Interview Robin van Persie

Voetballer Robin van Persie blikt nog één keer terug: ‘Wat ik wil meegeven: tot je 24ste is geld totaal onbelangrijk’

Van Persie, hier op een portretfoto uit 2008, maakte veel mee en zag vele dromen uitkomen. ‘Ik had als jongen uit Kralingen nooit rekening gehouden met de reis die ik mocht beleven.’ Beeld Krijn van Noordwijk/Lumen

Aanvaller Robin van Persie (35) wilde pas na zijn afscheid als voetballer terugkijken. Een monoloog over jeugd, leerproces en toekomst.

 ‘Als ik eerlijk ben, leefde ik niet als prof in mijn eerste jaren. Terwijl het mijn passie was, mijn droom. Ik was een zware liefhebber, maar stond ook een potje te poolen om twee uur ’s nachts, de dag voor de wedstrijd. Als prof moet je geduld hebben. Alles moest zo snel mogelijk. Als jonge jongen moet je proberen de bigger picture te zien. Het is niet erg om af en toe op de bank te zitten. Als je de minuten die je krijgt goed benut, maak je ook indruk.

Ze vragen weleens: heb je dingen gemist? Want ik ging niet naar Lloret de Mar toen ik zestien was. Ik was constant aan het voetballen, in mijn kleine wereld. Ik zou willen zeggen: heb geduld. Uitgaan, veel vrienden hebben, dat is allemaal niet zo belangrijk. Het belangrijkste is: goed je rust pakken. Goed eten. Het voetbal gaat je dan veel teruggeven.

Als jonge jongen leef je in je kleine wereldje en ben je snel tevreden met je prestatie. Dat ga je anders zien. Ik stelde me vragen: wat moet beter om een topper te worden? Dan zie je dat je op veel fronten beter kan of moet. Ik weet nog dat ik tegen Ajax een keer een vrije bal tegen de lat schoot. Helemaal top. Genieten. Vijf jaar later vond ik dat niets. Die bal moest erin. Ik ging ook zuiniger spelen, volwassener. Omdat je ziet wat het is om tien ballen te verliezen in één wedstrijd. Dan ben je in mijn ogen geen absolute topper.

Ik kwam dingen tegen in mijn spel die ik niet goed vond. Ik vond mezelf een goede speler, maar geen topper. Ik ging nadenken: wanneer een actie, wanneer niet. Veilig spelen op mijn eigen helft. Wat bleek: de meeste doelpunten vallen in een driehoekje, van de zijkant van het vijfmetergebied tot de elfmeter ongeveer. Daar moest ik komen. Ik ging steeds meer van mezelf eisen.

Als je uit de jeugd komt, is alles leuk. Dan doe je alles samen en ben je vrienden. In het eerste elftal kreeg ik op een gegeven moment een opmerking, na een hakje met balverlies: ‘Je speelt met mijn geld’. Ik speelde helemaal niet voor geld. Geld bepaalt niet mijn status. Op een gegeven moment denk je alleen: wie ben ik nou? Waarvoor sta ik? Wat ik wil meegeven: tot je 24ste is geld totaal onbelangrijk. Natuurlijk moet je in die vijftien jaar zorgen dat je daarna een prima leven kan hebben. Maar tot je 24ste moet je puur kiezen voor een club of een filosofie die bij je past.

Later leer je dat het gaat om iets samendoen, door een goed gevoel met elkaar te krijgen. Als je bijvoorbeeld een vrije trap door een ander laat nemen, creëer je een goed gevoel. Dan krijg je de bal toch net wat vaker. Dat samen doen zit in veel kleine dingetjes: een leuke kerstmisparty samen, een goed gesprek. Vanuit dat goede gevoel presteer je beter, zonder meteen iets terug te verwachten. Bij Arsenal was dat top. Bij Manchester United ook, maar daar was het door de invloed van manager Alex Ferguson. Die zei gewoon: die bal moet naar Robin. Verzin maar hoe jullie dat doen. Dit is hoe hij loopt en wanneer hij vertrekt. Vind hem.

Per toeval werd ik spits. Bij Oranje, door bondscoach Marco van Basten. Er was iets met Kuijt en Van Nistelrooij. Marco zei: jij in de spits. Ik antwoordde: dat kan ik helemaal niet. Ik was bijna altijd rechtsbuiten. Het was Bulgarije-uit en ik scoorde. Een paar wedstrijden later ging ik weer in de spits. Arsène Wenger (trainer bij Arsenal, red.) had het ook gezien. Het seizoen erop ging Adebayor naar Manchester City en vroeg ik aan Wenger of er nog iemand bijkwam. Hij zei: nee, jij wordt mijn nieuwe spits. Toen ging ik scoren, zonder klassieke spits te zijn. Eigenlijk was ik een 9,5. Bij Arsenal paste ook iedereen zich aan mijn loopacties aan. De laatste twee jaar speelde het team echt voor mij. Daardoor kon ik scoren en excelleren. Ook op mijn recordaantal doelpunten in Oranje (50) ben ik trots. Dat had ik nooit verwacht. In de jeugd stond ik nooit spits. Het was nooit een doel om topscorer te worden.

Gelukkig werd het Arsenal, na Feyenoord. Ook weer toevallig. Het was die avond na Ajax 2 – Feyenoord 2 (supporters van Ajax betraden het veld en molesteerden spelers van Feyenoord onder wie Van Persie, red.). Vanuit die negatieve ervaring ontstond iets prachtigs. Mijn vader was iets eerder weggegaan en was bij hotel Van der Valk een biertje halen. Toevallig sliep de chief scout van Arsenal, Steve Rowley, in dat hotel. Mijn vader had net gehoord wat er was gebeurd. Die moest even kalmeren. Ze komen elkaar tegen bij de bar. Mijn vader zegt: by the way, als jullie nog wat willen, moet je nu handelen, want ook andere clubs willen Robin hebben. Toen is dat proces versneld. Misschien was het bestemming. Het was een droom, Arsenal. Een kid in the sweetshop.

Voor het zwarte gat ben ik niet bang. Maar ik zal na een rustig jaar zonder grote verplichtingen een nieuwe passie moeten ontdekken, of dat nu werken voor tv is, trainer zijn of wat dan ook. Ik ga komend seizoen wedstrijden analyseren, in Engeland. Niets moet. Easy going. Je wilt wat blijven betekenen, een verschilletje maken. Het voetballen heeft de mens van me gemaakt die ik ben geworden. Niet perfect. Ik had als jongen uit Kralingen nooit rekening gehouden met de reis die ik mocht beleven. Als je dat dan ziet: veertien jaar in het buitenland gewoond. Topwedstrijden gespeeld. Speciale mensen leren kennen. Harde keuzes gemaakt. Afstand nemen van mensen die kort bij me stonden. Anderen toelaten. Ik zal het missen, de spanning, de opbouw, de aanloop naar een wedstrijd. Ga ik scoren? Gaat het lukken. Maar ik heb het beleefd. Talloze malen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden