Bondscoach Sarina Wiegman werd in 2017 Europees Kampioen met de vrouwenvoetbalploeg.

Interview Sarina Wiegman

Voor bondscoach Wiegman is alles anders nu: ‘De speelsters gingen van meisje naar jonge vrouw’

Bondscoach Sarina Wiegman werd in 2017 Europees Kampioen met de vrouwenvoetbalploeg. Foto Klaas Jan van der Weij

De Europese titel voor de vrouwenvoetbalploeg moest het begin zijn van meer. Bondscoach Sarina Wiegman staat met haar team aan de vooravond van plaatsing voor het wereldkampioenschap. ‘We worden vaak als voorbeeld gezien, ook van lekker normaal doen.’

Omkijken naar oranje zeeën van enthou­siasme op de tribunes is verleidelijk. Vooruitblikken is interessanter. Bondscoach Sarina Wiegman (48) geniet van het samenzijn met haar internationals, van de progressie van het elftal. ‘Deze week nog, een pass- en trapvorm. De bal werd keihard ingespeeld. Shanice van de Sanden kaatste zo goed. Gaaf om te zien. Dat is echt een verschil met drie jaar geleden. Maar het is nooit klaar.’

De Europese titel van vorig jaar augustus was een nieuw vertrekpunt. Wiegman observeert hoe haar spelers omgaan met roem. De meesten waren relatief onbekend, totdat ze zes duels op rij wonnen bij het EK in Nederland en de voetballiefhebbers onderdompelden in een vrolijk zomergevoel. De status van het elftal nam een vlucht.

Lieke Martens tekende voor Barcelona en vloog met Lionel Messi naar uitreikingen van grote prijzen. Ze stond gearmd met Ronaldo op het podium, als beste van Europa. Haar liefdesleven haalt de bladen. Shanice van de Sanden viel tijdens de finale van de Champions League in bij Lyon en besliste de wedstrijd tegen Wolfsburg met drie voorzetten in luttele minuten. En nu kan Nederland zich dinsdag in Oslo plaatsen voor het WK van volgend jaar in Frankrijk.

De eerste stap Juli vorig jaar, het Nederlands elftal wint op het EK van Zweden en zal, onder leiding van Sarina Wiegman (rechts), later de titel pakken. Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

CV Wiegman

1969: geboren op 26 oktober in Den Haag. Voetbalt onder meer bij ESDO, Celeritas, North Carolina en Ter Leede.

2001: eerste vrouw die grens van 100 interlands passeert.

Vanaf 2006: trainer bij onder meer Ter Leede en ADO Den Haag, vrouwen. Wint landstitel met ADO in 2012, beker in 2012 en 2013.

2014: assistent-coach vrouwenteam.

2016: hoogste trainersdiploma, als derde vrouw, na Vera Pauw en Hesterine de Reus.

December 2016: bondscoach, als opvolger van de ontslagen Arjen van der Laan.

2017: Europees kampioen met nationale ploeg. Uitgeroepen tot trainster van het jaar bij de FIFA.

Wiegman is getrouwd en heeft twee dochters.

Leerproces

Wiegman: ‘Ik vind de speelsters niet veranderd en hoop dat het zo blijft. De wereld om hen heen is veranderd. Ze worden anders benaderd. Daaraan moeten ze soms wennen. We geven grenzen aan. Dat is een leerproces geweest. Daarbij heeft iedereen zijn eigen karakter. Shanice is extravert. Dat was ze al voor het EK. Zo is haar spel. Zo is ze als mens. Lieke Martens heeft een enorm leerzaam jaar gehad.

‘De verwachtingen zijn totaal anders dan voorheen. Tegenstanders bouwen een muur rond het strafschopgebied. Veel mensen zeiden: oh, dat WK halen jullie makkelijk. Of: ach, jullie worden wel even wereldkampioen. Hoho, we ­waren één keer eerder geplaatst voor een WK. Tegen Ierland hebben we gelijkgespeeld, verder hebben we alles gewonnen. Dat vind ik knap, zeker als ik zie wat op de speelsters is afgekomen.’

De ploeg is mentaal en in speltechnisch opzicht gegroeid. ‘We zijn weer een stapje verder in het voetballen. Meer volwassen. Bewuster. Voor het EK zaten de speelsters ergens tegenaan te hikken: iets doorbreken, winnen van een topland. Dat lukte. Het tempo van het spel ging omhoog, tijdens de voorbereiding al. Dat vond ik bijzonder. Het was een omslag in de ontwikkeling. De speelsters gingen van meisje naar jonge vrouw, van Nederlandse competitie naar buitenlandse competities. Van goede clubs in het buitenland naar topclubs in het buitenland. Ze trekken elkaar mee.’

Wiegman werd een half jaar voor het EK aangesteld als opvolger van de ontslagen Arjen van der Laan, door ingrijpen van de ook allang vertrokken technisch directeur Hans van Breukelen. ‘Dat was vervelend voor Arjen van der Laan, maar de beslissing moest wel genomen worden. Ik ben bescheiden, maar ik vind wel dat ik de logische opvolger ben.’

Speelsters van het Nederlands vrouwenelftal juichen tijdens de huldiging nadat Denemarken is verslagen in de finale van het EK vrouwenvoetbal. Foto ANP

Geen eendagsvlieg

Het EK is een herinnering van goud. Volle stadions, bijna 35 duizend toeschouwers in Enschede. ‘Dat was zo mooi. Daaraan raak je nooit gewend. In Heerenveen maakten we, onlangs in de WK-kwalificatie, kort voor tijd ­1-0 tegen Slowakije. Je voelde het hele stadion. Toen de bus het volle plein opdraaide in Utrecht, voor de eerste EK-wedstrijd, ging er zo veel door me heen. Van niet eens gedoogd worden als voetballer naar dat plein met al die mensen, terwijl we nog geen bal hadden getrapt. Dat had ik niet eens durven dromen. Maar we hebben na het EK meteen een nieuw doel gesteld. We willen geen eendagsvlieg zijn. We willen structureel bij de top horen. Daarbij hoort plaatsing voor het WK. Beter worden dus, in een veranderde omgeving. Op de training constateer ik toegenomen kwaliteit. Bij de eerste aanname bijvoorbeeld. We deden deze week een positiespel, weer in een kleinere ruimte dan voorheen. Oei, dacht ik, die ruimte zal misschien te klein zijn. Dat was helemaal niet zo.’

Ook de omgeving van de bondscoach zelf is veranderd. Van een ambitieuze, ­relatief onbekende trainer is ze geworden tot trainer van het jaar bij de Fifa, afdeling vrouwen, waar icoon Zidane won bij de mannen. ‘We hebben iets neergezet. We worden gezien nu. Er wordt geluisterd. Mensen zien: daar is kwaliteit geleverd. Dat is het grootste verschil met voorheen. Ook daarvoor leverden we misschien kwaliteit, maar dat is niet zichtbaar voor de buitenwereld. We worden nu vaak als voorbeeld gezien, ook van lekker normaal doen. Je stinkende best doen. Je hele hebben en houwen erin stoppen. Het is wat het is.’

Cruciaal duel met de noren

Nederland kan zich komende dinsdag in Oslo plaatsen voor het WK van 2019 in Frankrijk. Oranje, dat in zeven duels 19punten haalde, is koploper in groep3 van de Europese kwalificatie. ‘We vinden dat we thuishoren op het WK’, aldus bondscoach Sarina Wiegman, die bij het vorige WK in Canada assistent was van toenmalig bondscoach Roger Reijners. Nederland verloor destijds, bij zijn WK-debuut, in de achtste finales van Japan. Deze kwalificatie won Nederland het thuisduel van de Noren met 1-0 en speelde sindsdien, in een groep met ook Ierland, Noord-Ierland en Slowakije, alleen thuis gelijk tegen Ierland. Mocht Nederland in de groep als tweede eindigen, dan volgen in het najaar twee play-offs met andere nummers twee.

Niet op de voorgrond

Zo voetbalde ze zelf ook. Begonnen met een jongenskapsel, omdat jongens en meisjes niet samen mochten voetballen en meisje Sarina uit de Haagse ­Molenwijk zo graag wilde. Fanatiek als bepalende middenvelder, later ook verdediger. Goede techniek, mooie pass, het frêle lijf. Ze kreeg een schaal van Van Gaal in 2001, omdat ze recordinternational werd rond een oefenduel met Denemarken in Hoogeveen. ‘We speelden in drie dagen twee interlands. Ik moest tussendoor terug naar Den Haag, want op de school waar ik lesgaf was ouderavond. Dat zou nu ondenkbaar zijn. Later dacht ik: ik ben gek ook, maar dat was toen gewoon niet te regelen. Van al die veranderingen ten goede sindsdien, kan ik emotioneel worden.

‘Dat fanatisme, dat ben ik ja. Het kan niet anders. Anders kun je niet op dit niveau werken, dan kun je geen topprestaties leveren. Het leven om me heen is alleen veranderd, want er komt meer op me af. Dat moet ik duidelijk afbakenen. We stemmen binnen de staf duidelijk taken af, om nog meer kwaliteit te leveren.’

Ze doet niet mee aan quizzen op tv. Ze hoeft niet op de voorgrond. Het leven verloopt soms al vreemd genoeg. Vlak voordat Oranje Europees kampioen werd, werd haar man Marten Glotzbach ontslagen bij de amateurs van Monster. ‘Dat was vervelend. Maar voetbal is emotie. Je weet dat dat het risico van het vak is.’ Hij is onlangs weer begonnen als coach van ADO, bij de meisjes onder 16 jaar. ‘Ik zou het liefst zeggen dat we het niet vaak over voetbal hebben samen, maar dat is niet waar. Een van onze dochters zit bij haar vader in het team. De ander is zwaar geblesseerd nu. Wij letten er alleen heel erg op dat het niet altijd over voetbal gaat.’

Bondscoach Sarina Wiegman tijdens een training van de Oranjevrouwen in het Abe Lenstra stadion in aanloop naar de WK-kwalificatiewedstrijd tegen Slowakije. Foto ANP

De mannen

Natuurlijk profiteerde de vrouwenploeg op het hoogtepunt van de populariteit, ruim een jaar geleden, ook van de crisis in het mannenvoetbal. Zo was de stemming: kijk naar die onbevangen, aardige vrouwen zonder vedetteneigingen. ‘Het werd erg tegen elkaar afgezet. Het was een extraatje dat ons in een goed daglicht zette. Wij hebben dat niet opgezocht. Wij hopen dat het de hele KNVB goed gaat, we willen met beide teams enthousiasme wekken.’

Daarbij valt nog genoeg te doen. ‘Qua faciliteiten ligt het vrouwen- en meisjesvoetbal nog steeds achter. Het gaat heel erg vooruit, maar het kan nog veel beter. Vanaf 12 of 14 jaar moet een meisje ook in een topsportklimaat kunnen komen, met goede trainers en goede faciliteiten. Dat gebeurt nog echt te weinig. Ook bij amateurclubs worden meisjes vaak apart neergezet.’ In sommige landen zijn de profcompetities ook beter, qua faciliteiten en geld. ‘Dat moeten we inhalen.’

Ze stelt voor hoe het beter kan, om te beginnen bij de basis. ‘Er komt een kind van 5 of 6 jaar binnen. Dat geef je een plek dat bij dat kind past, qua niveau, ambitie, beleving en leeftijd. En dan hangt het van het kind af hoelang het gemengd blijft voetballen. We moeten ook meer trainers opleiden, want het gaat om de kwaliteit van training. Meisjes trainen nog vaak op een achterafveldje met superenthousiaste ouders, die alles regelen. Maar ze kunnen eigenlijk geen training geven, met alle respect.

‘En je hebt nog enorme leeftijdsverschillen. We hebben niet genoeg meisjes bij al die verenigingen. De niveauverschillen zijn ook vaak enorm. Dat is voor een meisje van 16 die er niet zo veel van kan niet leuk, maar voor dat goede meisje van 12 ook niet. En dan hoor je ook nog de domste dingen aan de kant. Coaching, taal, communicatie, wat je uitstraalt, dat is zo belangrijk. Daarmee ben ik erg bezig. Als je spelers alleen zegt wat ze niet mogen doen, gaan ze alleen denken aan wat ze niet mogen doen. Maar dan weten ze niet wat ze wel moeten doen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.