NIEUWSGROEPSTRAINING OP AFSTAND

Voetbaltraining op 1,5 meter afstand? Oefenvormen genoeg

Zijn groepstrainingen mogelijk als spelers op 1,5 meter van elkaar moeten blijven? Erkende vakidioten en trainers-in-ruste Foppe de Haan en Ricardo Moniz schetsen desgevraagd vijf mogelijke oefenvormen.

Coach Ricardo Moniz van Excelsior Rotterdam.Beeld BSR Agency

1 Aanvalsopbouw trainen

Voetbal is een teamsport, dat maakt gezamenlijk trainen wenselijk. Foppe de Haan, die Jong Oranje tweemaal naar de Europese titel leidde en Heerenveen naar de Champions League: ‘Je moet elkaar begrijpen, aanvoelen. Dat zal na een paar maanden niet zomaar weg zijn. Maar de mens is ongeduldig van aard, trainers willen graag controle houden. Er zijn op zich ook genoeg pass- en trapvormen te bedenken die je met genoeg afstand van elkaar kunt uitvoeren.’

Bijvoorbeeld het nabootsen van een aanvalsopzet. ‘Je maakt tweetallen die vijf of tien meter tegenover elkaar staan en om de beurt in lichte looppas richting doel opschuiven. Ondertussen passen ze de bal steeds net iets voor de ander. Op de rand van het zestienmetergebied kun je nog een spits neerzetten. Die wordt uiteindelijk aangespeeld. Beide spelers gaan naar de zijkant. De spits speelt een van de spelers aan, die geeft voor en de spits rondt af.’

2 Verbeteren coördinatie, vaardigheid, explosiviteit, interactie

De Haan: ‘Maak weer tweetallen die op drie meter afstand van elkaar staan. Plaats bij een van de twee een poortje van een meter hoog. De ene speler gooit aan, de ander moet over het poortje springen en tegelijkertijd de bal terugkoppen. Of hij moet de bal achter het poortje aannemen op zijn borst, knie of voet en die door de lucht terugspelen in de handen van de ander. Daarna wisselen. Hierbij kan iedereen op één veld staan.’

3 Passeervermogen en wedstrijdconditie vergroten

Ricardo Moniz, die de dubbel won met Red Bull Salzburg, opgeleid is door de befaamde voetbalpionier Wiel Coerver en tal van topvoetballers intensief trainde, maakte de dvd ‘Muurtraining’. ‘Thuis met een muurtje kun je al verschrikkelijk veel doen. De bal ertegenaan tikken, hem daarna meenemen, een passeerbeweging maken langs een denkbeeldige tegenstander, terugkappen en weer tegen de muur schieten bijvoorbeeld.’

Wie dat lang en vaak genoeg doet, kan ook thuis zijn wedstrijdconditie en balbehandeling op peil houden. Maar voor veel spelers is het lastig op te brengen, weet Moniz uit ervaring. ‘Ze zijn gewend dat een trainer ze aanspoort en variatie aanbrengt. 

Omdat fysiek contact uit den boze is, zou hij spelers van achterlijn naar achterlijn laten dribbelen. ‘Je hebt geen directe tegenstander nodig. Gewoon met de bal aan je voet versnellen, denkbeeldige tegenstanders passeren. Door dat gezamenlijk te doen onder begeleiding van een trainer kan niemand verzaken.’

4 Duelkracht trainen

De Haan: ‘Toen ik trainer was in Zuid-Afrika trainden we vaak met dikke stootkussens waar ook rugbyers mee trainen. Perfect om de duelkracht mee te vergroten. Je traint je spieren op een veel actievere manier dan in het krachthonk, je bootst er een echt duel mee na, je leert je lichaam beter te gebruiken zonder dat je aan elkaar zit.’

5 Specialisaties perfectioneren

Moniz: ‘Tactische trainingen zijn op zich goed mogelijk. Centrale verdedigers die inschuiven op het middenveld; dat is ook zonder directe tegenstanders trainbaar. Maar ook voor het perfectioneren van een sliding heb je niemand nodig. Tik de bal voor je uit, sprint erop af en tik hem glijdend weg, of houdt hem onder controle en sta direct weer op.’

Wat Moniz ook aanbeveelt is trainen op afstandsschoten. ‘Er zijn zoveel varianten: de wegdraaiende trap, de zwabbertrap, de pegel met de wreef, het geplaatste schot met de buitenkant. Iemand geeft de bal aan en jij schiet met links en rechts op doel. Ook voor de doelman is het prettig om weer wat ballen op zich afgevuurd te krijgen.’

Voor flankspelers valt een wereld te winnen. Moniz: ‘Zet een pop neer aan de zijkant van het strafschopgebied. Laat jouw buitenspelers á la Arjen Robben vanaf de zijlijn met de bal aan de voet op de pop afrennen, de pop passeren en daarna in de korte of lange hoek schieten. Tijdens de actie kun je nog een schijntrap inbouwen. Heel belangrijk: laat spelers dit ook met hun mindere been doen! Dit is dé kans om je linker- en rechterbeen te verbeteren. Je kan ongelooflijk veel winst pakken.’

Toch zouden beide coaches clubs niet aanraden om nu al gezamenlijk te gaan trainen. De Haan: ‘Je kunt niet met zijn allen de kleedkamer in, en er moet telkens uitgebreid getest worden. Een actieve voetballer transpireert, rochelt en leegt zijn neus. 1,5 meter lijkt me wat te weinig. Bovendien zijn partijspelen onmogelijk.’

Moniz: ‘De situatie moet helemaal onder controle zijn. Je moet er met je hoofd bij zijn, geen angst hebben. Anders werkt het averechts.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden