Column Willem Vissers

Voor Messi ben ik zenuwachtig als ik hem in het echt mag zien. Elke keer kan de laatste keer zijn

In de diepte van stadion Bernabéu is Lionel Messi een mier met groene pootjes. Hij kruipt en versnelt. Hij geeft een paar onmogelijke ballen en buigt soms het hoofd als Dembélé weer een onnozele pass geeft. Hij ruziet met Ramos. Hij wandelt met een doel. Het is alsof hij schuift over een dansvloer, van rechts naar links, voorzichtig, speurend naar het meisje van zijn dansdromen. Dan volgt de toenadering, de combinatie.

Een grappige collega vroeg of ik voor Sergio Ramos naar Real Madrid – Barcelona ging. Nee, alsjeblieft zeg. Ramos, eminent verdediger, is ook een spelvervuiler. Altijd dat onsportieve. Nee, natuurlijk deed hij dat niet expres, die klap in het gezicht van de woedende Messi. Hoe kunnen we dat denken?

Voor Messi ben ik zenuwachtig als ik hem in het echt mag zien. Elke keer kan de laatste keer zijn. Zo onbeschrijfelijk goed. Maar inderdaad, zeggen critici dan, nooit wereldkampioen met zijn land, en dat gaat vermoedelijk ook niet lukken, want hij is al 31 jaar. Ja, dus?

Gelukkig is sport meer dan een wereldtitel. Hoeveel wereldtitels oogstte Nederland in de sport, alleen al dit jaar? Ik ben de tel al kwijt op 4 maart en vraag me in de met eremetaal geplaveide polder soms af of ze in het buitenland ook nog aan topsport doen. Het lijkt of sporten onderhand de essentiële bijdrage van Nederland is aan de mensheid. Van Schip, Wild, Pieters, Büchli, Hoogland, Lavreysen, Schippers, Blaak, het regende wereldtitels en andere ereplaatsen de afgelopen dagen.

Zaterdag bijvoorbeeld werden Kirsten Wild en Amy Pieters wereldkampioen tijdens de WK baanwielrennen, onderdeel madison. Wat is dat ook weer? Oh ja, koppelkoers. Allemaal geweldige sporters, die Nederlanders, maar ik zou afgezien van alle chauvinisme weleens willen weten wat het echt voorstelt, al die wereldtitels met soms petieterige deelnemersveldjes. De WK schaatsen voor allrounders zijn nog niet eens afgelopen als dit stukje op de redactie is, maar misschien is ook Patrick Roest al wereldkampioen als u dit leest.

Onlangs, bij de WK afstanden, kon je zomaar twee wereldtitels in de teamsprint hebben gemist als je even naar de keuken was. Deelnemer of acht. Ik gniffelde om al die verhalen in de Volkskrant over het schaatsen, over onze boterham-met-pindakaassporters. ‘We’ stonden vooraan bij het veroordelen van de Russen, hoe schandalig het was dat ze nog meededen met hun georganiseerde dopingcircus. Terwijl Hollands welvaren zelf astmamiddelen krijgt toegediend om luchtwegen verder te openen, zelfs als sporters helemaal geen patiënt zijn. En anders wenden ze zich wel tot het schildklierhormoon Thyrax, om snel af te vallen of zo.

Het mag officieel misschien geen doping heten, het oprekken van de grenzen is tot kunst verheven. Altijd grenzen oprekken, omdat de beste zijn de norm is. Al die wereldkampioenen; de jury mag straks dobbelen wie de Nederlandse sporters van het jaar zijn. Intussen kijk ik naar Messi, die zelfs op mindere dagen een paar bijna nooit vertoonde passes geeft, in een sport waaraan de hele wereld meedoet. En ik blijf kijken, zelfs als hij de enige blijft zonder wereldtitel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden