Nieuws

Voor het eerst eindigt het officieuze WK in een veilige sprint

De Belgische wielrenner Jasper Philipsen heeft woensdag de Scheldeprijs gewonnen. Voor en vlak na de finishlijn was het parcours niet afgezet met hekken op gevaarlijke, uitstekende pootjes, maar met de zogenoemde Race Barrier, dit om ernstige sprintersongelukken te voorkomen.

Jasper Philipsen. Beeld BELGA
Jasper Philipsen.Beeld BELGA

Eindigt ook de 109de editie van het officieuze WK voor sprinters in een sprint? Voordat het weerbericht deze woensdag meedogenloze omstandigheden beloofde, was het antwoord op die vraag zonder meer bevestigend geweest. Ja, de Scheldeprijs zal ook dit jaar eindigen met een massasprint op de Churchilllaan van Schoten, een voorstad van Antwerpen. Net als vorig jaar en het jaar daarvoor en daarvoor, enzovoort - vandaar die ‘WK-voor-sprinters’-bijnaam van de Scheldeprijs, ‘de oudste koers van België’ (1907), aldus de organisatie.

Alleen in 2005 liep het anders. Toen kwamen de Nederlandse Raborenner Thorwald Veneberg, tegenwoordig directeur van de wielerbond KNWU, en de Litouwer Tomas Vaitkus met z’n tweeën aan na een ontsnapping op 57 kilometer van de finish. Veneberg won onverwacht in helse, weersomstandigheden, vergelijkbaar met die van deze woensdag, 16 jaar later.

Misschien is ‘2005’ een voorteken. Het weer is woensdag zo slecht dat de gebruikelijke presentatie van de ploegen in startplaats Terneuzen, niet doorgaat. Kou, hagel en regen zullen de renners teisteren. En ook: harde wind. Gaat die het peloton uiteen slaan? En zo ja, zitten de favorieten, allen sprinters, dan nog wel in de voorste groep?

Hekken

Schoten, waar de renners drie keer een plaatselijke ronde van bijna 17 kilometer rijden, wat de Scheldeprijs ook het predicaat ‘veredeld criterium’ geeft, was op de gebruikelijke massasprint voorbereid. Net als in de vier vorige Vlaamse voorjaarskoersen in maart en april zijn de laatste circa 150 meter vóór en 50 meter ná de finish niet afgezet met stalen hekken op gevaarlijke, uitstekende pootjes, maar met de zogenoemde Race Barrier van de Belgische firma Boplan.

Het sprintersongeluk in Polen in augustus vorig jaar inspireerde de fietsgekke directie van dit bedrijf dat felgele afscheidingen, palen en stootkussens maakt om vorkheftrucks veilig door fabrieken en pakhuizen te loodsen. Vol afgrijzen had men bij Boplan gezien dat de Nederlandse sprinter Fabio Jakobsen in een gevecht met landgenoot Dylan Groenewegen met tachtig kilometer per uur in onoordeelkundig geplaatste hekken knalde met bijna fatale gevolgen.

Boplan bekleedde gevaarlijke verkeersborden al met stootkussens en bedacht metershoge ‘veiligheidstotems’ om bijvoorbeeld vluchtheuvels van ver zichtbaar te markeren. De gratis verstrekte Race Barrier moet herhaling van ‘Polen’ voorkomen. Het bestaat uit 1 meter 40 hoge, naadloos aan elkaar verbonden schokabsorberende kunststof delen zonder pootjes, die schuin naar achteren staan waardoor een onoplettende toeschouwer nooit een renner van zijn fiets kan slaan. Zou die op hoge snelheid in de ‘hekken’ worden gereden, dan valt hij of zij niet, maar schuift ‘zonder erg’ langs het kunststof.

Test

Althans, dat is de bedoeling. Of het zo uitpakt, daarvoor is iets nodig wat niemand wil: een massasprint die fout loopt. ‘We hebben wel een werknemer op zijn fiets er tegenaan gegooid’, zegt Bram Robichez van Boplan, ‘maar de echte test is de praktijk en die wil je vermijden.’

De sprinters die Boplan het laatste zetje gaven voor het maken van de Race Barrier, Jakobsen en Groenewegen, zouden bij deze Scheldeprijs torenhoog favoriet zijn geweest, ware het niet dat Groenwegen een schorsing uitzit als straf voor het ongeluk in Polen en Jakobsen, die in 2018 en 2019 in Schoten won, ervoor kiest zijn rentree zondag te maken in de Ronde van Turkije.

De in Vlaanderen geboren Ierse sprinter van Deceuninck-Quick Step, Sam Bennett, is aldus torenhoog favoriet om de afwezige winnaar van vorig jaar, de Australiër Caleb Ewan, op te volgen. Temeer omdat een andere kanshebber, de Franse sprinter Arnaud Démare, niet met zijn ploeg aan de start verscheen wegens een coronabesmetting.

Voordat de mannen finishten, won de Nederlandse sprinter Lorena Wiebes de eerste Scheldeprijs voor vrouwen. En wel geheel volgens de huisstijl: na een massasprint. Dan is het half vier en zouden de mannen volgens het koersboek voor de eerste keer door de finishstraat rijden. Er is geen publiek om zich af te vragen: komen ze met z’n allen of zijn maar een paar renners vooruit? Krijgen we een Veneberg of een WK-sprint?

Waaiers

De wind had iets er tussenin van gemaakt: een kopgroep van 30 renners die halverwege de 194 kilometers lange koers ontstond toen het peloton in waaiers uiteen viel. Maar in die eerste groep zaten vrijwel alle favorieten voor de winst - uiteraard allemaal sprinters. Ver voor de finish was daarmee duidelijk: de winnaar van de 109de Scheldeprijs zal alweer een sprinter zijn.

Het werd het 23-jarig Belgisch sprinttalent Jasper Philipsen van Alpecin-Fenix, die, volgens het boekje gelanceerd door twee ploeggenoten, Bennett met een halve fietslengte versloeg. Daarachter zat Bennetts ploeggenoot Mark Cavendish, drievoudig winnaar van de Scheldeprijs. Grote verliezer werd de Duitse sprinter Pascal Ackermann, die liefst vier ploeggenoten had om voor hem de sprint aan te trekken.

Ackermann was gebrand op revanche. Hij werd vorig jaar tweede, maar werd uit de uitslag geschrapt omdat hij in de massasprint een nare valpartij veroorzaakte. Die bleef dit jaar uit. De felgele, schokabsorberende kunststof finishstraat werd dan ook wederom niet onderworpen aan een ongewenste praktijktest.

Wiebes wint eerste Scheldeprijs voor vrouwen

De Nederlandse Lorena Wiebes heeft de eerste Scheldeprijs voor vrouwen gewonnen. De 22-jarige sprinter van Team DSM versloeg de Deense 21-jarige Emma Norsgaard en Italiaanse Elisa Balsamo, 23 jaar. Wiebes won, net als vrijwel altijd het geval is geweest in de 108 keer dat de mannenwedstrijd werd gereden, na een massasprint.

De Scheldeprijs met start en finish in Schoten, een voorstad van Antwerpen, werd verreden onder barre weersomstandigheden die weinig met de lente te maken hadden. Kou, wind en af en toe een hagel- of regenbui zorgden voor een onrustige koers met veel valpartijen, vooral op de gladde kasseienwegen die ook tot het 136 kilometer lange parcours behoorden.

De 18-jarige Nederlandse Daniek Hengeveld ontsnapte op 45 kilometer van finish aan de chaos en pakte een voorsprong van anderhalve minuut, totdat DSM en Movistar, de ploegen van de sprinters Wiebes en Norsgaard het heft in handen namen. Met 4,5 kilometer te gaan was het peloton compleet en begon de tweestrijd tussen Wiebes en Norsgaard met de eerste als winnaar. ‘Er stond wel wat wind’, blikte Wiebes, de Nederlands kampioen van 2019 terug, ‘maar daardoor ontstonden geen verschillen. De sprint was chaotisch, maar mijn ploeggenoten brachten me in de juiste positie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden