd de meeste voldoening gehaald tijdens zijn bondscoachschap. ‘Het is het mooiste dat er is: jongens en meiden uit de jeugd pikken en dan kijken wat er uitkomt. Binnen drie jaar kan zo iemand wereldtop zijn.’ Kan, want er zijn genoeg voorbeelden van renners die de top nooit haalden.

Op verschillende manieren poogt Pieters ze op hun debuut voor te bereiden. ‘Ik probeer ze vooral niet te hoog in te schatten, want dan worden ze alleen maar op grote ambities afgerekend. We zijn geen Amerikanen die allemaal denken dat ze wereldkampioen worden. Maar soms moet je juist iemand hoger inschatten, om hem van zijn twijfels af te helpen.’

De verjonging van zijn selectie leidt ertoe dat de verwachtingen voor het aantal medailles op het BGZ Arena-velodrome fors zijn bijgesteld Zonder Bos en Marianne Vos denkt Pieters met drie of vier medailles huiswaarts te keren. De rest van zijn renners mag volgens hem al tevreden zijn met een klassering in de topacht.

Als de voorspelling van Pieters uitkomt, zoals de afgelopen keren meestal het geval was, wordt de oogst van vorig jaar (Manchester) gehalveerd. Het is een ingecalculeerde neergang.

‘Na de Spelen van Peking wist ik dat we radicaal zouden verjongen. Maar het is een breuk met het verleden. Alleen bij het eerste WK keken we nog naar een plaats bij de topvijftien. Daarna kwamen de Spelen van Sydney en werd altijd wel iemand wereldkampioen.’

Teun Mulder en Ellen van Dijk hopen hun titels op de kilometertijdrit en de scratch te verlengen. Behalve Stroetinga maakt Tim Veldt kans op een medaille. Zijn eerste deelname aan het omnium, een gecombineerd klassement van vijf duur- en sprintonderdelen, past in de fase waarin het baanwielrennen zich bevindt.

In het na-olympisch jaar wordt door alle landen naar hartelust geëxperimenteerd. Renners wijken af van hun gangbare trainingsmethoden of proberen andere onderdelen uit om te kijken of ze in Londen kansrijk zullen zijn voor meer olympisch succes.

‘Dit is de tijd om je grenzen te verleggen’, zegt Ellen van Dijk, die er voor het eerst al een half wegseizoen bij Columbia op heeft zitten voordat ze woensdag aan de individuele achtervolging begint. ‘Nu kan het zonder dat het grote gevolgen hoeft te hebben’, aldus Veldt.

De Britten gokken niet alleen op een verjongde ploeg door de blessure van Chris Hoy, de drievoudig kampioen van Peking. Volgens Pieters schuilt het gevaar bij dit WK vooral in de oppermacht van de Fransen. ‘We moeten oppassen dat ze bij de snelheidsonderdelen niet met alle medailles naar huis gaan’, zegt Pieters, die nog steeds niet weet wie hem na het WK opvolgt.

Hij vindt het een vreemde situatie. Maar erover nadenken is voor later. Pieters heeft eerst nog een missie te voltooien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden